geef uw geld meer waarde

BELEGGEN? JA, maar niet ten koste van DE PLANEET EN DE SAMENLEVING! VIa DEZE one-stop-shop kan je in meer dan 100 ethische beleggingsverzekeringen investeren. Beschikbaar vanaf € 104 (periodiek beleggen) of € 2.600 (eenmalig BELEGGEN).
Wat past het best bij jouw principes en risiCoprofiel? we zoeken het samen uit: ☎ 09/395 03 03 – ⌨ info@ethischbeleggen.com

1 jaar SFDR: cosmetica helpt altijd.


Sinds 10 maart 2021 is in Europa de regelgeving rond duurzame financiering van kracht. Sindsdien moeten alle er aangeboden beleggingsfondsen in hun kaarten laten kijken wat hun duurzaamheidsaanspraken betreft. Europa wil dat de geldstromen opschuiven richting duurzaam beleggen. Dit is 1 van de middelen om de weg naar een betere wereld (minder vervuiling, minder uitbuiting, …) te plaveien. Maakt deze regelgeving iets uit of niet? Onze bevinding na 1 jaar SFDR? Cosmetica helpt bij verleiding.

Europa spande karren voor het paard.

Helaas wordt wetgeving soms ingevoerd als ze nog niet voldragen is. Zo had de EU Taxonomie per 10/03/2021 nog niet definitief afgeklopt wat duurzaam is. En wat het niet is. Tevens zijn de rapporteringsverplichtingen die (grote) bedrijven rond hun duurzaamheidspositie na te leven hebben nog niet van kracht.

Maar soit, SFDR werd uitgerold. Ieder fonds moest van zichzelf bekennen dat het ofwel

  • niet wakker lag van ESG (erkend als een artikel 6– of een grijs fonds),
  • aandacht besteedde aan minstens 1 aspect uit het ESG-spectrum (dan kon het zich als een artikel 8– of lichtgroen fonds omschrijven)
  • doelbewust en meetbaar verbeteringen op ESG-vlak beoogt (dan mag het zich een artikel 9– of donkergroen fonds noemen)

Dus in feite moesten fondsen hun kaarten op tafel leggen, terwijl ze nog niet over alle gegevens om ze degelijk in te vullen konden beschikken.

Watskeburt?! 

We mogen niet iedere fondsbeheerder over dezelfde kam scheren. SFDR is niet volledig op een schijnmanoeuver uitgedraaid. Er zijn bij diverse fondsbeheerders echte verschuivingen in het beleid geweest. Sommige trendsetters gebruikten de invoering van SFDR als een aangewezen moment om zichzelf nog een scherper profiel aan te meten. Of om dit profiel definitief te verankeren. Zo verplichten artikel 9-fondsen zich voortaan tot meetbare resultaten. En hiermee is een stuk vrijblijvendheid weggegomd.

Een pak fondsbeheerders keken aanvankelijk de kat uit boom. Eerst even kijken hoe anderen dat aanpakken. En dan zien of men zichzelf beter kon profileren.

Maar al vlug ontstond een vlucht vooruit. Richting artikel 8. Fondsbeheerders zagen in dat artikel 6-fondsen de kans liepen om als paria ontweken te worden door steeds meer beleggers. En ze kwamen er achter dat “aandacht besteden aan minstens 1 ESG-aspect” ook voor een minimalistische interpretatie vatbaar is. Een lichte niet-definiërende aanpassing van het fondsenbeleid volstond vaak. Sommige fondsbeheerders grepen de wetgeving aan om bestaande fondsen samen te voegen. Af en toe werd die ingreep ook nog opgesmukt met een naamswijziging waarbij gretig met ESG en SRI/ISR uitgepakt werd. In de praktijk blijkt er vooral een hergroepering aan de onderkant van de markt.

De hoop van de wetgever dat het kaf van het koren kon gescheiden worden en de SFDR-regelgeving duidelijkheid zou scheppen en greenwashing kan tegengaan lijkt 1 jaar na de feiten ijdel. Veel fondsbeheerders gedroegen zich opnieuw als marketeers. Die hun producten -liefst voorzien van blinkende epauletten en zelf toegekende eretekens- vooraan in de etalage zetten.

U wil verleid worden? Daar wordt voor gezorgd!

SFDR: cosmetica helpt bij verleiding
De opsmukoperatie is in volle gang

Sommigen hebben de rol gelost of pikten niet tijdig aan toen de markt verschoof. Zij bleven achter met een artikel 6-profiel. Daarbij zullen er zeker enkele zijn die die stempel als een geuzennaam zullen koesteren. Fondsen die grossieren in sin stocks, vermogensbeheerders, die de ganse duurzaamheidsgedachte een hype noemen en alleen kijken naar financieel rendement en niets anders,… kunnen op hun artikel 6-status proberen kapitaliseren.

De meeste beheerders kozen echter eieren voor hun geld en verschuilen zich momenteel achteraan in het groot peloton van lichtgroene aanbieders. In plaats van aan zichzelf te werken, kozen ze er voor langs de plastisch chirurg te passeren. Ook zo kunnen ze voor de belegger wie ook niet-financiële doelen met zijn geld nastreeft nog voldoende aantrekkelijk uitzien. Het is de praktische vertaling van wat onze ouders reeds wisten: “de wereld wil bedrogen worden”. In de voorkeurtaal van Bart De Wever “Mundus vult decipi, ergo decipiatur“. De spreuk wordt toegeschreven aan Petronius, auteur van onder meer Satyricon. Satirycon wordt omschreven als een schelmenroman, een beetje de Ik, Jan Cremer uit de Romeinse tijd.

De schelmen zijn dan de fondsbeheerders, die commerciële belangen laten primeren op inzet en eerlijkheid. Maar ook de gemakzuchtige belegger of zijn adviseur, die niet de moeite doen om verder te kijken dan de ronkende naam van het fonds en de stempel die er op aangebracht is. En zo wordt greenwashing in stand gehouden. En regelgeving van haar zinvolheid ontdaan.

Bewijzen gevraagd.

Zijn bovenstaande boude beweringen niet ietwat gratuit? Tja, het is maar hoe je het bekijkt. Ik zie er alvast 2 aanwijzingen voor.

  1. Het Febelfin Towards Sustainability-label kondigde verscherping van haar eigen toegangscriteria aan. Per 01/2022 zouden we hiervan de gevolgen zien. In de pers bleef het alvast muisstil toen die datum verliep. Per eind februari zien we alleen dat het aantal toegetreden fondsen ondanks de verscherpte criteria nog met +/- 10 %  gestegen is. Nochtans kan je verwachten dat als je de lat hoger legt, er dan minder gegadigden zijn die er kunnen overspringen. Op de specifieke fiches die van elk fonds gepubliceerd zijn, puilt het uit van artikel 8-fondsen.
    1. per 3/06/2021 vinden we in dit artikel (dat de herziening en verstrenging van de norm aankondigt)  dat het gaat over + 580 beleggingsproducten.
    2. op 28/02/2022 (na ingaan van verstrenging) vinden we op de site van Towards Sustainability dat ze 646 gelabelde producten hebben.
  2. Morningstar, een financiële informatieaanbieder, telde eind september 2021 6.147 Europese duurzame fondsen in haar eigen classificatie. Verwonderd door de grote hoeveelheid, ging ze er zelf met de kam door. Uiteindelijk weerhield ze enkele maanden later, eind 2021, nog 4.461 fondsen, die ze als duurzaam omschrijft. Met andere woorden: meer dan 27 % van de fondsen  sneuvelden op inhoudelijke criteria eens je er wat nader naar keek (*). Inmiddels hebben fondsenhuizen meer dan 6.650 fondsen ondergebracht in categorie 8 of 9. Een groot verschil met wat Morningstar zelf als norm stelt. In een artikel gepubliceerd in de Tijd van 21/02/2022 stelt de instelling dat er een risico op greenwashing is bij +/- 90 % van de fondsen die zich in de lichtgroene categorie (art. 8) inschreven.

De nabije toekomst oogt niet veel beter.

Per 02/08/2022 moeten financiële adviseurs (bankiers, vermogensbeheerders, verzekeringsmakelaars, …) in hun geschiktheidstoets mbt. de beleggingen die de klant mag én kan onderschrijven ook polsen naar diens duurzaamheidsvoorkeuren. Als dit correct gebeurt is de verwachting dat de meerderheid van de ondervraagde kandidaat-beleggers zich toch zal uitlaten pro duurzaamheid. Slechts weinigen zullen spontaan bekennen dat ze geen donder geven over de wijze hoe rendement bekomen wordt. Al is het maar omdat we als mens meestal geneigd zijn om ‘ons beste zelf’ naar voor te schuiven in de confrontatie met de buitenwereld. Waarom gebruiken we anders al die filters bij Instagram en posten we alleen de foto’s van leuke momenten op sociale media?

Op dit moment weet ondergetekende nog niet hoe die duurzaamheidsvoorkeuren uiteindelijk zullen opgelijst worden.

  • Als dit via simpele binaire JA/NEE-vragen gebeurt, lijkt het duidelijk dat duurzaamheid belangrijk gevonden zal worden.
  • Gebeurt dit gesofisticeerder of gedetailleerder, dan bestaat de kans dat ook daar meer aandacht voor duurzaamheid uit blijkt. Stel bijv. dat je dient te vragen of het al dan niet belangrijk is voor jou als belegger dat je product wegblijft uit kinderarbeid, uit fossiele brandstoffen, … . Of dat het bedrijf waarin je belegt de omgeving mag vervuilen, geen gelijk loon-beleid voor mannen en vrouwen heeft, … .

Dus als je uit de toetsing kan verwachten dat de meerderheid van de beleggers in mindere of meerdere mate duurzaamheid een belangrijk element zal vinden, dan weet je dat je als aanbieder van een artikel 6-fonds geen kans meer maakt om aangekocht te worden. Het aanzuigeffect om toch over te stappen naar artikel 8 zal dan nog sterker worden. Maar of je daarmee de intentie om echt op verduurzaming in te spelen hebt, laat staan de competentie in huis hebt om dit zinvol te integreren in je fonds? Dit komt alvast niet vanzelf. Sta me dus toe hierover te twijfelen.

Conclusie

SFDR: cosmetica helpt bij verleiding
over smaken en kleuren valt niet te twisten. Maar zelfs een kleurenblinde beseft dat lichtgroen in vele versies beschikbaar is.

Een vermindering van het aantal artikel 6 fondsen blijkt alvast geen bewijs dat greenwash vermindert en het duurzaam financieel aanbod aangroeit. Wat toch de basisdoelstelling achter het invoeren van de SFDR-regelgeving was. Er zijn tal van fondsen die zichzelf opgewaardeerd hebben van grijs naar lichtgroen in de hoop hun aantrekkelijkheid voor de “duurzame” belegger” te behouden. Voor de leek (en zelfs de geïnteresseerde particuliere belegger) blijft het quasi onmogelijk om koren van kaf te scheiden. Fondsbeheerders springen met graagte in de categorie lichtgroen (artikel 8) omdat het een open standaard is. Iets wat ze naar believen zelf kunnen invullen. Er zijn in de cosmeticakoffer meer dan 50 tinten lichtgroen beschikbaar. Dus men vindt makkelijk een teint die bij het eigen gezicht past.


(*): bij de recentste update van onze database met beleggingsfondsen die wij opvolgen, bleken er 2 fondsen een rangverhoging te krijgen in de Morningstar Sustainability Rating, Echter 5 fondsen ondergingen een rangverlaging. Mogelijk zijn deze 5 fondsen dus door de hierboven vermelde strengere aanpak bij Morningstar (of diens rater Sustainalytics) gedegradeerd. We verlaagden hun eindcijfer in onze objectiveringsscore. En dit heeft dan weer invloed op de objectiveringsscores van enkele van onze modelportefeuilles.


Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.