Categorieën
home

Vangnetten bij elastiekspringen?

 

Beleggen” en “risico” lijken onlosmakelijk met elkaar verbonden. Dat is de reden waarom veel mensen er niet aan willen beginnen. Ze hebben een panische angst voor risico. Ze vergeten dat wie géén risico neemt stilstaat. En zoals de volksmond zegt: Stilstaan is achteruitgaan. Anderen krijgen een kick van risico en gaan het daarom steeds verder zoeken. Tot in het onvoorzichtige toe.

veiligheid ook mogelijk in beleggignsland?
veiligheid ook mogelijk in beleggingsland?

Gelukkig hebben de meesten onder ons een ingebouwde rem, die ook bij risico op veiligheid aanstuurt. We vinden het normaal dat kinderen met ‘vallen en opstaan’ leren lopen en gunnen hen de valervaring, maar liefst niet op betonnen vloeren of met scherpe voorwerpen in de buurt. We begeleiden onze kinderen in de overstap van driewieler naar echte fiets met steunwieltjes. En leren ze even later aan de hand op 2 wielen hun evenwicht zoeken, vooraleer we ze loslaten. Zonder risico geen vooruitgang, maar zonder basisveiligheid neemt de angst het van ons over en verstijven we.

Om de sprong te wagen van spaarrekening, termijnrekening of kasbon naar echte beleggingsproducten moeten velen ook angsten overwinnen. En sommigen beginnen er nooit aan wegens absolute risico-aversie. Vreemd. Ze beseffen dat fietsers/automobilisten ook in verkeersongevallen kunnen betrokken worden en worden toch fietser/automobilist. Maar ze raken op financieel vlak nooit verder dan de rand van hun spaarboekje.

En inderdaad, net zoals het verkeer moordend kan zijn, kan ook beleggen moordend zijn. Onvoorbereid in het verkeer stappen is een hoog risico nemen, net zoals onvoorbereid op eigen houtje beginnen beleggen dat kan zijn. Daarom is het goed om ook na te denken over beveiliging vooraleer je de sprong waagt.

10 jaar geleden had je de hype van ‘kapitaalgarantie’. Deze beloofde je als klant best of both worlds : geen risico op kapitaalsverlies én kans op beursrendementen. Maar naarmate de rente daalde, bleek het steeds moeilijker om die 2 elementen te combineren tot een aanvaardbaar & aantrekkelijk geheel. Het is een beetje alsof je de euforie gepaard gaand met alcoholgebruik probeert te bereiken door steeds maar het alcoholpercentage in uw product te verlagen. Er komt een moment dat er geen effect meer is én het product zijn beoogde doel niet lager bereikt. De laatste jaren zijn kapitaalgarantiefondsen dan ook in een kwalijk daglicht komen te staan: OK, je had je kapitaal terug -verminderd met instapkosten weliswaar-, maar de verhoopte opbrengst bleef uit. Je had je geld dus net zo goed -zoniet beter- op een spaarrekening kunnen laten staan.

Met Ethisch Beleggen focussen wij  op beleggingsverzekeringen (Tak 23). Door hun structuur bieden zij al een gespreid risico. Elk fonds dat in deze belegging opgenomen is bevat verschillende onderdelen (vb. een aandelenfonds zal niet in 1, maar misschien in 20 verschillende bedrijven investeren – een obligatiefonds zal niet 1 krediet van land of bedrijf bevatten, maar er misschien 15 in 1 product opnemen). Hierdoor is de kans dat het totaal fout gaat al sterk gereduceerd.

Met Ethisch Beleggen -zie bijv. onze modelportefeuillesintegreren we dan verschillende van die beleggingen tot 1 pakket. Ook dat vermindert nog eens het risico. In augustus 2012 hebben we zo bijv. nagegaan welk het gewichtigste onderdeel van onze eigen portefeuille – via deze link kan je ze raadplegen – was.  Toen bedroeg dit nog geen 1,5 %. Met andere woorden: zelfs als het zwaarste onderdeel onderuit ging, in faling zou gaan en bijgevolg zijn totale waarde zou verliezen, dan nog behield onze portefeuille 98,5 % van zijn waarde. Dit in de veronderstelling dat de andere onderdelen  noch winst, noch verlies maakten.

Een goede spreiding is daarom al het halve werk. Maar toch is het verhaal hier niet af. Er zijn nu eenmaal momenten dat er collectieve ravages aangericht worden in beleggingsland.

Herinnert u zich deze nog?
Herinnert u zich deze nog?

Zo zit de beurscrash van 1929 in het collectieve geheugen van de oudere generaties. Vlug rijk geworden beleggers werden plots op het verkeerde been gezet en verloren alles. Foto’s van mannen in pak, die uit wanhoop uit ramen van beurshuizen sprongen een gewisse dood tegemoet, kan je opsnorren via internet.

Maar we moeten niet zo ver achterom kijken: wie in 1987, 2002 – 2003, 2008 en 2011 in aandelen zat heeft op korte termijn veel geld verloren. Wie een voldoende lange beleggingstermijn had, kon meestal zijn verlies wel terug goedmaken. Dus ook hier zit een regel in: beleggen is voor de lange termijn.

Echter als je op zo’n moment net aan de kassa wou passeren, bijv. omdat je net 65 jaar werd én er op rekende om je schaarse pensioen aan te vullen met de verkoop van je beleggingsfonds, zat je met een probleem. 30 % waardevermindering was geen uitzondering. Dan zie je natuurlijk een gedeelte van je droom verdampen.

Voor wie de kennis én de tijd heeft om dagelijks met zijn portefeuille bezig te zijn, is dit misschien niet zo erg. Hij of zij kan een tendens zien en er op anticiperen. Of als het verlies toch dreigt op te lopen alsnog verkopen.

Het merendeel van de mensen heeft echter de tijd, de kennis en de interesse niet om zich daarop toe te spitsen. En een verkoper, bemiddelaar heeft ook niet steeds de handen vrij om alles voor al zijn klanten op te volgen. Er kan zich dan ook een probleem voordoen van plotse waardevermindering. Waardevermindering die door gebrek aan betrokkenheid ongemerkt voorbij gaat en waarbij je pas te laat de schadelijke gevolgen kan merken. Om die reden zijn sommige verzekeraars begonnen om in hun beleggingsverzekeringen bepaalde vangnetten te weven.

We hebben het dan niet over een volledige kapitaalgarantie, maar toch over een zekere vorm van kapitaalbescherming. Te weten: strategieën om verliezen te beperken, winsten veilig te stellen en/of uw oorspronkelijke profiel in ere te houden. Strategieën die automatisch toegepast worden en waarbij je dus geen dagelijkse opvolging hebt.

Niet alle verzekeraars waar Ethisch Beleggen mee samenwerkt bieden deze mogelijkheden. Maar bij de meerderheid van onze leveranciers kan je hiervoor wel terecht.  Je moet dus als het ware niet aan de rand van het zwembad blijven staan als je niet kan zwemmen. Je kan –gratis– een zwemband gebruiken. Natuurlijk verhindert het gebruik van een zwemband niet dat je een geut chloorwater kan binnenkrijgen. En dat is niet plezant. Maar de irrationele schrik voor de verdrinkingsdood mag van je afvallen.

Beleggen: doen we het of doen we het niet?
Beleggen: doen we het of doen we het niet?

Waaruit bestaan deze beschermingsmechanismen? Wat zijn met andere woorden de vangnetten die kunnen voorzien worden als je gaat beleggen en je denkt dat beleggen wel erg veel weg heeft van elastiekspringen ? Ik gebruik hieronder eenvoudige bewoordingen. Per verzekeraar kunnen die verschillen. Vaak worden hiervoor ook engelse begrippen gebruikt. Dit oogt blitser.

  • herbalanceren. Deze beveiliging zorgt er voor dat je belegging niet geleidelijk in de tijd van je eigen doelstelling of profiel wegdrijft. Wie kiest voor een gemengde portefeuille (niet al te veel risico, maar ook niet al te conservatief). zal zijn belegging mogelijk opbouwen uit een combinatie van erg veilige – (vb. obligaties), gemengde – en gedeetelijk ook risicovollere fondsen (vb. aandelen).

    evenwicht zoeken op een hellend vlak
    evenwicht zoeken op een hellend vlak

Stel dat je hier kiest voor 1/3 van elk en dat je in totaal € 30.000 belegt. Een eenvoudig rekensommetje leert dan dat je € 10.000 in obligaties belegt, € 10.000 in mengeling van obligaties en aandelen en ook € 10.000 in aandelen. Wat kan er nu gebeuren? Het zou kunnen dat er een beurscrisis ontstaat en dat tegelijkertijd de rente zakt. Als de rente zakt,,dan stijgen de waardes van de obligaties. In een beurscrisis zakken gelijktijdig de aandelen redelijk spectaculair. Door deze evolutie kan het zijn dat je oorspronkelijke belegging er na 1 jaar als volgt uitziet: € 12.000 obligaties, € 9. 500 gemengd en € 8.000 aandelen. De onderlinge verhouding is nu niet langer 1/3 elk. Zonder dat je het wou is je belegging afgedreven naar een meer voorzichtig profiel. Als de crisis aanhoudt, is dit een goede zaak. Maar als er een herstel komt, zal je minder profiteren van het herstel. Een stijging van 20 % op € 10.000 is immers hoger dan een stijging van 20 % op € 8.000. Met herbalancering wordt uw belegging op geregelde tijdstippen tegen het licht gehouden. En zo de onderlinge verhouding tussen de onderdelen ervan verschoven is, wordt de belegging rechtgetrokken naar zijn oorspronkelijke doelstelling. In het voorbeeld zou er automatisch een gedeelte van de obligaties verkocht worden en zouden hiermee aandelenfondsen gekocht worden.

 

  •  Verliesbeperking: hier bepaal je op voorhand hoeveel verlies je maximaal wil lopen. Zou de evolutie van een onderdeel van je belegging negatief evolueren dan kan je automatisch laten verkopen.

Terug het voorbeeld van een beurscrisis.

Verliezen is nooit leuk, maar centje verliezen is minder erg dan biljetten.
Verliezen is nooit leuk, maar centjes verliezen is minder erg dan biljetten.

Als die plots ontstaat, dan kunnen op 2 -3 weken grote gedeeltes van je aandelenfondsen weggevreten zijn. Pech als je het niet gezien hebt natuurlijk. Wel, met verliesbeperking kan je vastleggen vanaf welk niveau van verlies je wil verkopen. Dit zorgt er voor dat je tijdig de rest van je geld in veiligheid brengt. Zo zou je bijv. bij aandelenfondsen kunnen zeggen dat deze maar 10 of 15 % mogen naar beneden gaan en bij obligatiefondsen dat deze maar 5 % naar beneden mogen gaan, vooraleer ze automatisch verkocht moeten worden.

 

Omdat aandelen meer bewegen dan obligaties is het verantwoord om verschillende drempels te voorzien. Leg je drempels niet te kortbij, want het is nu eenmaal eigen aan beleggen dat er beweging in de markt zit.

  •  winstbeveiliging. Dit is in feite even belangrijk als verliesbeperking.
    Een vette vis trek je best tijdig op het droge.
    Een vette vis trek je best tijdig op het droge.

    Echte winst heb je pas op het moment dat je verkoopt. De rest is lucht. Een fonds mag met 60 % gestegen zijn als je niet verkoopt, kan het de volgende dag bij wijze van spreken met 30 % zakken. Jammer dat je dan de 60 % niet vastgeklikt hebt natuurlijk. Wel dat is juist de bedoeling van winstbeveiliging.  Je verkoopt als je een voorafbepaald opbrengstpercentage bereikt hebt.

Beschermingsmechanismes zijn niet in alle omstandigheden nuttig. Wie vangnetten installeert bij bungeespringen, zoals de titel van deze bijdrage suggereert, zal de sensatie van zijn sprong gebroken weten. Je geraakt niet tot de diepste diepte en ook niet tot de grootste hoogte. Je vlakt je beleving af.

Maar als je als een trapezist( e) in de nok van een circus salto’s wenst te maken of als je kind zijn eerste trampolinesprongen maakt, zal je mogelijk wel opteren voor een vangnet. Al is het maar om te verhinderen dat je je nek breekt bij een gemiste beweging of dat je kind naast de trampoline met een smak op het beton terecht komt.

Vangnetten kunnen dus voor specifieke beleggers hun nut hebben. Zeker voor mensen met beleggingsangst kunnen ze een extra stimulans zijn om toch maar de sprong weg van veilige maar niet rendabele producten te wagen.

 

Door Patrick

Belgisch verzekeringsmakelaar (voordien sociaal-assistant en bankagent) bij wie -door de financiële crisis van 2008 én de gevolgen voor overheden, banken en burgers- volgende inzichten rijpten:
1. Uitsluitend 'sparen' is organiseren van uw eigen verarming. Dit door de combinatie van inflatie & ultra-lage rentes.
2. 'Beleggen' is nodig om nog enig rendement te behalen.
3. Dit kan ook zonder mens, maatschappij en milieu te schaden.
Ik doe dit via beleggingsverzekeringen (Tak 23). In de blogberichten licht ik mijn zoekproces én mijn inzichten in de wereld van duurzaam beleggen toe.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.