Categorieën
home

Gebuisd of gedelibereerd: onze modelportefeuilles 2020 na een half jaar?

zijn onze modelportefeuilles 2020 gebuisd of niet?
Het mondmasker, symbool van een adembenemende beleggingservaring in het eerste semester van 2020.

Dat het beursjaar 2020 weinig kans maakte om net zo een grand cru als dit van 2019 te worden, was bijna een zekerheid. Maar niemand had op de zwarte zwaan, genaamd Corona, gerekend. Deze dempte de euforie die de maand januari nog kleurde.   Het hoeft dan ook niet te verbazen dat de fondsen die opgenomen zijn in onze modelportefeuilles niet positief scoren. Zijn onze modelportefeuilles 2020 gebuisd of niet?

Een virus dat een ganse maatschappij in haar greep kreeg en het maatschappelijke- en economische leven lamlegde: niemand had daar op gerekend.

Pandemie: onwaarschijnlijk, maar met grote gevolgen.

Enfin, niet dat de mogelijkheid van een dergelijke uitbraak onbekend was. Op de bijeenkomst van het Wereld Economisch Forum in 2018 stond een pandemie niet opgelijst bij de 10 meest waarschijnlijke -, maar toch bij de 10 grootste gevolgen hebbende risico’s. Dat er bij het uitbreken van Corona geen kant-en-klare handleiding was, is niet zo vreemd. Zolang je de kenmerken van het virus niet kent, kan je niet curatief optreden.

WEF 2018: de 10 belangrijkste risico’s volgens kans op zich voordoen versus impact die zij veroorzaken.

Het stemt echter wel tot nadenken dat er blijkbaar geen basisplan is voor dergelijke situaties. Nu heeft ieder land zowat op eigen houtje de crisis bestreden. Vaak door te kijken wat er in andere landen gebeurde. Dus steeds vertraging bij de uitwerking. En een wirwar van maatregelen, die hoe langer hoe ondoorzichtiger waren. Hierdoor zijn meer slachtoffers dan nodig gevallen. Ook in de economie. We kennen de uitspraak “regeren is vooruitzien”. Maar niet alleen in België blijkt het beleid hierin gefaald te hebben. Een evidentie in een land waar er géén regering is. Ook diverse andere landen stapelden de foute benaderingen op elkaar. Sommigen slaagden er zelf in de werkelijkheid (lange tijd) te negeren (Rusland, VS-federaal-, Brazilië,…).

Maar goed, we gingen onze eigen modelportefeuilles evalueren. Zijn ze nu gebuisd? Of zijn we milder en krijgen ze een deliberatiecijfer? Lees vooral verder.

Wat zijn onze referentiepunten?

Minimumdoel op jaarbasis: een rendement van minstens 4 % halen.

Het ziet er niet naar uit – hoewel het ook niet definitief uitgesloten is – dat we dit doel dit jaar voor de meeste portefeuilles zullen halen. Geen enkele portefeuille kleurt per 01/07/2020 groen. Er zou dus een redelijke serieuze klim moeten plaatsvinden om ons doel te halen. Gezien de koersen vooruitgelopen zijn op de realiteit en niet afgewacht hebben wat de cijfers van het 2e kwartaal voor de meeste bedrijven zouden blootleggen, verwachten we geen wonderen.

Indexen verslaan dan maar?
Waar het niet VOLLEDIG LUKTE.

De ambitie van actieve beleggingsfondsen is het verslaan van referentie-indexen. Het verslaan van de indexen is in feite een basisvoorwaarde om de hogere beheerskosten in vergelijking met passieve beleggingsfondsen te verantwoorden.

Meten = weten.

Omdat onze portefeuilles opgebouwd zijn uit diverse fondsen, kunnen we in feite geen globale referentie-index per portefeuille naar voor schuiven. Om die reden vergelijken we met enkele algemene indexen:

  • Alle 24 modelportefeuilles scoren een hoger rendement (de echte betekenis is tot heden echter “verliezen minder”) dan een gespreide belegging in de Bel 20, de Eurostoxx50 of de Dow Jones Sustainable Europe -index.
  • 1 van de 24 modelportefeuilles scoort nipt slechter dan een gespreide belegging in MSCI All Countries-index. Het is de defensieve portefeuille met inleg van € 10.000. Deze staat per 01/07 op een YTD-verlies van -7,55 % . De hoofdreden hierbij is een onroerend goed-fonds dat slechts 8 % van de totale portefeuille uitmaakt. Maar ze is wel verantwoordelijk voor 1,80 % van het totale verlies.
  • 5 van de 24 modelportefeuilles scoren beter dan de MSCI All Countries-index, maar slechter dan de Dow Jones Sustainable Word-index:
    • De gebalanceerde portefeuille met inleg van € 10.000. Deze klokt momenteel af op een YTD-verlies van – 7,01 %. Hetzelfde onroerend goed-fonds als hierboven is terug de schuldige.
    • De dynamische portefeuille met inleg van € 10.000. Deze staat na de eerste jaarhelft op een verlies van – 7,12 %. Ook in deze portefeuille was het onroerend goed fonds opgenomen. En veroorzaakte het de grootste krater.
    • Ook de 3 portefeuilles met een inleg van € 15.000 staan relatief zwaar in de min. De defensieve versie staat momenteel op – 4,98%, de gebalanceerde versie op – 4,75 % en de dynamische versie tenslotte op -5,14 %. De hoofdschuldige is hier terug dit onroerend goed-fonds, dat met een kleine participatie (2 x 5 % en 1 x 8 %) voor een verlies tekent van 2 x 1,13% en 1 x 1,80 %.
Waar het wel lukte.

18 modelportefeuilles scoren beter dan de 5 indexen. Hieruit kan je besluiten dat gespreid beleggen in duurzame fondsen toch wel een valabele weg is om te beleggen. Natuurlijk, je geld op een spaarrekening houden deed het in deze pandemieperiode nog beter.

De defensieve portefeuilles:
    • Bij de overblijvende defensieve fondsen is het slechtste resultaat bekomen in de portefeuille met inleg van € 30.000. Het YTD-rendement einde semester lag daar op – 3,41 %. De diepste kloof werd daar geslagen door een gemengd fonds dat in Europa belegd (vertegenwoordigd gewicht van 26 % in die portefeuille) en door een aandelenfonds dat eveneens in Europa belegd (gewicht 16 %). De 2 aandelenfondsen die wereldwijd beleggen (samen 33 %) hebben beiden zelfs een positief rendement.
    • Het defensief fonds met het beste resultaat is dit voor een portefeuille met inleg van € 60.000. Het verlies is daar beperkt tot – 2,88 % en wordt voornamelijk veroorzaakt door het reeds vermeldde onroerend goed-fonds (met een gewicht van 9 % goed voor verlies van – 2,03 %).  3 duurzame aandelenfondsen, die wereldwijd beleggen halen hier ook reeds een positief rendement.
De gebalanceerde portefeuilles:
    • Bij de resterende gebalanceerde portefeuilles heeft deze met inleg van € 60.000 het minst gepresteerd. Ze tekent momenteel een verlies op van -3,28 %.  Op Europa gerichte aandelenfondsen met een totaal gewicht van 18 % van de portefeuille zijn hier verantwoordelijk voor een verlies van -1,91%).
    • De gebalanceerde portefeuille die het beste resultaat neerzette is deze met een maandelijkse inleg van € 500. Daar is het resultaat momenteel – 1,89 % sinds begin 2020. Een gemengd op Europa gericht fonds (15 % van de portefeuille) staat hier in voor een verlies van – 1,44 %, terwijl een aandelenfonds dat wereldwijd belegd (16 % van de portefeuille) bijdraagt met een winst van 1 %.
De dynamische portefeuilles:
    • Hier zijn het 2 versies van de portefeuille die het slechtste resultaat neerzetten. De modelportefeuille met een maandelijkse inleg van € 100 en deze met een eenmalige inleg van € 3.000. Beiden staan momenteel op een YTD-rendement van  – 2,50 % .Het reeds genoemde Europese gemengd fonds (15 % van de portefeuille) draagt 1,44 % bij in dit verlies, maar een wereldwijd aandelenfonds (22 % van de portefeuille) zorgt  ook nog eens voor een waardevermindering van 1,47 %. Gelukkig is er ook een wereldwijd aandelenfonds aanwezig dat reeds winstcijfers optekent.
    • De beste van de 24 modelportefeuilles is per 30/06 de dynamische portefeuille met een inleg van € 30.000. Het verlies is daar voorlopig sinds het jaarbegin binnen de perken gebleven (-0,85 %). Het zwaarste verlies wordt daar momenteel veroorzaakt dooreen aandelenfonds dat op Europa gericht is (20 % van de portefeuille en verantwoordelijk voor verlies van – 2,11 %). Gelukkig is er een wereldwijd beleggend aandelenfonds in deze portefeuille aanwezig dat de zaak weer rechttrekt. Met een gewicht van 25 % in de portefeuille tekent het voor 3 % winst in de portefeuille.

Rendement versus objectiveringsscore

Het doel van onze objectiveringsscore: zelfbedrog tegengaan

Met onze objectiveringsscore proberen we diverse elementen van een fonds te wegen. Niet alleen de duurzaamheid van het fonds, ook het rendement en de kostenstructuur. Idealiter zou een hoge objectiveringsscore voor de portefeuille zich ook moeten vertalen in een beter rendement van de portefeuille.

De 5 modelportefeuilles met hoogste objectiveringsscores.

Omdat perfectie niet bestaat en je door spreiding automatisch een lager cijfer behaald dan dit van je topfonds, zijn er slechts 5 portefeuilles die in onze objectiveringsscore meer dan 6 op 10 haalden.

Hoe scoorden deze portefeuilles op de factor behaald rendement?

  • de portefeuille met de hoogste objectiveringsscore (6,99) haalde ook het hoogste rendement
  • de portefeuille met de 2e hoogste objectiveringsscore (6,84) haalde de 6e plaats op basis van rendement
  • de portefeuille met de 3e hoogste objectiveringsscore (6,53) haalde de 12 plaats op basis van rendement
  • de 2 portefeuilles met de 4e hoogste objectiveringsscore (6,10) haalde de 17e plaats op basis van rendement
  • de portefeuille met de 5e hoogste objectiveringsscore (6,05) behaalde de 11e plaats op basis van rendement
De 5 modelportefeuilles met laagste objectiveringsscores.
  • de portefeuille met de laagste objectiveringsscore (4,56) haalde de 23e plaats op basis van rendement
  • de 2 portefeuilles met de 2e laagste objectiveringsscore (4,95) haalde een 7e plaats binnen op basis van rendement
  • de 2 portefeuilles met de 3e laagste objectiveringsscore (5,16) haalden de 22e en 24e plaats op basis van rendement
  • de portefeuille met de 4e laagste objectiveringsscore (5,44) haalde de 5e plaats binnen op basis van rendement
  •  de portefeuille met de 5e laagste objectiveringsscore (5,48) haalde de  2e plaats binnen op basis van rendement

Besluit: Er lijkt een correlatie te zijn tussen objectiveringsscore en rendement, maar deze is niet absoluut. Er zijn zelfs enkele tegenindicaties.  Echter, gezien we hier maar terugkijken op een korte periode (6 maand), waarin dan ook nog een onvoorziene catastrofe plaatsvond, moeten we oppassen met interpreteren.

Conclusie

  1. In absolute cijfers zien de prestaties van onze modelportefeuilles er niet goed uit.  Een rendement onder nul is een reden tot een fikse buis.

    zijn onze modelportefeuilles 2020 gebuisd of niet?
    De cijfers zijn niet positief. Maar dat ze diverse indexen kloppen is een troost. Het toont aan dat gespreid duurzaam beleggen een zinvolle strategie is.
  2. In vergelijking met enkele referentie-indexen scoren ze wel goede punten. Zullen we dan toch maar delibereren?
  3. De keuze om in eerder defensieve portefeuilles ook een vastgoedfonds in te schuiven is op heden een vergissing gebleken.
  4. De beursklim na de instorting van maart situeerde zich vooral buiten Europa (VS, …). De keuze voor enkele Europese beleggingsfondsen blijkt niet de gelukkigste te zijn.
  5. In dit alles moet in het achterhoofd gehouden worden dat we hier evalueren op erg korte termijn. Beleggen moet toch gezien worden als een lange termijngebeuren. Anders is het eerder speculeren. Op lange termijn kunnen de conclusies die hier gemaakt worden hun geldigheid verliezen. Om die reden is de keuze voor spreiding in de portefeuilleopbouw nu niet opportuun gebleken. Maar daarom verliest deze haar geldigheid niet.
Categorieën
home

De eigen portefeuille in juni 2020

bij de eigen portefeuille blijft het verlies verder slinken
Nobody knows the troubles we (‘ll be) see(n).

Het tweede kwartaal van dit Coronajaar is afgelopen. De schade door Covid-19 veroorzaakt is nog moeilijk globaal in kaart te brengen. De cijfers over dit tweede kwartaal zullen voor veel bedrijven uitzonderlijk zwak zijn. De lockdown begon immers eind maart en duurde op veel plaatsen tot flink voorbij de 2e kwartaalhelft. Hoewel er tekenen van economische herneming zijn, zijn er ook tal van sectoren waar de opstart nog in haar kinderschoenen staat. De eerste ontslaggolf is al aangespoeld (Volvo, Hilton, …). Een fellere kan na de zomer toeslaan.

De aandelenkoersen lijken losgekoppeld van bovenstaande realiteit. Na de felle terugval in maart, kwam er in de volgende maanden een opstanding. Het lijkt alsof beleggers collectief zweren dat de heropleving aan de deur staat. We durven er ons hoofd echter niet op verwedden.

Ook bij de eigen portefeuille blijft het verlies verder slinken. Ze staat nu -op het einde van het eerste semester- op  – 4,93 % (YTD).

Bijdrage aan klimaatverandering nu ook gewogen in onze portefeuille.

In de visualisatie van onze portefeuille hebben we een extra kolom ingelast. Via climetrics (*) kunnen we ook een inschatting van de portefeuille op de klimaatproblematiek meegeven. De berekeningsmethode van climetrics houdt rekening met 3 thema’s, die elkaar onderling beïnvloeden:  de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen, het beheer van watervoorraden en de bestrijding van ontbossing. Hoe hoger de score (max = 5), hoe beter een fonds de noodzakelijke overgang naar een koolstofarme samenleving ondersteunt.

Hoe werkt de opwarming van de aarde

U vindt de gegevens (voor zover beschikbaar per fonds) in kolom V terug. Als er een vakje in geel ingekleurd is, betekent dit dat climetrics voor dit fonds geen scoring geeft/heeft. Het eindcijfer voor de totale portefeuille is om die reden alleen het gewogen gemiddelde van de fondsen waarop een scoring gegeven werd. We hebben voor zover als mogelijk de scoring van alle fondsen die wij verdelen nagekeken en opgelijst. Climetrics wil echter niet dat we deze gegevens voor commerciële redenen gebruiken. U zal ze dus niet terugvinden op deze site.

Vanaf 2021 beperkte wijziging in berekening objectiveringsscore.

objectiviteit nastreven: een proces dat altijd verbetert kan worden

We hebben aan climetrics gevraagd om hun cijfers te kunnen gebruiken in onze objectiveringsscore.

Vanaf volgend jaar zullen we de klimaatbijdragen van een fonds daarom op een nieuwe manier berekenen. In plaats van 10 % van onze score toe te kennen aan de Morningstar Fossil Fuel Involvement en Carbon Risk-score, zullen we daar voortaan slechts 5 % waarde aan toekennen en de andere 5 % verdelen op basis van de climetrics-cijfers. Door 1 criterium af te checken bij 2 ipv. 1 instantie, hopen we onze objectiviteit nog iets verder uit te bouwen.

(*) we hebben Climetrics (CDP) toelating gevraagd voor het omschreven beperkt gebruik van hun gegevens per 22/06. We ontvingen een reply met melding dat behandeling meestal slechts 3 tot 5 werkdagen in beslag neemt. Tot heden (03/07) ontvingen we geen reactie. We hebben speciaal 2 dagen extra gewacht om dit blogbericht met resultaten van onze portefeuille te presenteren. Zo we alsnog verbod zouden krijgen voor het gevraagde gebruik, zullen we dit uiteraard terugdraaien. Ondertussen huldigen we het principe “wie zwijgt stemt toe”.

Categorieën
home

Eindelijk! Allianz lanceert duurzaam beleggingsaanbod voor particulieren.

In onze blog van 20 december ll.  maakten we een round-up van het duurzaam beleggingsaanbod bij de belangrijkste Belgische verzekeraars. De conclusie smaakte bitter. Bij diverse representatieve verzekeraars bleek er zelfs totaal nog geen aanbod te bestaan. Allianz was 1 van hen.

Allianz lanceert duurzaam beleggingsaanbod
Allianz betreedt voor haar Belgische particuliere klanten met interesse in duurzaam beleggen eindelijk de arena.

Inmiddels zijn we enkele maanden verder. En zie het beleggingsaanbod van Allianz werd inmiddels -sinds begin april- uitgebreid. Dit met 4 fondsen, waarmee Allianz samen met haar klanten de duurzame uitdaging wil aangaan. In de bekendmakingsmail werd ook een brugje gelegd naar de Coronacrisis. Met de lancering van deze nieuwe fondsen op het moment van deze historische gezondheidscrisis, wil Allianz meer dan ooit (bold door redacteur) een oplossing bieden aan klanten die willen kiezen voor verantwoorde en duurzame beleggingen. 

Allianz Global Investors heeft al een tijdje de bocht naar duurzaam beleggen genomen. Zo kan je op hun website als Belgisch professioneel belegger 7 duurzame fondsen terugvinden. Meld je je aan als particuliere belegger, dan zie je deze niet.
In feite had Allianz het aanbod dat ze nu uitrolt volledig uit eigen huis kunnen betrekken.

Waarom doet men dit niet? Marketingredenen kunnen hieraan ten grondslag liggen (kijk eens, we gaan voor een open architectuur). Mogelijk spelen ook financiële redenen (vergoeding ontvangen van derde aanbieders om hun producten in het aanbod op te nemen).

Marketeers met onafgewerkte informatieopdracht.

Je voelt de wind van de marketingafdeling door je haren als je introductieteksten leest. Met 4 fondsen blijft het aanbod in het totaal van wat Allianz aanbiedt erg beperkt. Je leest het dan ook niet als een strategische keuze van de verzekeraar. Maar eerder als een poging om te hengelen in de vijver van de steeds bewuster handelende consument. Nu goed, een klein beetje is alvast beter dan niets. En in historisch perspectief is dit inderdaad dan ook “meer dan ooit”.

In de door mij ontvangen mail wordt verwezen naar een specifieke brochure die een addendum is bij hun gekende brochures. De specifieke-informatiedocumenten zouden eveneens beschikbaar zijn op de makelaarssite van de verzekeraar en op de algemene klantensite www.allianz.be.

Ik heb gezocht en bij schrijven van dit artikel (8 weken na lancering), heb ik echter niets teruggevonden. Als je na 30 minuten zoeken op de beide sites niet vindt waar je gericht naar zoekt, ben je toch niet blij. En versterkt het gevoel dat er vooral ‘voor de tribune’ gehandeld wordt.

Als je een duurzaam aanbod met 4 fondsen uitbrengt en dit voor ‘al je klanten’ bestemd is, dan zal je zowel de defensieve –, de gebalanceerde – en de dynamische klant moeten bedienen. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat het aanbod bestaat uit 1 obligatiefonds, 1 gemengd fonds en 1 aandelenfonds. Als kers op de taart is er ook nog een sectorfonds.

Over welke fondsen gaat het?

Sommige van de hieronder vermelde fondsen hebben bij hun originele uitgever diverse versies (o.m. met andere kostenstructuren). Omdat ik de specifieke informatiefiches niet kon localiseren, moet ik het antwoord schuldig blijven op de vraag van welk specifiek fonds het Allianz-fonds een afspiegeling is.

  • Allianz DPAM Bonds Emerging Markets Sustainable. Dit is het obligatiefonds. Probleem is natuurlijk dat met obligaties in ontwikkelde regio’s momenteel zelfs geen kapitaalbehoud meer mogelijk is. Daarom wijkt men uit naar een Emerging Marketsfonds in het aanbod. De risicoklasse is 4 (op 7). Dit fonds stak niet in het aanbod dat we zelf aanbieden. Het krijgt bij Morningstar geen quotering op vlak van duurzaamheid.  (Iets wat meer gebeurd bij obligatiefondsen omdat landen of internationale openbare  instellingen waar men zijn geld aan uitleent, meestal erg moeilijk éénduidig te beoordelen zijn). Op basis van onze eigen objectiveringsscore (*) komen we uit op 0,75 op 10. Niet erg aantrekkelijk derhalve.
  • Allianz Oddo BHF Polaris Balanced. Dit is het gemengd fonds uit het aanbod. Bij ons scoort dit fonds op de objectiveringsscore bovengemiddeld (5,25 op 10). Morningstar heeft er zijn hoogste duurzaamheidsscore aan. Het heeft dezelfde risicoklasse 4 (op 7) als het bovenvermelde fonds. Maar is op vlak van rendement (in de voorbije 10 jaar) een pak interessanter.
  • Allianz GI Global Sustainability. Dit is in tegenstelling tot de andere 3 fondsen een eigen Allianz GI (Global Investors)-fonds.
    Allianz lanceert duurzaam beleggingsaanbod
    ESG is geen onbekende voor Allianz Global Investors

    Dit fonds is een puur aandelenfonds met een wereldwijde focus op grote duurzame bedrijven. De risicoklasse is iets hoger : 5 (op 7). In onze objectiveringsscore haalt dit fonds eveneens 5,25 op 10. Bij Morningstar wordt het als zeer duurzaam gezien. De rendementen van dit fonds (in de voorbije 10 jaar) waren ook interessant.

  • Allianz Nordea 1 Global Climate.  Dit is een puur ecologiefonds. Qua risico krijgt het eveneens een 5 (op 7) op zich geplakt. Hoewel er dus duidelijk minder gespreid belegd wordt dan in het Global Sustainability-fonds. Bij Morningstar scoort het fonds ook maximaal op duurzaamheid. In onze objectiveringsscore behaalt dit fonds op basis van rendement uit het verleden en haar algemene erkenning door duurzaamheidsscreeners (niet alleen Morningstar) een 7,25 op 10.

In welke belegging kan je deze fondsen onderschrijven?

Ben je geïnteresseerd om een duurzame belegging bij Allianz te onderschrijven en behoor je eerder tot het voorzichtige type? Dan is het wellicht een goede zaak om verder te diversifiëren. Dit kan door voor een gedeelte van de belegging ook in een niet-duurzaam gemengd fonds te beleggen. Mij lijkt dit minder risicovol dan te wedden op het aangeboden obligatiefonds.

Volgens de informatiemail in ons bezit, kan je voor hun 4 ESG-fondsen bij verschillende beleggingsformules terecht:

  1. fiscaal aftrekbaar: Bij Allianz dragen de verschillende mogelijkheden hiertoe de naam Plan For Life +.
  2. niet-fiscaal aftrekbaar voor relatief kleine eenmalige kapitalen (vanaf € 6.200 + taksen en kosten): Bij Allianz heet deze formules Allianz Invest .
  3. niet-fiscaal aftrekbaar voor relatief grote eenmalige kapitalen (vanaf € 25.000 + taksen en kosten): Bij Allianz teken je dan in op Allianz Excellence  (onder meer de kostenstructuur is iets interessanter dan deze voor lagere kapitalen)
  4. niet-fiscaal aftrekbaar voor periodieke sommen ( vanaf + € 100 / maand + taksen en kosten): dan stap je in Allianz Excellence Plan.

Waarom bij Allianz onderschrijven?

Allianz lanceert duurzaam beleggingsaanbod
Een klein, klein kleuterke maakt het niet alleen grof in den hof. Mamaatje zal ook kijven als de bal door het raam gaat. Papaatje slaat er dan best zijn Allianz polis op na.

Hoewel je deze producten via ons kantoor kan onderschrijven,  zijn er zeker elementen die ons weerhouden om blindelings dit aanbod aan te bevelen. Het voorlopig bescheiden aanbod is er daar 1 van.

Maar zijn ook argumenten pro? En welke zijn die dan?

  1. Misschien ben je wel een Allianz-totaalklant en wil je voor je beleggingen van het gebruiksgemak van je vertrouwde makelaar en maatschappij blijven genieten?
  2. Allianz is een solide financiële groep. Zo quoteert Standard & Poor’s ze met een AA-rating. En had de groep op 31/12/2019 volgens de Solvency II criteria een ratio van 159 %.
  3. Allianz is 1 van die verzekeraars die af en toe een stunten met ten laste neming van (een gedeelte van) de premietaksen. Dat zorgt er voor dat de totale instapkosten wat makkelijker verteerbaar zijn. (Maar vergeet niet dat in tijden van stijgende beurzen de wachtperiode tot er weer een dergelijke taksactie komt financieel schadelijk kan zijn. Omdat de koersen dan hoger stijgen dan de uitgespaarde taks).

(*) de objectiveringsscore is een puntensysteem wat wij gebruiken om onze eigen vooringenomenheid zo min mogelijk te laten spelen bij de selectie van duurzame fondsen. We waarderen de kostenstructuur, de vooruitzichten, de rendementen uit het verleden, de prestatie van het fonds tegenover gelijksoortige fondsen, duurzaamheidsrating door diverse organisaties, CO2-prestatie,… . Dit alles leidt tot een eindscore op 10. Het “beste” fonds uit ons aanbod scoort op die manier momenteel 8 op 10. U kan er hier meer over lezen.

Categorieën
home

Toppers en Floppers 2010 – 2019.

Sinds begin 2020 volgen we 96 fondsen op. Bij het opmaken van onze modelportefeuilles hebben we ze allemaal even onder de loupe gelegd. We geven hierbij een overzicht van het rendement van de beste en de slechtste 3. Wie zijn de toppers en wie de floppers?  Op korte – , middellange – en lange termijn.

We geven tussen haakjes ook het cijfer dat deze fondsen behaalden in onze objectiviteitsscore. Dit is een totaal van factoren waarbij we in de keuze van onze voorkeurfondsen rekening mee houden. Het is een getal op een schaal van 10. Momenteel is het hoogste behaalde cijfer een 8 (1 fonds).

Let wel:  een fonds dat in het verleden goed scoorde, scoort in de toekomst niet automatisch goed. De lijst hieronder is dus geen voldoende argument om het fonds op te pikken of net te laten liggen.

Op korte termijn: resultaat over 1 jaar

Toppers:
  • toppers en floppersPictet Global Environmental Opportunities: + 40,37 % (5,25)
  • Echiqiuer Major SRI Growth Europe: + 39,86 % (6,50)
  • Nordea Glob. Climate & Environ. Fund: + 38,06 % (7,25)
  •  commentaar: de ecologiefondsen behoorden tot de duidelijke winnaars in 2019. Vergeet niet dat deze ook volatiel zijn, gezien ze in een relatief beperkt spectrum van bedrijven beleggen.
Floppers:
  • toppers en floppersFunds For Good: € + 6,08 % (2,25)
  • Trusteam Optimum A: + 4,04 % (2,50)
  • Triodos Euro Bond Impact Fund : + 3,58 % (2,00)
  •  commentaar: Trusteam Optimum  & Triodos Euro Bond Impact Fund staan ook bij de floppers op 10 jaar. Voor het Triodos-fonds heeft dit voor een stuk te maken met het feit dat obligatiefondsen in tijden van superlage rente moeilijk investeringen vinden die rendabel zijn. Het Trusteam Optimum A op zijn beurt heeft het laagste risicoprofiel (2/7) van de fondsen die we opvolgen. Laag risico staat echter ook gelijk aan laag rendement.

Op 3 jaar tijd – geannualiseerde rendementen

Toppers:
  • Morgan Stanley Inv. Global Opportunity (1): + 20,42 % (5,00)
  •  Robeco Global Consumer Trends Fund: + 19,13 % (6,75)
  •  Morgan Stanley Inv. US Advantage Fund: + 16,05 % (5,50)
  •  commentaar: Het VS-fonds van Morgan Stanley en het Robecofonds doen het ook over langere periodes goed. Het VS-fonds scoort echter niet zo goed op vlak van duurzaamheid (2/5 volgens Morningstar). Het Robecofonds haalt daar 5/5 en scoort ook op onze objectiviteitsscore redelijk hoog. Het globale Morgan Stanley-fonds scoort ook op 5 jaar, maar is niet vertegenwoordigd op 10 jaar, omdat het pas opgericht werd per 30/11/2010. Het scoort beter dan het zusterfonds op vlak van duurzaamheid (4/5), maar haalt niet de top in onze objectiviteitsscore.
Floppers:
  • Trusteam Optimum A:  0,72 % (2,5)
  • Funds For Good: 0,59 % (2,25)
  • Trusteam Roc Europe A: 0,48 % (2,00)
  •  commentaar:  Trusteam Finance is rode lantaarn met 2 verschillende fondsen. Ze investeren vooral in leiders in klantentevredenheid. Benieuwd wat hun eigen klanten nu denken.

Op 5 jaar – geannualiseerde rendementen

Toppers:
  • Mogan Stanley Inv. Global Opportunity: + 18,85 % (5,00)
  • Morgan Stanley Inv. F US Advantage: + 15,12 % (5,50)
  • Robeco Global Consumer Trends Equities: +14,14 %. (6,75)
  •  commentaar:  de aanwezigheid van 1 VS-fonds en 2 fondsen die wereldwijd beleggen, toont aan dat in de voorbije periode Europa niet de regio was waar de hoogste groei zat. Onze winnaar werd in 2019 met een Lipper Fund Award bekroond als beste fonds aandelen wereldwijd over 5 jaar. 
 Floppers:
  • Triodos Euro Bonds Impact Fund: +0,78 % (2,00)
  • Ethna Aktiv(*) :  + 0,63 % (1,00)
  • Funds For Good: + 0,51 % (2,25)
  •  commentaar: Ethna Aktiv was lange tijd een fondsenlieveling van banken en andere adviseurs. Vaak werd het te samen met Carmignac Patrimoine aangeprezen als een zekerheid, die de matras vormde van uw belegging. Zeker toen iedere aspirant-belegger nog bevangen was van de slachting 2007-2009. Maar achteraf blijkt dus dat oude antwoorden niet altijd geldig blijven. 

Op 10 jaar – geannualiseerde rendementen

Toppers:
Floppers:
  • Ethna Aktiv (*): + 3,32 % (1,00)
  • Triodos Euro Bond Impact Fund: + 2,60 % (2,00)
  • Trusteam Optimum A: + 2,13 % (2,50)
  •  commentaar: zie ook commentaar op 1 en 5 jaar. Met een gemiddeld rendement van 2 à 3 % doe je nog steeds beter dan met een spaarrekening mits je lang in de belegging blijft zitten. Anders eten de instapkosten die extra verdienste op. Maar er zijn natuurlijk genoeg alternatieven die het beter doen.

Duurzaam beleggen is meer dan alleen voor toppers kiezen.

Het spreekt voor zich dat de floppers niet terug te vinden zijn in onze modelportefeuilles. Maar ook niet alle toppers vinden er hun plaats.

  1. Naast rendement beoordelen we ook andere elementen (duurzaamheid, kwaliteit in vergelijking met benchmark,…).
  2. Tot slot moeten we ook rekening houden met de beschikbaarheid van een fonds bij onze leveranciers. We werken met verschillende leveranciers om te kunnen selecteren uit een voldoende ruim aanbod. Sommige van onze leveranciers hebben een eerder bescheiden fondsenaanbod.

Het blijft dus puzzelen om rekening houdend met alle parameters en beperkingen een zinvolle duurzame belegging, die past binnen het beleggersprofiel van de klant, te kunnen samenstellen.

———————————————————————————–

(*) is een niet-duurzaam fonds, dat we in het verleden opvolgden omdat ons aanbod duurzame fondsen voor een defensieve beleggers vroeger te klein was. Omdat er inmiddels genoeg duurzame alternatieven zijn, stoppen we de opvolging ervan 2020.

(1) Het zusterfonds bestemd voor institutionele beleggers (grote kapitalen) klopt het volgens Bloomberg zelfs met voorsprong de Standard & Poor’s 500 index op 1 en op 5 jaar. Duurzaam beleggen hoeft dus absoluut niet automatisch gelijkstaan met inleveren op het rendement.

 

Categorieën
home

Modelbouw: nu mét meer stukken!

modelportefeuilles 2020
Een One-Stop-Shop moet voldoende producten in zijn rekken hebben.

Het beleggingsaanbod dat binnen de focus van ethisch beleggen valt, kende eind 2017/begin 2018 een scherpe terugval. Vele van onze leveranciers hadden nav. de invoering van verscherpte regelgeving -opgelegd door Europa- besloten om hun aanbod (tijdelijk) in te krimpen. Maar daar hadden we bij het opmaken van onze modelportefeuilles 2020 geen last meer van.

Een ruimer aanbod.

De beschreven situatie is inmiddels genormaliseerd. De eerste dagen van 2020 gebruikten we om onze nieuwe modelportefeuilles vorm te geven. We konden hierbij kiezen uit een 90-tal duurzame beleggingsfondsen. Niet allen scoren uiteindelijk hoog genoeg op onze objectiveringsschaal om spontaan in een concreet aanbod te worden opgenomen.

Een ruimere keuze heeft echter het voordeel dat er terug een aanbod is voor wie een specifieke insteek wil volgen. Vragen als “heeft u een duurzaam fonds dat in vastgoed investeert?” of ” heeft u een duurzaam fonds dat in duurzame voeding investeert?” kunnen nu positief beantwoord worden.

Modelportefeuilles 2020
Don’t worry, wij geven u al een voorzet.

Was er afgelopen zomer nog een negatieve vibe rond de marketingtruuk van ABInbev om hun cafés voortaan uit te rusten met glazen van 30 cl, dan is ons verruimd aanbod van een ander kaliber. Onze klant krijgt niet meer van hetzelfde (kwantiteit), maar krijgt toegang tot andere smaken. Zodat hij kan kiezen wat hij echt lekker vindt.

Keuzestress?  Niet nodig!

Traditiegetrouw maakten we uit het ruime aanbod reeds een voorselectie. Er werden ook voor 2020 opnieuw 24 modelportefeuilles uitgewerkt. Wenst u via ons kanaal te beleggen, dan krijgt u volgens uw profiel én volgens uw financiële inleg het aanbod dat best bij u past.

Dit neemt  niet weg dat u als klant zeker suggesties tot aanpassing kan doen. Zodat de modelportefeuille verder gepersonaliseerd kan worden. Hoe meer alternatieven we achter de hand houden, hoe vlotter er een goede afstemming komt tussen ons oorspronkelijk voorstel en uw particuliere wensen.

Wat valt nog meer te zeggen over de modelportefeuilles 2020?

  1. Ondanks het feit dat we uit meer fondsen konden kiezen dan vroeger, bestaan de meeste modelportefeuilles niet uit méér fondsen dan vroeger. Door de fondsen expliciet naast de duurzaamheidsrating van Morningstar én onze eigen objectiveringsscore te leggen, werd duidelijk dat een pak fondsen duurzaamheid én rendement niet aan elkaar koppelen. We kozen consequent voor kwaliteit en niet voor kwantiteit.
  2. De modelportefeuilles halen minimum 4,32 (op schaal tot 5) en maximum 4,83 op vlak van duurzaamheid. Of 86,4 % tot 96,6 % op 100.
  3. In combinatie met andere belangrijke criteria (bewezen rendement, kostenstructuur, kwaliteit van fondsbeheer, specifieke prestatie in vergelijking met benchmark, ….) is de objectiveringsscore van de modelportefeuilles minstens 5,29 (op schaal tot 10) en maximaal 6,96.
    1. Als je weet dat er op het staal van 90 fondsen slechts 1 individueel fonds een 8 scoort, de tweede gerangschikte al naar 7,25 terugvalt en er 2 fondsen plaats 3 innemen met een score van 7, dan weet je dat de modelportefeuilles +/-alleen de kwalitatiefste  fondsen bevatten.
    2. Ter vergelijking van de 90 individuele fondsen scoren er 75 lager dan de slechtste score bij de modelportefeuilles.
  4. 2019 was en uitzonderlijk jaar op vlak van rendement. We moeten er niet al te veel waarde aan hechten. De resultaten van 2019 stralen echter ook af op de resultaten op langer termijn. Hierdoor oogt zeker het geannualiseerde rendement op 3 jaar iets te optimistisch. Het varieert van 5,36 % tot 12.94 % . Op 5 jaar varieert dit tussen 5,10 % en 10.04 %. Op 10 jaar halen de modelportefeuilles 2020 een rendement tussen  6,19 % en 9,54 %. Bij dit alles moet stilgestaan worden bij het feit dat 2018 wel een slecht beursjaar was én dat er in de voorbije 10 jaar ook enkele kwakkelmomenten zaten, maar dat er geen zware financiële crisis (genre 2007-2009) plaatsvond. Dit zijn cijfers zonder instapkosten en verpakkingskosten. De lopende kosten zijn wel reeds verrekend in de rendementen.

Als de puzzel toch niet past.

modelportefeuilles passen niet altijd met je persoonlijke situatie. Maar samen zijn oplossingen te vinden.

We hebben modelportefeuilles gemaakt voor defensieve – ,  gebalanceerde – en dynamische klantenprofielen. We deden dat voor verschillende kapitalen.

Uiteraard hoeft uw persoonlijke situatie niet 100 % overeen te komen met de door ons gebruikte kapitalen. Contacteer ons gerust zo uw situatie niet perfect matcht met wat we uitgewerkt hebben.

Mits wat denk- en schaafwerk, vinden we voor u ook wel een aangepast beleggingsvoorstel.

 

 

Categorieën
home

De eigen portefeuille in november 2019

December komt er aan. Dat betekent dat beleggers en beleggingsfirma’s beginnen met achteruitkijken (moeten we nog af van slechte investeringen om onze balans/resultaten op te poetsen) en ook hun vooruitzichten beginnen publiceren (wat houdt 2020 volgens ons in petto). In de achteruitkijkspiegel zal het er voor dit jaar allemaal goed uitzien (tenzij de roetpiet in december nog fors uithaalt ). Ook voor onze eigen portefeuille (tenzij COP25 spectaculair zou falen).

De vooruitzichten voor 2020 zijn wat disparater. Sommigen gokken op een recessie. Anderen zien het recessiegevaar langzaam naar de achtergrond verdwijnen.

COP25 en Europese Commissie gaan van start.

Begin december gaat in Madrid de 25e Conference of the Parties door, beter bekend als COP25 of de klimaatconferentie van Madrid 2019 ( aanvankelijk gepland voor Brazilië, later doorgeschoven naar Chili). De afgelasting in Chili door aanhoudende rellen kwam in de media vooral aan bod door de problemen die dit veroorzaakte in de mobiliteit van jonge klimaatactivisten als Anuna De Wever en Greta Thunberg. Vraag is of de wereld besluit tot het opvoeren van de klimaatdoelstellingen.

Misschien is deze conferentie een goede manier voor Ursula Von der Leyen, kersvers voorzitter van de Europese Commissie om haar klimaat-intenties extra in de verf te zetten. De commissie kan immers eindelijk van start gaan na opgelopen vertragingen bij het kiezen van haar leden. De afgelopen maand gaf de EIB alvast een schot voor de boeg. De Europese Investeringsbank stopt (nou ja, binnen 2 jaar) met haar investeringen in fossiele brandstoffen.

COP25 portefeuille
Saudi Aramco: gebuisd voor beursgang – En straks in Madrid meer aandacht voor hernieuwbare energie

Het mislukken van de lancering van de gedeeltelijke beursgang van ’s werelds grootste oliemaatschappij (Saudi Aramco) is mogelijk ook voor een groot stuk toe te schrijven aan de gevoeligheid voor de klimaatkwestie (investeerders in Europa en VS en beleggingsfondsen zijn gevoeliger dan vroeger voor reputatieschade en mogelijke slechte vooruitzichten bij investeren in olie). Echter het gebrek aan bestuurlijke doorzichtigheid (Saudi -Arabië behoudt 98,5 % van de aandelen) en dat het land -met een understatement gezegd- nu ook niet het meest democratische is spelen zeker ook mee. Net als de hoge prijs waarmee het aandeel naar de markt gebracht werd. Zo zie je toch dat ESG aan tractie wint in de beleggingswereld. De E(nvironmental) en de G(overnance) hebben meegespeeld om wat aangekondigd werd als de “moeder aller beursgangen” met een sisser te laten aflopen.

Onze portefeuille gaat door op haar elan.

De eigen portefeuille blijft dit jaar als een soort jacobsladder steeds hogere horizonten opzoeken. Toch wat het korte-termijn rendement betreft. Sinds het jaarbegin staat ze nu op + 23,16 %. U vindt ze hier terug.

Voor een duurzame belegging is natuurlijk niet alleen rendement belangrijk. Ook de mate van duurzaamheid is een norm. Door de nieuwe benadering van Morningstar is de manier waarop zij naar bedrijven en beleggingen kijken recent gewijzigd. Er wordt minder naar het verleden gekeken en meer naar de toekomst (welke ESG-uitdagingen zijn nog acuut en worden nog niet (voldoende) opgepakt?). COp25 portefeuille

Dit heeft er toe geleid dat diverse van de fondsen in de eigen portefeuille plots globes verloren of globes bijwonnen. Het uiteindelijke effect van alle verschuivingen is lichtjes positief.

Wijzigingen in Morningstarbenadering heeft licht positief effect op onze eigen portefeuille.

Waar de portefeuille eind september een duurzaamheidsscore van 4, 156 op 5 behaalde, is dit op eind november 4,247 op 5 geworden. Of een vooruitgang van 1,82 %.

Deze vooruitgang heeft ook een lichte invloed op de objectiveringsscore van de portefeuille. Dit is een intern evaluatiesysteem dat we bij ethisch beleggen gebruiken om niet alleen de duurzaamheid van een belegging te vatten, maar om ook gewicht te geven aan de beleggingskwaliteit van de fondsen. Ook duurzame beleggers beleggen immers vanuit de verwachting dat ze liever geld verdienen dan er te verliezen. Voldoende positieve rendementen op korte, middellange – en lange termijn, maar ook prestaties in vergelijking met benchmarkt wordt in de objectiviteitsscore meegenomen. Deze score heeft een schaal tot 10.

Onze portefeuille haalde eind september 3,79 en is nu ook lichtjes gestegen naar 3,87. Of een stijging met 0,8 %.

Objectiviteitsscore in modelportefeuilles meestal hoger dan in de eigen portefeuille.

U schrikt van het lage cijfer? Ja, onze benadering is dan ook redelijk streng. Het beste fonds uit de meer dan 60 fondsen die wij opvolgen haalt momenteel een 7,5 op 10. Slechts 9 fondsen halen de helft of meer van de punten. Gezien het grootste stuk van onze portefeuille opgebouwd werd voor de invoering van deze objectiveringsscore en we wegens de instapkost én het feit dat de leveranciers die betrokken zijn in de eigen portefeuille niet zomaar alle fondsen uit ons aanbod kunnen leveren, is zwaar optrekken van dit cijfer niet mogelijk.

Bij de samenstelling van de jaarlijkse modelportefeuilles wordt wel rekening gehouden met de objectiviteitsscore. Daar scoren de meeste portefeuilles toch meer dan 4 op 10.

Nog te laag volgens uw mening? Vergeet dan niet dat een basisregel bij beleggen ook oplegt om voldoende spreiding in je portefeuille te betrachten.

 

Categorieën
home

De Morningstar Sustainability Rating focust voortaan meer op de toekomst dan op het verleden.

Chaplin als The great Dictator - Morningstar Sustainability Rating
Het aantal gebruikte globes blijft gelijk, maar hun toekenning gebeurt voortaan totaal anders.

Bij Ethisch Beleggen maken we van diverse bronnen gebruik om onze waarderingen in + of in –  te bepalen. 1 van deze bronnen is de financiële website Morningstar. Zo gebruiken we de Morningstar Sustainability Rating. Ze hebben dit systeem opgestart in de lente van 2016 en blijven er aan sleutelen. Het feit dat ze eigenaar geworden zijn van de duurzaamheidsrater Sustainalytics zal daar onder meer voor verantwoordelijk zijn.

Begrippen als “duurzaamheid” of stempels als “(on)ethisch” zijn niet vastgeroest. In een evoluerende maatschappij evolueren ook de opvattingen. Er komen nieuwe producten én nieuwe problemen bovendrijven, wetgeving wijzigt, inzichten veranderen,… . Dit is 1 van de redenen waarom we bij opstart van deze werking geen sluitende definitie rond wat wél en wat niet ethisch is vastlegden.

Morningstar Sustainability Rating: versie 1.5

System Software Update
Een eerste update van hun duurzaamheidsrating vond plaats eind 2018.

In het najaar van 2018 heeft Morningstar zijn duurzaamheidsrating reeds aangepast. U vindt hun toelichting hier. Kort samengevat deden ze toen 4 ingrepen:

  1. Lange termijn krijgt een groter gewicht. Omdat binnen een fonds aan- en verkopen plaatsvinden, wijzigt de samenstelling ervan geregeld. Nu wordt beter nagegaan hoe consistent een fonds in zijn duurzaamheid is.
  2.  De indeling in categorieën ging op de schop. De beleggingsstrategie van een fonds weegt voortaan zwaarder door dan de regio of het thema waarin het fonds belegt. Wegens het thematisch – of regionaal indelen van beleggingen, was de vergelijkingsbasis tussen fondsen soms erg klein. Een primus uit een kransje van 5 maakt minder indruk dan een primus uit een krans van 50 fondsen.
  3.  Minstens 2/3 van de aanwezige posities in een belegging moet een duurzaamheidsscore hebben. Vroeger was dit slechts 50 %.  Als je van een product slechts de helft kan evalueren op zijn ESG-gehalte, dan heb je uiteraard een grotere foutenmarge dan zo je 2/3 of meer kan evalueren.
  4.  Morningstar neemt voortaan ook Fund-of-Funds (soort superfondsen, die samengesteld zijn door optelling van verschillende aparte fondsen) mee in zijn evaluaties.

De aanpassing van eind 2018 veroorzaakte niet al te veel wijzigingen in de waardering bij de fondsen welke wij verdelen.

Versie 2.0 is een feit.

Beginnen met een schone lei - Morningstar Sustainability Rating
Morningstar kuiste het bord grondig af.

Inmiddels werd een nieuwe bijsturing uitgerold. Deze wordt geïntroduceerd per 31 oktober 2019. Omdat de datumverwerking steeds vertraging heeft (1 maand en 6 dagen), zal de nieuwe methodologie pas per 08/11 voor het eerst echt de wijzigingen laten zien. Deze zullen dan slaan op de portefeuillegegevens van 30 september.

Wat gaat er veranderen?

Het oog op de toekomst.

    1. Men wil weg van de momentopname.
      • Tot nu was de duurzaamheidsrating een soort optelsom. We tellen de ESG-score van alle individuele posities (bedrijven) uit een beleggingsfonds samen. En vervolgens trekken we de score voor controverses (waar zit het fout) daar van af.
      • Nu gaat men kijken naar de toekomst. Welke risico’s loopt een bedrijf nog op vlak van ESG?
      • Om dit te evalueren ontwikkelde Sustainalytics een nieuw meetinstrument: de ESG Risk Rating.  Wie deze grondig wil doornemen en de Engelse taal voldoende doorgrondt, kan de 3 volumes uitleg van hun website downloaden. Deel 1: Moving Up the Innovation Curve, Deel 2: Exploring the Internet Software and Services Subindustry en Deel 3: Potential Applications for Investors.
    2. Het is een schaal geworden die voor alle sectoren dezelfde is. Ook al is de energiesector bijvb. gevoeliger aan risico’s rond E (CO2-uitstoot) en G (corruptie en omkoping). Terwijl bij softwarebedrijven de E minder van tel zal zijn en de S & G (werknemersbeleid, veiligheid van data, waarborg van privacy) ) er een grotere rol spelen. De uitkomst van individuele bedrijven die langs de ESG Risk Rating liggen zal dus toch nog gedeeltelijk sectorgebonden zijn. Morningstar heeft zelf het voorbeeld van Royal Dutch Shell met een score van 33,7 versus Microsoft met een betere score van 14,1.

Een rapport op 100 punten.

Old skool schoolrapport - Morningstar Sustainability Rating
In tegenstelling tot een schoolrapport scoor je bij de ESG Risk Rating het best zo laag mogelijk.
    1. De schaal van de ESG Risk Rating wordt uitgedrukt in een getal tussen 0 en 100. Een laag cijfer staat voor een laag risico. In de praktijk scoren genoteerde bedrijven  het meest tussen 0 en 50. Sustainalytics kijkt per bedrijf welke ESG-risico’s een bedrijf loopt en hoe het dit aanpakt (“managed risks“). Daarnaast bekijkt ze of er ook risico’s zijn die het bedrijf nog niet aanpakt , maar die wel een rol kunnen spelen in de toekomstige waardering van het bedrijf ( “unmanaged risks“). Een cijfer 0 wil hier zeggen dat er geen niet-aangepakte risico’s zijn en dat de aanpak van de bestaande risico’s degelijk is.
    2. De scoring van alle individuele bedrijven wordt gewogen. En zo komt een gemiddelde voor de totale portefeuille tot stand. Een fictief fonds dat slechts in 2 bedrijven Microsoft (MS) en Royal Dutch Shell (RDS) zou beleggen in verhouding van 60 % MS én 40 RDS zou dus een eindscore van 21,52 krijgen  ((0,6 * 14,1) + (0,4 * 33,7)).   Er zijn 5 verschillende stadia in de ESG Risk Score
        1. van 0 tot 9,99 : verwaarloosbaar ESG Risico
        2. tussen 10 tot 19.99 : laag ESG Risico
        3. vanaf 20 tot 29.99 : gemiddeld ESG Risico
        4. van 30 tot 39.99 : hoog ESG Risico
        5. + 40: erg hoog ESG Risico

 Zonder het verleden te vergeten.

    1.  Omdat men probeert te kijken naar de evolutie op langere termijn zal ook gekeken worden naar de gegevens uit het (recente) verleden. Van de duurzaamheidsscore over de voorbije 12 maanden neemt men een “gewogen” gemiddelde. Dit noemt men de Morningstar Historical Portfolio Sustainability Score.  “Gewogen” betekent hier dat de recentere maanden een hoger gewicht krijgen dan de oudere maanden.
    2. De uiteindelijke toekenning van de slotrating per fonds is dan de duurzaamheidsrating. Men blijft gebruik maken van een systeem van 5 wereldbollen.
        1. de beste 10 % van de M* Historical  Portfolio Sustainability Score, dragen in zich dus het minste risico en krijgen 5 bollen toegekend.
        2. de volgende 22,5 % verwerven 4 bollen
        3. diegene die hierachter komen  (met een cijfer tussen 33,6 en 68,5 %) krijgen nog 3 bollen
        4. slechter scorende fondsen (cijfer tussen 68, 6 en 90 %) krijgen nog 2 bollen
        5. de slechtste 10 % krijgen van Morningstar nog 1 bol
    3.  Op die basis zijn momenteel wereldwijd een 50.000 beleggingsfondsen gequoteerd. Fondsen zonder bol zijn niet noodzakelijk zwakke fondsen op vlak van duurzaamheid. Het kunnen bvb. fondsen zijn waarbij minder dan 67 % van de participaties door Sustainalytics kon beoordeeld worden.

 Invloed van de nieuwe berekening.

    1.  De nieuwe berekening zal bij diverse fondsen een verschuiving in de Morningstar Sustainability Rating teweeg brengen. Morningstar zelf verwacht dat 43 % van de fondsen 1 globe zal winnen of verliezen. Voor 24 % (bijna 1 op 4) van de fondsen zal er zelfs een verschuiving van 2 of meer globes plaatsvinden.
    2. Hieruit moeten we concluderen dat de nieuwe manier van berekenen toch een scherpe breuk is met het verleden. Vergelijken tussen data voor – en na 31/10/2019 zal dus erg moeilijk -, zo niet onmogelijk worden. Dit zal dus ook voor onze eigen quoteringen ingrijpend zijn. De EthischBeleggen-objectiveringsscore, die wij hanteren per fonds, zal voor- en na 31/10 van elkaar verschillen. Momenteel kan met de maximale score van 5 globes 15 % van het totale puntenaantal verdiend worden. De fondsenselectie binnen onze modelportefeuilles zal hierdoor in 2020 ook beïnvloed worden.
    3. U kon deze gevolgen ook reeds zelf inschatten als u het resultaat van ons fictief beleggingsfonds met slechts 2 aandelen bekeek. Ondanks het feit dat ons voorbeeld voor 40 % uit een bedrijf dat in de oliesector actief is bestaat, krijgt het toch de op 1 na beste duurzaamheidsscore. Shell mag zich dan op vandaag inlaten met hernieuwbare energie, op basis van zijn verleden had geen weldenkend mens het een groot gewicht gegeven in een duurzaam fonds.

 Geef verandering een kans.

    1. wegwijzers naar verleden en toekomst
      De bollenwinkel (1 tot 5 globes) werden flink dooreen geschud bij Morningstar. Duurzaamheidsscores van vandaag kunnen significant afwijken van die welke vroeger toegekend worden.

      Het lijkt er dus op dat de nieuwe benadering een generaal pardon invoert. Iedereen, ook de grootste zondaars uit het verleden, krijgen amnestie. Het strookt niet om ons gevoel. Net zoals we het als maatschappij soms moeilijk hebben om een gevangene, die vrijkomt nadat hij zijn straf uitzat, te zien als iemand die een nieuwe kans verdient. We staan liever klaar om er een stempel van onbetrouwbaar én dus te wantrouwen op te slaan.

    2. Het nieuwe systeem zal echter ook wel uit zichzelf corrigeren. Wie uiteindelijk niet vooruit geraakt in zijn ESG-benadering zal geleidelijk toch wegzakken ten opzichte van collega-bedrijven, die wel een strakke ESG-focus houden. We zullen net als bij de invoering van een andere metriek stelsel, een andere spelling of een andere munt, uiteindelijk toch wel gewoon geraken aan de nieuwe norm.
    3. Blijf alleen de overweging:  is die verandering nu beter of slechter dan vroeger? Ze zal zeker een tijdje vreemd en mogelijks onnatuurlijk aanvoelen. Maar omdat ze meer rekening houdt met de nog af te leggen weg, dan met de reeds afgelegde weg, kan je toch besluiten dat ze meer toekomstgericht is. Net zoals Morningstar het zelf aankondigde.
Categorieën
home

Andermans glazen bol

Onze eigen objectiveringsscore verbeteren?

Bij Ethisch Beleggen hebben we een eigen puntenschaal ontwikkeld. Deze moet er voor zorgen dat we zo objectief mogelijk (binnen het kader van het profiel van de klant) onze fondsen selecteren. Los van persoonlijke voorkeuren (of aversies), los ook van eigen vooroordelen.

We gebruiken daarvoor diverse elementen:

Al deze gegevens gaan in de blender én resulteren daar in 1 cijfer op een schaal tot 10. We noemen dit onze objectiveringsscore.  Hoe hoger het cijfer, hoe meer het fonds in het aanbod naar de klant zal steken. Want het combineert behaald rendement mét bewezen duurzaamheid.

Kijken naar het verleden is niet altijd voorspellend voor de toekomst.

Nu is het zo dat rendementen uit het verleden louter indicatief zijn en geen voorspellende waarde hebben. Maar we gaan er toch van uit dat consequent rendement (of gebrek er aan) een aanwijzing is van het feit dat fondsbeheerders weten (of juist niet) waarmee ze bezig zijn en goede (of juist niet) keuzes maken.

De toekomst voorspellen?

Morningstar biedt al enige jaren een Analyst Rating aan. Dit is een soort kwalitatief (en voorspellend) oordeel over de toekomstige ontwikkeling van een beleggingsfonds.

Ze evalueren daarbij 5 P’s om te zien of een fonds zich van een ander onderscheid:

  • Performance / Rendement: Is het behaalde rendement logisch als we het beleggingsproces bekijken en kon dit op de lange duur goed blijven inspelen op de risico-evolutie?
  • Price / Kosten: hoe hoog zijn de aangerekende kosten in vergelijking met gelijkaardige fondsen?
  • Process / Beleggingsproces: hoe beslist een team tot opname of verkoop van een participatie? Is dit consistent?
  • People / Beheerteam: hoe is het team dat het fonds begeleid samengesteld? Hoe stabiel is dit team, hoeveel beleggingservaring heeft het, hoe presteerde het vroeger?
  • Parent / Fondshuis: Wie is de vermogensbeheerder, die het fonds uitgeeft? Hoe groot is hun geloofwaardigheid, wat zijn hun prioriteiten, hun sterke – en zwakke punten, Hoe versterkt het huis zich?

Aan de hand van die parameters bepalen ze of een beleggingsfonds alles in zich heeft om in de nabije toekomst

  • hetzij negatief af te steken ten opzichte van hun benchmark of gelijkaardige collegafondsen,
  • zich neutraal (dus weinig onderscheidend) verhoudt tot benchmark of gelijkaardige fondsen,
  • of zich positief onderscheidt ten opzichte van benchmark of gelijkaardige fondsen bij andere beheerders.

Dat is althans de verwachting. Met beleggen heb je echter nooit 100 % zekerheid weten we.

Wie zich positief onderscheidt wordt beloond met termen die we van de olympische spelen kennen: een bronzen -, zilveren – of gouden medaille.

Deelnemen aan de omslag naar duurzaam beleggen is belangrijk, maar daarbovenop behalen we graag ook nog positieve rendementen.

 

Wat met de fondsen die wij verdelen?

We hebben alle fondsen die u via ons kanaal kan aankopen eens langs de lat van de Morningstar Analist Rating gelegd.

  1. Bij de meeste fondsen is er geen vermelding. Let wel: dit is niet hetzelfde als “een neutrale waardering”. Dit moet geïnterpreteerd worden als: niet onderzocht én derhalve geen opinie.
  2. Bij geen enkel fonds blinkt de vermelding NEGATIEF. Onder voorbehoud van puntje 1, is dit dus in feite goed nieuws.
  3. 2 fondsen worden bekroond met een bronzen medaille: het niet-duurzame Invesco Balanced-Risk Allocation Fund (in het verleden soms voor defensieve beleggers in het aanbod toegevoegd wegens ontoereikend aantal defensieve duurzame fondsen in ons aanbod) en Pictet-Global Megatrend Selection, een duurzaam aandelenfonds dat wereldwijd belegd.
  4. 1 gemengd fonds DNCA Invest Eurose Class A verdient een zilveren medaille.
  5. 2 aandelenfondsen die in emerging markets investeren verdienen een gouden plak: Magellan C en Comgest Emerging Markets € .

 Conclusie:

Hebben we de winners van morgen in ons aanbod? Het zou kunnen, maar het is zeker niet zo dat de cijfers dit lijken te bevestigen. Zitten er gegarandeerde verliezers in ons aanbod? Dat lijkt niet het geval te zijn.

Omdat we in onze huidige objectiveringsscore wellicht toch iets te veel gewicht geven aan de prestatie uit het verleden (zowel de rating als de returns uit het verleden krijgen punten), is het te overwegen om onze objectiveringsscore aan te passen en er de Morningstar Analist Rating ook bij op te nemen. Bijvoorbeeld omdat een fonds waarbij het beheerteam voor positieve resultaten in het verleden zorgde wellicht die tendens uit het verleden niet zal kunnen bestendigen op een moment dat het team uit elkaar valt. Iets wat onze huidige benadering niet capteert.

We zullen nog verder bekijken hoe deze bijkomende benadering in onze werking kan geïntegreerd worden. En komen hier zeker tegen de opmaak van onze modelportefeuilles 2020 op terug.

 

 

 

 

Categorieën
home

Bij het afscheid van John Bogle

 

John Bogle verdient een standbeeld. Dit is niet onze mening, maar deze van Warren Buffett. Maar omdat hij de beleggingswereld uitdaagde én op een reëel pijnpunt wees, verdient hij wel een standpunt.

Bogle wees er in de jaren ’70 voor het eerst op dat een hoop rendement voor de klant verloren ging, omdat dit aan de handen van beleggingsfirma’s en  tussenpersonen bleef hangen.  Dit in de vorm van hoge beheerskosten. Zijn opvatting was daarom de logica en de eenvoud zelve: verhoog uw rendement door te kiezen voor beleggingen waar u minder kosten betaalt.

Quotes

(vrij vertaald: het is verbazend vast te stellen hoe moeilijk het is voor iemand iets te begrijpen als hij net een bedrag betaald heeft dat als doel heeft dat hij het niet zou begrijpen)

Dat die visie niet door iedereen gedeeld werd, vertaalde hij met een pijnlijke kwinkslag (zie hiernaast). Hij nam geen blad voor de mond en deed vaak erg treffende uitspraken. Een bloemlezing:

Time is your friend; impuls is your enemy. (vrij vertaald: beleg niet impulsief, maar laat de tijd voor u werken.)

The scandal is no what’s illegal. It’s what’s legal. (vrij vertaald: niet het illegale is schandalig. Wat wij legaal noemen is het wel.)

Buy right and hold tight. (vrij vertaald: koop een goed aandeel/fonds en hou het lang bij.)

The stock market is a giant distraction to the business of investing. (vrij vertaald: de aandelenmarkt werkt als een grote afleiding voor wie echt wil investeren.)

Don’t look for the needle in the haystack. Just by the haystack! (vrij vertaald: probeer niet aan stockpicking te doen, maar kies voor de totale markt.)

Weg met fondsbeheerders en tussenpersonen?

ontbrekende – of overbodige schakel?

Je kan in Bogle een voorganger zien in de strijd tegen het uitschakelen van de middleman (tussenpersoon). Een strijd die inmiddels op tal van vlakken doorgebroken is (denk alleen maar aan rechtstreekse verkoop via internet).

Nu is het zo dat in de financiële wereld vroeger een pak hogere

Categorieën
home

De nulmeting voor de eigen portefeuille in 2019

 

Onze teller staat niet alleen terug op 0. Hij is ook herijkt. Zodat u vanaf nu terug de maande- lijkse evolutie (YTD) van onze portefeuil-le kan volgen.

Al sinds medio 2012 publiceren we maandelijks de stand van onze eigen portefeuille. We doen dit in alle openheid.

De onderwaardering van de totale waarde in de eigen portefeuille wordt verholpen.

We hadden de gewoonte aangenomen om de fondsen waar we maandelijks in bijstorten jaar na jaar terug op 0 te zetten. Reden hiertoe was dat we het moeilijk hadden (geen wiskundeknobbel zijnde) om rendementen te berekenen voor kapitalen waarbij regelmatig een nieuwe inleg moet bijgeteld (en de instapkosten moeten afgetrokken)  worden.

Hierdoor was er na jaren een serieuze vertekening in de portefeuille ontstaan. Bepaalde fondsen kregen amper een gewicht, terwijl ze in feite toch goed vertegenwoordigd waren in de portefeuille. Deze vertekening werd ook jaar na jaar groter.

De maandelijkse commentaar op de portefeuille en de weergegeven rendementen weken dan ook steeds feller af van de realiteit. De stempel “Fake News” kon op de cijfers gedrukt worden.

We hebben dit nu verholpen door voor de betrokken fondsen 2 lijnen te