Categorieën
home

De BUM of de Belgische Uitgeversmaatschappij (opgepast: verkiezingsdrukwerk)

Lang geleden, voor het digitale tijdperk was De Vlaamse Uitgeversmaatschappij (VUM) een begrip in  ons land. Als vehikel dat de kranten van De Standaard- groep uitgaf vervelde ze eerst tot Corelio. Even later werd samen met Concentra het Mediahuis opgestart. In het licht van de nakende parlementsverkiezing lijkt het wel of de verzamelde politici zich verenigd hebben in een nieuwe uitgeversmaatschappij: de BUM of Belgische Uitgeversmaatschappij.

Nu is het voor politici uit de voorbije 50 jaar niet ongewoon dat ze geld uitgeven. Het is eerder een traditie. Maar geld uitgeven dat er niet is, is natuurlijk niet echt vooruitziend bezig zijn. Vraag het maar aan ganse bevolkingsgroepen die (soms ook gewoon door pech veroorzaakt) op schuldbemiddeling en budgetbeheer aangewezen zijn. Hun ontwaken eens de kraan dichtgaat is pijnlijk. Een lange periode van ultrazuinig leven, zich veel ontzeggen en geleidelijke schuldafbouw (-als ze geluk hebben- soms ook schuldkwijtschelding) is hun deel. Als ze er al bovenop geraken.

De spreuk “belofte maakt schuld” wordt momenteel in de buurt van de Wetstraat wel erg letterlijk genomen. Belastingsverminderingen, verhoging van pensioenen, verlaging van BTW, verlaging van pensioenleeftijd, …. elke politieke kleur heeft wel een item waarmee ze het geld terug aan de kiezer willen geven.

Rode cijfers…

Natuurlijk, koopkracht is een belangrijk item. Sociale afbraak, belastingsverhoging,…. tasten deze aan. Gevolg is gebrek aan vertrouwen, staken van consumptie, stilvallen/vertragen van het economisch leven. Maar koopkracht injecteren door geld dat er niet is uit te geven? Tja, dat lijkt toch geen goed idee. Alsof moeder op het einde van de maand en met niets in de portemonnee de kinderen naar de snoepwinkel om lekkers zou sturen. Toch niet bepaald gedrag dat het probleem aftopt en de kinderen bewust maakt van het precaire van de situatie.

Schuldafbouw: 1 van de mooiste cadeaus die we de komende generaties -nou ja- “verschuldigd” zijn.

Nu zijn we als land niet het land met de hoogste schuld. Een land als de VS heeft een groter gat in de hand. Daar heeft iedere inwoner in feite een schuld van $ 82.400 (*) aan zijn nek hangen ($ 141.750 per werkende inwoner). Maar als land kan de VS gezien zijn omvang, zijn economisch belang en dynamische economie wellicht iets vlotter de grote jan uithangen, dan het bescheiden België, waar een verouderende bevolking en een stramme arbeidsmarkt slechts een kleine vuist kan maken op wereldvlak. Met een schuld die iedere seconde + € 500 oploopt en momenteel op € 42.620 per inwoner staat (€ 85.250 per werkende inwoner) is de Belgische Staatsschuldmeter toch een flink tikkende tijdbom. Eén die elk moment kan afgaan. En dan leven we vandaag nog in een tijd van ultralage rente.

De Staatsschuldmeter van diverse andere landen laat zien dat we ons niet in een benijdenswaardige positie bevinden. Spanje doet het maar lichtjes beter dan ons land (schuld van $ 40.100/inwoner – $ 69.000/werkende inwoner), Engeland zit in dezelfde schuif ( schuld van £ 35.000/inwoner – £ 60.200/werkende inwoner) en zelfs Frankrijk  lijkt een betere leerling in vergelijking met ons land (schuld van € 37.800/inwoner – € 75.588/gezin). In al die landen blijft de teller momenteel ook ongenadig oplopen. Met andere woorden de schuld blijft er groeien.

Op vlak van schuld verwijderen België en Nederland zich momenteel van elkaar met een middelpuntvliedende kracht van € 850 / seconde.

Toch zijn er landen die het tij aan het keren zijn. Landen waar de staatsschuld geleidelijk aan het krimpen is. Oostenrijk is in die situatie (schuld van € 30.200/inwoner – € 60.400/werkende inwoner). Dichter bij huis ook Nederland (schuld van € 24.200/inwoner – € 48.400/werkende inwoner) en Duitsland (schuld van € 23.900/ inwoner – € 47.900/werkende inwoner).

… en begerige ogen 

Als politici bang zijn om ons met de waarheid te confronteren omdat ze hun kiezers als verwende, misleide kinderen niet tegen de haren in durven strijken om gespaard te blijven van gejengel van hun kroost, is dit vluchtgedrag dat opvoedend contraproductief is. Je zou je moeten afvragen waar het equivalent van Kind en Gezin is. Een orgaan dat controlerend, sturend en desnoods sanctionerend ingrijpt op de situatie.

Voor Mij! Voor Mij! Voor Mij! Voor Mij!

Als burger (kind in de vergelijking) zouden we zelf ook het verstand moeten hebben om verder te kijken dan onze neus lang is. Het kortzichtig, collectief egoïsme waar we ons met zijn allen aan bezondigen legt meer dan 1 hypotheek op de frêle schouders van de jongste generaties. Betalen voor de zorg van een vergrijzende bevolking, investeren om klimaatopwarming tegen te gaan, updaten van verouderde infrastructuur,….. begin er maar aan als je eerst eens diep in de put van staatschuld en opeenvolgende begrotingen hebt moeten kijken.  Je zou er voor minder de brui aan geven en je in een blokkerende bore-outwegens je er geen doen aan zien– verschansen.

Of je nu links – of rechts draagt, met een draagvlakbeleid begeven we ons verder op een hellend vlak.

11.11.11 maakte met regisseur Michaël R. Roskam een kortfilm over ons klimaat, ons geweten en onze toekomst. Dit om de politici te op hun verantwoordelijkheid te wijzen op vlak van te nemen klimaatmaatregelen en internationale solidariteit. Terecht.

Alleen vrees ik dat het verhaal van Een Verkeerde Toekomst nog veel te veel van een “wij én zij” (“de goeden versus de slechten“) – opdeling getuigt. We zullen allemaal onze eigen verantwoordelijkheid moeten opnemen, afkicken van onze routine en ons onnadenkend verwend gedrag moeten bijsturen.

Daarom: NEEN aan belastingsverlaging! JA aan rekeningrijden én verhoogde pensioenleeftijd!

Niet omdat we masochisten zijn, maar omdat inspelen op korte termijndenken én alleen doen waar zogenaamd een draagvlak voor is een doodlopende weg is. Wat de Grieken enkele jaren geleden overkwam, is niet onmogelijk elders. Schuldafbouw zal toch ooit prominenter op de agenda moeten komen, willen we met zijn allen gewapend zijn voor een volgende crisis. De Griekse kalenden (vaak verbasterd tot “kalender”) blijven gebruiken is een gevaarlijk spel.

Er was eens een zoon van een beroemde vader die orakelde: “Elke politicus weet wat je moet doen om het klimaatprobleem aan te pakken. Er is alleen geen enkele politicus die weet hoe hij nadien nog verkozen kan raken” . Welnu, ik verwacht van onze beleidsmakers niet minder dan dat ze doen wat ze moeten doen.

L’enfer c’est nous. Pas les autres.

En ik verwacht van mezelf en mijn medeburgers de moed om de feiten onder ogen te zien én niet alles op hun beloop te laten of op anderen af te schuiven. De eerder reeds geciteerde politicus had hier ook een oneliner over: “De beste stuurlui staan aan wal, maar ze gaan nergens naartoe”.

Eat that! galspuwende Facebooker, opgewonden Twitteraar of verongelijkte HNL-lezer als je de komende dagen je licht laat schijnen op de plannen van je eigen voorkeur en de voorstellen van je politieke tegenstander met de grond gelijk maakt.

Voilà, dit moest me even van het hart. Stuur het pek en de veren nu maar mijn richting uit.

————————————————————————————————————————————————————————————————-

(*): cijfers zijn een momentopname en slechts benaderend.

 

 

 

Categorieën
home

Uw geld lekt weg uit uw spaarboekje en uw zichtrekening.

Belgen hebben de naam van noeste spaarders te zijn. Maar erg veel ervan zijn financieel ongeletterd. 1 op 20 zou zelf compleet financieel analfabeet zijn. De combinatie van sparen zonder kennis zorgt er voor dat de financiële middelen van heel wat mensen niet optimaal benut worden. Eind september 2018 stond er +/- 256 miljard € op spaarrekeningen en +/- 80 miljard € op zichtrekeningen. Vaak wordt gesteld dat geld dat zich op spaarrekeningen bevindt op zijn minst in veilige handen zit. Handen die ook geen kosten aanrekenen. Omdat de rente op spaarrekeningen erg laag is (bij de meeste banken 0,11 %) zijn er meer en meer mensen die zelfs de moeite niet meer nemen om hun geld van zichtrekening naar spaarrekening over te zetten. Daar brengt het absoluut niets meer op. Maar blijkbaar genereert dit voor velen een veiliger gevoel dan zelf actief iets met zijn geld te doen.

Wat zijn de alternatieven?

Wat je met je geld kan doen, is vaak onvoldoende bekend.

  1. Voor het spaargedrag van onze ouders had Einstein gelijk, maar welke quote zou hij bij de huidige rentes (na inflatie) lanceren?

    Er was een tijd waarop men zonder veel risico zijn geld voor een langere termijn aan een bank kon toevertrouwen. Het geld werd dan op een termijnrekening of op een kasbon geplaatst. Het vergaarde daar een betere opbrengst, zonder dat er (instap)kosten moesten betaald worden. De belasting op de intrest (de roerende voorheffing) bleef een minder leuke aderlating, maar werd geslikt. De bruto-vergoeding was immers voldoende hoog, zodat er netto nog genoeg overbleef én de veiligheid van het product was quasi onbesproken. Maar die tijd is voorbij. De forse daling van de langetermijnrentes ging hand in hand met een forse verhoging van de roerende voorheffing .

  2. Investeren in de baksteen in de maag dan maar? Veelvuldig hebben zij die toch iets anders met hun geld wilden doen, geopteerd om dit in vastgoed te beleggen. Een tweede woning om te verhuren, leek een zekerheid: een extra regelmatig inkomen (de huur) gecombineerd met een gestage stijging van de waarde van de panden trok velen over de brug. Dat verhuren ook zorgen met zich meebrengt is iets waar velen pas na de feiten achter gekomen zijn. Tot heden is in België de automatische stijging van de waarde van het vastgoed niet grondig in vraag gesteld. Vastgoedcrisissen zoals in het buitenland (Spanje, Ierland,…) hebben we hier de laatste decennia  nog niet gezien.
  3. Investeren in beleggingsfondsen (hetzij in obligaties, hetzij in aandelen, hetzij in combinatie van de beide) is iets wat al veel minder gebeurd. Enerzijds wordt dit veroorzaakt door de angst voor het onbekende (pas op, de waarde van die beleggingen is niet gegarandeerd!) en anderzijds is een Belg blijkbaar allergisch aan kosten. Een hoge instapkost of nog erger een hoge instapkost én een intekentaks is een drempel die moeilijk te overschrijden valt.
    1. We zijn bereid om +/- 9 € voor een filmticket te betalen voor een beleving die ons eerst nog een verplaatsing met de wagen én parkeerticket kost en waarbij tijdens onze aanwezigheid een pak reclame over ons hoofd geprojecteerd moet worden in de -soms ijdele- hoop dat de film voldoende spannend/romantisch/grappig/… gevonden wordt.  En waarvan de beleving meestal na 2 uur voorbij is Maar 3 % instapkost voor een belegging die we misschien 5 à 10 jaar kunnen aanhouden, dat vinden we te veel.
    2. We zijn bereid om € 100 te betalen in een sterrenrestaurant voor een maaltijd waar we nog extra moeten betalen voor de dranken die we daarbij nuttigen voor een beleving van 2 uur, waarbij we vaak ook nog een verplaatsing met de wagen moeten voorzien. En waarvan we de restanten enkele uren later via ons toilet doorspoelen. Maar o wee, die instapkosten voor een belegging. Dat kan toch echt niet. Het lijkt een beetje de bevestiging van de marshmallow-test: instant bevrediging gaat boven lange termijnvoordeel.
  4. Investeren in individuele aandelen, bedrijven, start-ups,…. staat bij velen ook niet op de radar. Soms verkiest men echter deze strategie boven die van de fondsen. Vaak is dit omdat men een affiniteit met bedrijf  of de bedrijfssector heeft, maar geregeld ook omdat men getriggerd is door de mogelijkheden, de potentie, zonder de risico’s voldoende in ogenschouw te nemen.

Grosso modo zijn hierboven de alternatieven voor de spaarrekening opgesomd. Wie vroeger in termijnrekening of kasbon investeerde, wordt soms nog wel eens verleid om het vastgoedverhaal te onderschrijven. Maar de aantrekkingskracht van beleggingsfondsen of individuele investeringen is meestal een pak minder. In veel van die gevallen verdedigt men zich met de ‘veiligheid’ van de spaarrekening. Soms in de hoop op betere tijden in de toekomst, vaak uit vrees dat de andere mogelijkheden te risicovol zijn.

Collectieve verarming.

Nochtans moeten we nu al meer dan een decennium spreken van financiële repressie: het verarmen van de spaarder.  Einstein omschreef het effect van rente op rente als het achtste wereldwonder.  Een vaste gegarandeerde rente die jaar na jaar kapitaliseert levert na verloop van tijd een spectaculair kapitaal op.

tabeltje uit deze publicatie

Tenminste als de rente substantieel is. Iets wat pakweg 20 jaar geleden bij onze ouders het geval was. Een kasbon aan een rente van 7 % was namelijk bijna in nominale waarde verdubbeld (+ 97 %) als die na 10 jaar op vervaldag kwam.

Zo Einstein vandaag de dag zou terugkeren en de huidige rentevoeten onder ogen kreeg, hij zou wellicht minder euforisch geweest zijn. De samengestelde rente stelt nog erg weinig voor. Integendeel ze wordt meer dan opgegeten door de inflatie.

Als hij vergelijkingspunten zocht, zou hij vandaag de dag de inflatie wellicht de 11e plaag van Egypte genoemd hebben:  een sluimerend virus dat op lange termijn rampzalig is.

quasi ongemerkt verlies je dag na dag aan koopkracht.

Wie vandaag zijn geld op een spaarrekening zet aan 0,11 % (en in de veronderstelling dat de rente gelijk blijft) heeft na 10 jaar een bedrag van € 10.110,55 op zijn rekening staan. Echter, met een inflatie, die vandaag (cijfers HICP maart 2019)  1,98 % bedraagt (en in de veronderstelling dat de inflatie gelijk blijft -ter info: de doelstelling van de ECB is inflatie onder, maar dicht bij 2 %) heeft dit bedrag na 10 jaar nog slechts een koopkrachtwaarde van € 8.284,52. Met andere woorden met je gespaarde geld zal je uiteindelijk 17,15 % minder kunnen doen dan vandaag.

Deze realiteit geldt voor wie niet durft te springen en zich jarenlang op een klassieke spaarrekening schuilhoudt.

Einstein wist het toch beter.

Maar wacht eens even… de quote van Einstein bestaat uit 2 zinnen. En dat is niet voor niets. “Samengestelde intrest is het 8e wereldwonder. Hij die dit begrijpt verdient deze …. hij wie dit niet begrijpt betaalt deze.” Met andere woorden en in vrije vertaling: Wie begrijpt dat hij op zoek moet gaan naar een voldoende hoog rendement om het hefboomeffect van de rente te ervaren, zal er op vooruit gaan. Wie dit niet begrijpt zal uiteindelijk grote verliezen oplopen.

Spaarders moeten derhalve weg uit de comfortzone van de vorige generatie en nieuwe paden bewandelen, willen ze er financieel op vooruit gaan. Dit kan momenteel niet zonder aanvaarding van een zeker risico. Er is geen absolute zekerheid dat die financiële vooruitgang je lukt. Je weet alleen dat het je -zie cijfers hierboven- zeker niet lukt als je het niet probeert.

In die zin zijn spaarrekeningen een soort verre zwarte gaten. Je hebt er op het eerste zicht geen last van, maar geraak je in hun invloedssfeer, dan wordt je onverbiddelijk meegezogen. En dit wreekt zich later.

Noest sparen, risico-avers zijn én niet financieel gevormd zijn: het is een redelijk giftige cocktail, die pas op termijn voor de koppijn en de ontnuchtering zorgt. Een financieel vertrouwenspersoon onder de arm nemen en er op letten dat deze voldoende spreiding in je belegging verwerkt, kan een oplossing uit de impasse zijn. Zelf al heb je daar een beetje kosten aan.