Categorieën
home

Duurzaam beleggen bij de Belgische verzekeraars: veel ruimte voor verbetering.

logo Assuralia - duurzaam beleggen bij de Belgische verzekeraars
het groen(*) krulletje in het logo mag in de werking gerust nog meer geprofileerd worden. (* disclaimer: auteur is kleurenblind)

Op 26 juni publiceerde de koepel van verzekeringsmaatschappijen Assuralia een artikel met de trendy titel: Verzekeringssector trekt mee duurzaamheidskaart. Hierin werd gesteld dat -net zoals de consumenten- de verzekeraars ook zeer gevoelig zijn voor duurzaamheid. Steeds meer zou dit uit hun productgamma blijken.

Dat verzekeraars met hun producten oplossingen bieden voor veel verschillende risico’s waarmee burgers geconfronteerd worden staat buiten kijf. Dat ze investeren in onder meer belangrijke infrastructuurprojecten (scholen, ziekenhuizen, windmolenparken, …) is evenzeer een feit. Hiermee is echter niet uitgesloten dat ze ook investeren in niet-duurzame projecten.

Assuralia steunt (volgens dit persbericht) elk initiatief of maatregel die de consument helpt bij het ontwikkelen van een eigen duurzame beleggingsstrategie. In die zin onderschrijven ze ook het -niet onbetwiste- duurzaamheidslabel dat door Febelfin uitgewerkt werd. Maar de sector zou ook verder gaan door méér en méér duurzame financiële spaar- en beleggingsverzekeringen aan te bieden. Producten waarbij ESG de norm wordt bij de investeringen. Papier is natuurlijk verduldig.

We stelden de vraag “Klopt dit alles wel?”

Als we de moeizame pogingen zien van Dr. Anneleen De Bonte en FairFin om een duurzaam pensioenfonds te vinden voor het Vrij Aanvullend pensioen van Zorgverleners, hebben we alvast een aanleiding om te twijfelen.

In België hebben we geen eerlijke verzekeringswijzer. Dus ook daar kunnen niets afchecken. Daarom deden we zelf even aan factchecking: “Trekt de verzekeringssector wel mee de duurzaamheidskaart?

Op de site van Assuralia vonden we hier de Top 15 van Belgische verzekeraars. We hebben die in een tabelletje gezet met hun marktaandeel eind 2018. Die top 15 vertegenwoordigt 87,69 % van de markt. Niet volledig dus, maar toch een uit de kluiten gewassen steekproef. Naast naam en het marktaandeel vindt u in kolom 3 of de verzekeraar (of zijn beleggingsafdeling) de principes van verantwoord investeren (een UN-initiatief) onderschreef. Dit kan je nagaan via de PRI-website .

AG Insurance21,74 %Ja
AXA Belgium11,35 %
Ja via AXA group & Axa Investment Managers
Ethias9,29 %
Nee
KBC Verzekeringen8.79 %
Ja via KBC Asset Management
Belfius Insurance6.48 %
Ja via Belfius Investment Partners
P&V Verzekeringen5.69 %
Nee
Allianz Benelux4.97 %
Ja via Allianz SE en Allianz Global Investors
Baloise Belgium4.70 %
Ja via Baloise Asset Management
NN Insurance Belgium4.42 %Ja via NN Investment Partners
Argenta Assuranties2.47 %Nee
Athora Belgium2.41 %
Nee
DKV Belgium2.03 %
Nee
Ergo Insurance1.19 %Nee
Credimo1.11 %Nee
Fidea1,06 %Nee

We stellen ons de vraag welke duurzame beleggingsproducten hebben deze verzekeraars in hun aanbod opgenomen?

Voorafgaandelijke opmerkingen:

  1. We beperken ons tot het verzekeringsaanbod. Enkele spelers in de markt hebben ook een bankwerking. Producten die in het bankaanbod zitten vallen niet onder deze scoop.
  2. We focussen op het aanbod voor particulieren. We kijken dus naar de 3e pensioenpijler (langetermijnsparen en pensioensparen) en naar het beleggingsaanbod zonder fiscaal voordeel (Tak 23).
  3.  De verzekeringsmarkt is niet eenduidig. Sommige verzekeraars werken uitsluitend met verzekeringsmakelaars. Anderen juist niet:  een maatschappij als Ethias werkt voornamelijk via rechtstreekse verkoop, Belfius, KBC en P&V werken voornamelijk via een agentennet.  Sommigen zijn hybride van opstelling: P&V heeft een zustermaatschappij voor makelaars (Vivium). AG Insurance werkt zowel met makelaars als met het bankkanaal van BNP Paribas Fortis. Tevens werken ze samen met BPost als distributiekanaal.
  4. De cijfers uit de tabel zijn inmiddels wat verouderd. Met name de overname van Fidea, noch de overname van de varia-portefeuille van Athora door Baloise Insurance zijn verwerkt.

AG Insurance

  1. Het BPost-aanbod:
    1. Hier bevat het aanbod momenteel 37 verschillende beleggingsfondsen, waarvan 35 met einddatum. Dus fondsen die niet in een permanent aanbod steken en meestal een kapitaalbeschermingsstructuur hebben. Door dit feit zijn ze relatief ondoorzichtig. Een moeilijk uit te voeren analyse zou moeten uitmaken hoeveel duurzaamheid er overblijft na alle compenserende technieken om de kapitaalsgarantie overeind te houden.
    2. We kunnen ervan uitgaan dat producten als Post Optima Women Leadership 06/2028 , Post Optima Global Transition 90 10/2027 en Post Optima Global Megatrends 90 op zijn minst raakpunten hebben met ESG, maar concreter kunnen we helaas niet zijn.
    3. Een opmerking in de rand: vreemd dat na het debacle van Optima Bank AG blijkbaar producten blijft aanprijzen onder die naam.
  2. Het BNP Paribas Fortis-aanbod:

    Hier steken een kleine 180 fondsen in het aanbod.

    1. Gesloten fondsen
      1. Een 125-tal zijn ook kapitaalbeschermingsfondsen. En ook hier geldt dezelfde opmerking als bij het BPost-aanbod.  We vinden onder meer Smart Invest Bon Women leadership 2027 (4 versies), Smart Invest Bon SRI Europe (11 versies), Smart Invest Bon, SRI 90 Europe Booster (3 versies), Smart Invest Bon SRI 90 Europe (2 versies), Smart Invest Bon Europe ESG Leaders 2027 (3 versies), Smart Invest Bon Global Megatrends 90 (2 versies), Smart Invest Bon Europe Diversity Impact 2028 (4 versies), Smart Invest Bon Global Diversity Impact (4 versies), Smart Invest Bon Europe Sustainable Goals 2028 (2versies), Smart Invest Bon Climate & Energy Transition 2028 (2 versies) en Smart Invest Bon World Select ESG 2029 terug.  Gezien het hier telkens over fondsen met einddatum gaat, lijkt het niet onredelijk om te veronderstellen dat deze fondsen vooral aan het klassieke bankkliënteel verdeeld worden. Kort door de bocht: de kasbonklant die in tijden van lage rente anders nog moeilijk kan bediend worden.
    2. De rest zijn open fondsen.
      1. We vinden er AG Life Climate Change  (4 globes en OK voor CO2-blootstelling) , AG Life  Equity World Aqua (3 globes en OK voor CO2-blootstelling), AG Life Portfolio FoF Stability SRI (duurzaamheid niet gequoteerd), AG Life Portfolio FoF Balanced SRI (5 globes, geen gegevens rond blootstelling aan CO2) , AG Life Sustainable Defensive (duurzaamheid niet gequoteerd), AG Life Sustainable Neutral (duurzaamheid niet gequoteerd) en AG Life Sustainable Dynamic (5 globes en geen gegevens rond CO2-blootstelling). Op de webpagina waar je de eenheidswaarden van deze fondsen terugvindt, vindt je ook een pdf met naam Duurzame Strategie (voorbeeldlink). 
      2. De gegevens rond weging mbt. duurzaamheid en blootstelling aan CO2 haalden we bij Morningstar. We gebruiken die bron verder ook. Onze controledatum: 19/11/2019.
  3.  Het aanbod via makelaarskanaal:
    1.  Het aanbod bevat 36 kapitaalbeschermingfondsen. We vinden enkele hierboven reeds vermelde fondsen (onder een lichtjes andere naam) terug: AG Target + Ethical Europe Equity Index  (ook een versie met 90 % kapitaalbescherming beschikbaar),  AG Target + Global Megatrends 90 , AG Target + Sustainable 1, AG Target + USD ESG Global Leaders 2027, AG Target + 90 ESG Global Leaders 2027 , AG Target + USD Sustainable Goals 2027 (ook een versie met 90 % kapitaalsbescherming beschikbaar) en AG Target + USD Climate Care 2026. Allen fondsen met (op zijn minst gedeeltelijke) ESG-insteek, maar ook hier: hoeveel ESGgehalte blijft er effectief over met het geld dat je belegt?
    2.  Er zijn ook 26 open beleggingsfondsen te koop via een verzekeringsmakelaar. Slechts 2 ervan kunnen als duurzaam beschouwd worden:  AG Life Equity World Aqua (3 globes en OK voor CO2-blootstelling) en AG Life Sustainable Equities (4 globes en OK op vlak van CO2-blootstelling).

Conclusie voor AG Insurance: een erg groot aanbod van fondsen, waarin zeker bij de kapitaalbeschermingsfondsen (althans qua naamgeving) duurzaamheid belangrijk lijkt te zijn. In de open fondsen is er geen 10 % dat expliciet rekening houdt met duurzaamheid. De Febelfinlabeling Towards Sustainability oordeelt wat lichter

AXA Belgium

Hier kunnen we kort zijn.

Voor de particulier klant is het sinds 16/01/2017 niet langer mogelijk om in te tekenen op hun Piazza Invest formules. Daar zat 1 duurzaam fonds bij. Bestaande klanten kunnen er in bijstorten, voor nieuwe klanten staat dit niet open. Sindsdien wordt er geen Tak 23 meer aangeboden.

Beschikt u over een groot te beleggen kapitaal, dan wordt u doorverwezen naar het vermogensbeheer van Architas. Duurzaam beleggen is daar geen actieve topic.

Ethias

Deze verzekeraar verloor zijn erkenning om zelf beleggingsverzekeringen uit te geven. Dit in de nasleep van de bankencrisis, waarbij de gegarandeerde rente op hun First-rekening een molensteen rond hun rentabiliteit legde. Sindsdien verkoopt Ethias beleggingsproducten van verzekeraar De Integrale. De producten die men aan beleggers en spaarders aanbiedt, hebben geen duurzaam accent.

KBC Verzekeringen

ruimte voor verbetering - duurzaam beleggen bij de Belgische verzekeraars
In Nederland liggen verzekeraars scherper onder de loep van de consument.

Hier is de verstrengeling tussen bank en verzekeraar het grootst.  Op de pagina over het aanbod Tak 23-levensverzekeringen wordt je doorverwezen naar de algemene KBC-fondsenzoeker en daar blijken 1.180 fondsen beschikbaar. Selecteer je thematisch (gekozen voor duurzaam, alternatieve energie, waterindustrie en klimaatverandering, dan behoud je nog 145 fondsen. Stuk voor stuk moesten die dan afgelopen worden om er de 18 beleggingsverzekeringen uit te halen:

De kwaliteit en de eigenschappen van de producten

Omdat we zelf verzekeringsmakelaar zijn, hebben we geen toegang tot deze producten. KBC werkt met verbonden agenten of loontrekkenden.  We kunnen op basis van een google-search dus niet veel zeggen over de kwaliteit van de betrokken producten.

Het feit dat de beleggingsverzekeringen hetzij niet gekend zijn bij Morningstar, hetzij er niet gequoteerd zijn wil niet automatisch zeggen dat ze niet-kwaliteitsvol zijn. Mogelijk zijn ze te klein in omvang of te recent in de markt gezet om al geanalyseerd te zijn.

Gezien de naamgeving van de producten lijkt het er op dat er afhankelijk van het type belegger (defensief, neutraal, dynamisch) diverse producten in de markt gezet zijn.  Als leek lijkt het me wel niet evident om de nuances of verschillen tussen de verschillende formules vlot te begrijpen. Febelfin is terug vrij mild in zijn benadering van de KBC fondsen. 

Belfius Insurance

Bij Belfius gebruikten we hun verzekeringsfondsenzoeker. Daar lezen we dat er momenteel 67 fondsen beschikbaar zijn. We vinden er enkele fondsen die onder de ESG-vlag kunnen ingedeeld worden. Belfius Invest Climate Awareness 90 01/2028 is een kapitaalsgarantiefonds met einddatum, waar we geen verdere info over vinden. Verder is er BI Candriam Sustainable Balanced (5 globes, geen gegevens mbt. CO2-blootstelling bij Morningstar. Naamgeving eindigt bij Mornigstar op Neutral ipv. op Balanced),  BI Candriam Sustainable Dynamic (geen gegevens), BI Econopolis Smart Conviction (geen gegevens beschikbaar)  en BI Echiquier Arty (5 globes, geen gegevens mbt. CO2-uitstoot).

Van een verzekeraar die zijn wortels onder meer in de christelijke arbeidersbeweging heeft en ook een groot gedeelte van de katholieke zuil verzekert, mocht verwacht worden dat deze toch minstens iets meer op het Sociale aspect van ESG zou inzetten. Of niet?

P&V Verzekeringen

Ook een oogopener wat mij betreft. Hoewel P&V haar wortels heeft in de socialistische zuil, nog steeds een coöperatieve structuur heeft en met haar stichting actief burgerschap ondersteunt, is er niet echt een duidelijke profilering in hun beleggingsaanbod. Het aanbod Tak 23 bestaat uit 6 fondsen. 1 ervan FFG Architect Strategy Fund (hier het moederfonds (geen rating op vlak van duurzaamheid en blootstelling aan CO2-uitstoot)) besteedt minimum 50 % van haar winst (of 10 % van haar zakencijfer) aan maatschappelijke projecten (via KoningBoudewijnstichting). Op de slotbijeenkomst van het project Duurzaam Pensioen bij FairFin, liet een vertegenwoordiger van P&V op 09/12/2019 zich ontvallen dat er momenteel intern toch ook een beweging op gang komt om meer aandacht aan duurzaamheid (ook in Tak 21) te besteden.

Er is door P&V geen onderscheid in haar aanpak tussen de agentenwerking via P&V Verzekeringen en de makelaarswerking via zustermaatschappij Vivium.

Tot voor enkele jaren was P&V ook eigenaar van het Luxemburgse Euresa Life. Dit was een soort grossier in beleggingsfondsen, waar wie op zoek was naar een duurzaam beleggingsfonds wel enkele matches kon vinden. Gedreven door strengere regelgeving heeft P&V deze poot verkocht om zich intern op de Belgische markt te kunnen versterken. Maar per 16/12/2019 ll. maakte P&V bekend dat ze de nicheverzekeraar Private Insurer overnemen. Op korte termijn zal het aanbod Tak 23-fondsen er dus fors uitgebreid worden. Afwachten of hierbij een accent op duurzaam beleggen komt te liggen.

 

Allianz Benelux

Hoewel Allianz wereldwijd als 1 van de duurzame investeerders bekend is – zie ook Allianz Global Investors, dat zich richt grotere kapitalen (institutionelen, familiekapitaal,… -, is het aanbod dat op de Belgische markt verdeeld wordt via verzekeringsmakelaars helaas ESG-vrij.  Mogelijks uitzonderling gemaakt voor het gesloten fonds Allianz Global Megatrends 2027. Veel duidende info hierrond vinden we niet op internet.

Baloise Belgium

Je moet het de mensen ook niet te moeilijk maken. Anders blokkeren ze.

Verzekeraar Baloise kiest -net als Allianz & P&V verzekeringen wellicht- voor het adagium “keep it simple” wat beleggingsfondsen betreft.  Ze biedt slechts 12 beleggingsfondsen (2 obligatie- en liquiditeitfondsen, 5 aandelenfondsen en 5 gemengde fondsen) aan. Daar steekt geen enkel duurzaam fonds bij.

In het verleden had ze na overname van Nateus, die zelf eerder Belstar overnam, wel enkele duurzame fondsen in haar aanbod. Maar die werden later geschrapt.

Ondertussen heeft Baloise ook verzekeraar Fideav- zie verder- overgenomen. In het aanbod van deze verzekeraar steken enkele fondsen, die als duurzaam kunnen bestempeld worden. In een communicatie aan haar makelaars laat Baloise weten dat die alvast blijven gecommercialiseerd worden in 2020.

NN Insurance Belgium

Net zoals Athora Belgium (zie verder) heeft deze verzekeraar zich volledig teruggetrokken uit de sector varia (brand-, autoverzekeringen, …). De focus ligt nu volledig op levens- en beleggingsverzekeringen. De verzekeraar was vroeger gekend onder de naam Delta Lloyd Life en werd uiteindelijk overgenomen door de Nationale Nederlanden.

Zowel Delta Loyd als Nationale Nederlanden waren gepokt en gemazeld in Nederland. Dit verklaart dat er in het aanbod toch een grote aandacht is voor duurzaamheid. Dit accent was in Nederland veel vlugger populair onder particulieren dan in België.

Van de 41 fondsen die momenteel voor particulieren openstaan,  kunnen de volgende als min of meer duurzaam gezien worden: DNCA Invest Eurose (4 globes, geen gegevens over CO2-blootstelling) , FFG Architect Strategy Fund (geen rating op vlak van duurzaamheid en blootstelling aan CO2-uitstoot), NN Global Sustainable Equity Fund (4 globes en geen gegevens over CO2-blootstelling), Patrimonial Future Fund (nog niet opgevolgd door Morningstar. U vindt er hier info over.), Patrimonial Balanced European Sustainable Fund (5 globes, geen gegevens over CO2-blootstelling),  Nordea Global Climate and Environment Fund (5 globes, Low Carbon label), Pictet Global Megatrend Selection Fund (4 globes, Low Carbon label), Triodos Sustainable Bond Fund (duurzaamheidsgegevens niet beschikbaar) , Triodos Sustainable Equity Fund (5 globes, Low Carbon label) en Trusteam Optimum Fund (3 globes, geen gegevens over blootstelling CO2-uittoot beschikbaar).

Bij NN kan een klant voor zowat elke profiel een voldoende gevarieerde belegging bekomen, die ook rekening houdt met het duurzaamheid zo hij (m/v/x)dit belangrijk vindt.

En hoewel het Patrimonial Future Fund nog erg recent is, kan dit ook als volwaardig pensioensparen onderschreven worden.

Argenta Assuranties NV

Zoals zo veel banken heeft Argenta te lijden onder de lage rentes. Ze zochten oplossingen om het spaargeld dat vroeger in kasbons en dergelijke stak toch te behouden. Daarom investeerden ze ook in Tak 21 en Tak 23-fondsen.

Momenteel verdelen ze 35 beleggingsfondsen. Enkele ervan spelen in op duurzaam beleggen. We hebben het dan over Argenta Life Responsible Growth Fund (5 globes en lage CO2-uitstoot -LowCarbon-label volgens Morningstar) , Argenta Life Responsible Growth Défensif Fund (niet gequoteerd op duurzaamheid) , Argenta Life Responsible Materials (5 globes en OK op vlak van CO2-uitstoot- , Argenta Life Responsible Utilities (5 globes en nog relatief grote blootstelling aan CO2-uitstoot), Argenta Life Sustainable Food Trends ( belegt voornamelijk in DPAM Invest B- Equities Sustainable Food Trends B (2 globes en OK blootstelling aan CO2-uitstoot).

Athora Belgium

Is de nieuwe naam van wat vroeger Generali Belgium was. De verzekeraar besloot erg recent om zich voortaan alleen op levensverzekeringen  en beleggingsverzekeringen toe te leggen. Om die reden verkocht hij zijn variaportefeuille (auto, brand, …) aan Baloise Belgium.

In het aanbod van Athora steken momenteel 32 beleggingsfondsen. Enkele ervan kunnen als duurzaam bestemd worden. We hebben het dan over Ath. Quest Cleantech Fond (2 globes, geen gegevens over CO2-blootstelling  bij Morningstar),  DNCA Invest -Eurose (4 globes, geen gegevens over CO2-blootstelling ), Keren Patrimoine (3 globes, geen gegevens over CO2-blootstelling ), Universal Invest Medium (4 globes, CO2-blootstelling is OK ), Universal Invest High (4 globes, Blootstelling aan CO2 is OK ), Echiquier Arty (5 globes, geen gegevens over CO2-blootstelling ), FFG Global Flexible Sustainable (4 globes, geen gegevens over CO2-blootstelling), M & G Global Listed Infrastructure (4 globes, nog relatief grote blootstelling aan CO2-uitstoot ) en Nordea 1 Climate & Environment (5 globes, Low Carbon label).

Met het Athora-aanbod kan je een voldoende gevarieerd duurzaam aanbod vormgeven voor pensioenspaarders of 4e pijler-beleggers met een gebalanceerd of dynamisch profiel. Voor de defensieve klant moet je dit nog stofferen met niet-duurzame fondsen.

DKV Belgium

Dit is een zorgverzekeraar (hospitalisatie, tandzorg, inkomensverlies,…). Om die reden is er geen beleggingsaanbod. Dus ook geen duurzaam beleggingsaanbod.

ERGO Insurance

Per 16/06/2016 heeft Ergo bekend gemaakt dat zij niet langer nieuwe verzekeringen verkoopt in België en Luxemburg. Zie Nieuwe Strategie Ergo – Hoe gaat ERGO mijn beleggingsfondsen in de toekomst beheren-. De bestaande contracten blijven intact. Er kunnen geen nieuwe meer onderschreven worden. Om die reden is er ook geen actief duurzaam beleggingsaanbod bij deze verzekeraar.

Credimo

Credimo is een verzekeraar die zich tevens op hypothecair krediet toelegt. Hij verzamelt daarvoor gelden in via tak 21 en tak 26-producten. Dit zijn producten voor korte – of middellange termijn met een vaste opbrengst. Er is geen aanbod mbt. duurzaam beleggen aanwezig.

Fidea

Deze verzekeraar werd de laatste jaren van het kastje naar de muur geslingerd. Was onder meer een tijdje deel van de KBC-groep, kwam bij een Chinese investeerder terecht en werd nu recent door Baloise overgenomen. Voorlopig is hij nog niet in de Baloise-structuur opgegaan. In die eigenaarscarrousel was er gedurende enkele jaren geen beleggingsaanbod.

Momenteel verdeeld de verzekeraar 28 fondsen via zijn Tak 23-oplossingen. Enkele kwamen we reeds eerder tegen bij hogervermelde verzekeraars. We vinden er BlackRock New Energy Fund (5 globes, nog relatief grote blootstelling aan CO2-uitstoot), DNCA Invest Eurose (4 globes, geen gegevens over blootstelling aan CO2-uitstoot), DNCA Invest Global Leaders (3 globes en geen gegevens over Co2-uitstoot bekend), Triodos Sustainable Equity Fund (5 globes, Low Carbon label), DNCA Invest Beyond Instrastructure & Transition 5 globes en blootstelling aan CO2-uitstoot is +/- OK), Pictet SmartCity ( 5 globes en Low Carbon label) en Pictet Global Environmental Opportunities 5 globes en Low Carbon label) terug.

Baloise gaf haar makelaars te kennen dat dit aanbod alvast ook in 2020 via haar kanalen kan verkocht worden. Maar daarmee is nog niet gezegd dat ze overleven eens Baloise de groep volledig geïntegreerd heeft. Alleen zijn de eerste tekenen positief.

Trekt de verzekeringssector mee de duurzame kaart zoals Assuralia ons wil laten geloven?

De slotconclusie lijkt toch te zijn dat duurzaam beleggen bij de Belgische verzekeraars niet echt een rooskleurig verhaal is. Er is nog werk aan de winkel.

Enkele verzekeraars hebben duidelijk stappen gezet. Maar een expliciete lijn wordt nog nergens uitgezet. Toch niet zoals in de banksector vorig jaar waar KBC uitpakte met zijn nieuw duurzaam pensioenspaarfonds (Pricos SRI) of ING zijn bestaande pensioenspaarfonds volledig omschakelde op basis van duurzame criteria (Starfund).

Het valt op dat enkele verzekeraars de trend van duurzaam beleggen (momenteel) straal negeren door gebrek aan aanbod voor hun cliënteel. Het zal wel weer een kip en ei verhaal zijn (het wordt niet genoeg gevraagd dus we bieden het niet aan versus we vragen er niet naar omdat we het niet in het aanbod aantreffen).

In het kader van het Europees actieplan duurzame financiering, zou het wellicht niet misstaan dat Assuralia wat extra aan de kar duwt. Bijvb. door te stimuleren dat de gehele sector de PRI-regelgeving onderschrijft en begint na te leven.

Ook het prudentieel toezicht zou daar wel wat actiever mogen in zijn. Uit een recent onderzoek van de Nationale Bank rond hun houding mbt. klimaatrisico’s  bleek dat (slechts) 8 verzekeraars bevraagd werden. En de resultaten uit die steekproef wijzen er niet op dat men zich er van alle consequenties bewust is.

 

Categorieën
home

Allemaal duurzaam dankzij Febelfin?

Nu de eerste lading van duurzame financiële producten hun zegen kreeg van het Central Labelling Agency of the Belgian SRI label (CLA) van Febelfin, kunnen we een voorzichtige balans opmaken. Leidt die selectie de geïnteresseerde klant naar een echt duurzaam product? Of zit er nog teveel kaf tussen het koren en moet het label in eerste instantie gezien worden als een nieuw marketinginstrument van de financiële sector? Iets om een nog niet volop bespeelde flank alvast toch af te dekken?

Hét Belgische Duurzaamheidslabel.

logo van the Central Labelling Agency van Febelfin
Nederlands of Frans in het logo is wellicht niet hip of gewichtig genoeg

De toevoeging aan de naamgeving ‘the Belgian SRI label‘ wijst er op dat het initiatief gebruikt wordt om zich als enige valabele scherprechter in de markt te zetten. De exclusiviteit op te eisen met andere woorden. Nu nog in kleine quasi onleesbare letters op het logo. Maar straks ook gebruikt om kritische- of andere meningen te weren? We zullen moeten afwachten (en attent zijn).

Alvast de perstekst van Febelfin nav. de lancering laat weinig over aan de verbeelding “… Ander labels kunnen niet noodzakelijk op hetzelfde draagvlak rekenen als dit sectorbreed gedragen initiatief. De grote steun van Belgische aanbieders en beheerders dwingt (eigen cursivering) ook buitenlandse spelers actief op de Belgische markt om het label aan te vragen.’

Omdat er geen eenduidige definitie is van wat SRI (Socially Responsible Investing) is (wanneer het begint of wanneer het ophoudt), had een meer bescheiden ‘a Belgian SRI label” m.i. op zijn plaats geweest.

Scoren op kwantiteit.

Er werden erg veel fondsen goedgekeurd. 77,75 % van de aanvragers (311 op 400) werden tot het label toegelaten. Wie sneuvelde en waarom is voor buitenstaanders niet bekend. Mogelijk ontbraken alleen enkele details in het dossier en worden sommige kandidaten later toch nog toegelaten tot de club.

Dit grote aantal suggereert dat het wel goed zit met de mogelijkheid om een duurzaam financieel product te onderschrijven. Dat de sector deze verzuchting, deze trend voldoende oppakt. Tenzij je ervan uitgaat dat de lat gewoon te laag gelegd werd. Er zijn kwantitatieve redenen om dit te denken.

Zo zien we in de ons omringende landen, waar labels al langer bestaan, dat er heel wat minder fondsen toegelaten worden door de labelgever.

  • Frankrijk benadert met haar officieel ISR-label nog het meest de Belgische hoeveelheid. Daar zijn er momenteel 275 fondsen die het label mogen dragen.
  • Luxemburg (toch een Europees financieel centrum en erg belangrijk op de fondsenmarkt) erkent met het LUXFLAG-label slechts 84 fondsen als duurzaam. 8 fondsen staan er op een watchlist.
  • Duitsland heeft slechts 64 fondsen (20,58 % ivm. België) die het FNG-Siegel krijgen.

In een tweede ronde (februari 2020) komen er nog financiële producten bij. Het lijkt dus toch een beetje op een kermisattractie waarbij “iedereen prijs!” geroepen wordt.

Het glas halfvol of halfleeg?

Dat de huidige kwaliteitsnorm eerder pover is, wordt trouwens niet ontkend. Zo lezen we over die kwaliteitsnorm:

  • ‘ Met …als doel … de financiering uitsluiten van een beperkt aantal praktijken  (vet door auteur) die algemeen als onduurzaam worden beschouwd.’

    ’t Is maar hoe je het bekijkt
  •  ‘De focus ligt op transparantie en de aanlevering van relevante en nuttige informatie die potentiële klanten kunnen gebruiken om te bepalen of het beleid van een specifiek product overeenstemt met hun persoonlijke overtuigingen.’
  • ‘Het naleven van de beginselen van de norm moet eerder worden geïnterpreteerd als een teken dat een product op het juiste pad zit naar duurzaamheid“.
  • “Een label dat potentiële beleggers het vertrouwen moet geven en (hen) geruststellen dat de financiële producten ….niet worden blootgesteld aan zeer onduurzame praktijken, zonder dat de beleggers daarvoor zelf een gedetailleerde analyse moeten uitvoeren”.

De site zelf en haar logo legt hier niet voor niets de nadruk op. “Towards sustainability” klinkt het voorzichtig.

Het is toch een beetje alsof de katholieke kerk een lijst van potentiële heiligen zou bekendmaken. Mensen, die men mag aanbidden in de zekerheid dat ze alvast geen doodzonde begaan hebben. De praktijk leert dat “gelovigen” op zoek naar vertroosting hier genoeg aan hebben. Slechts enkelingen zullen hun biografie er op nalezen om zich ervan te vergewissen of ze het gebed waard zijn.

Dit lijkt het gevaar van dit label. Alle nodige elementen voor een gedetailleerde analyse moeten transparant zijn. En dat zijn ze ook.  Je moet echter zelf doorklikken en dan voldoende kritisch de identificatiefiches lezen. Het gros van de mensen doet dit -jammer genoeg- niet.

Maar drinken zullen we.

Uitgevers van fondsen zullen de labeling echter wel om promotionele redenen inzetten. We konden dit reeds zien bij KBC, die nog op de dag van de lancering van de Febelfinsite haar hoera-fanfare liet uitschallen: ... alle 65 duurzame beleggingsfondsen van KBC voldoen volledig aan de Febelfinstandaard (en gaan in aantal gevallen zelfs verder).

De onvermijdbaarheid van het label zorgt er ook voor dat bijv. Triodos, welke zich aanvankelijk erg kritisch (lees: negatief) uitliet over de afgesproken normering, toch ook getrouw haar producten liet labelen.

Bijschenken of toch niet?

Febelfin is zich bewust dat ze vertrekt van een lage standaard. Ze rekenen er op dat hun label een vertrekpunt en geen eindpunt is. Zal ze er in slagen de financiële spelers (en ook de beleggers) mee te trekken? De standaard zal alvast aangepast worden aan evoluties op EU-niveau, waar het actieplan duurzame financiering voor zover bekend veel scherpere grenzen lijkt te willen trekken. Maar het lobbywerk rond de taxonomie voor duurzame producten kan nog wat water aan die wijn toevoegen.

Elke 2 jaar worden de criteria herzien. Dit in een multi-stakeholdersconsultatie (ja, dat woord gebruiken ze echt) via het adviescomité van het Central Labelling Agency van Febelfin. Dit adviescomité moet echter nog opgericht worden. Volgens het organogram op de site zal dit voorgezeten worden door een non-financial en bestaan uit actoren uit de financiële sector en betrokkenen uit de burgermaatschappij. Wie die zijn én wie welk gewicht zal hebben? Wait and see.

De ervaring leert dat het erg moeilijk is om eens betrokkenen tot een club behoren hen er terug uit te gooien. Vroeger luidde het gezegde “je moet al je moeder vermoord hebben vooraleer je ontslagen wordt bij politie/leger/…”. En –even politiek incorrect– we weten dat het niet evident is om de Belgische nationaliteit van iemand, eens deze ze verworven heeft, ze terug af te nemen.

We zullen zien of het hier anders zal lopen. Zullen erkende fondsen bij controle of bij stijgende normen consequent hun label verliezen?

Rechter en partij tegelijkertijd.

rechter en partij - Central Labelling Agency van Febelfin
wie heeft de sleutel om te beslissen?

1 van de fundamentele bezwaren tegen het dit label is de opmerking dat de sector hier zichzelf controleert.  Je leest deze kritiek bijvoorbeeld bij Réseau Financité .

In de geschiktheidscommissie is er een overwicht van onafhankelijken (6 tegen 4). De Raad van Bestuur van het Central Labelling Agency van Febelfin bestaat uit 8 leden. 4 ervan komen uit de financiële sector. 4 zijn onafhankelijk (1 ervan heeft een carrière achter de rug bij Triodos en was actief rond duurzaam beleggen). Niet iedere onafhankelijke lijkt echter de financiële sector goed te kennen. Zullen zij genoeg weerwerk kunnen bieden aan vertegenwoordigers van de sector?

Er komt nog een raadgevende commissie om de Raad van Bestuur te adviseren. De opstart en de samenstelling hiervan is uitgesteld tot midden 2020.

Onafhankelijk van het CLA is er een verificateur. Deze moet een ‘technische en diepgaande controle uitvoeren op de producten waarvoor een label is aangevraagd’. Deze verificateur bestaat uit Forum Ethibel, ICHEC, Managementschool Brussel en Universiteit Antwerpen. De onafhankelijkheid van die instantie is relatief, gezien zij zich aan de neergeschreven zwakke normeringsregels moet houden. Met andere woorden het speelveld is afgebakend.

Zelf schrijft Febelfin dat de governance-structuur bijzonder robuust is. We durven daar aan twijfelen. Het is niet meer zo dat buitenstaanders volledig uitgesloten zijn (cfr. corporatistische praktijken zoals -althans vroeger, in de huidige werking heb ik mij niet verdiept– bij de Orde van de Artsen of Orde van Advocaten), maar of ze opgewassen zijn tegen de gestroomlijnde falanx uit de financiële sector valt af te wachten.

Eigen fonds eerst?

Hoewel er enkele buitenlandse fondsen in de eerste lijst van gelabelden opgenomen zijn, is de lijst toch vooral een Belgische aangelegenheid. Natuurlijk het is een Belgisch label, maar anderzijds er is binnen Europa vrij verkeer van geld en goederen. Dat uit zich ook in vrije financiële dienstverlening. Erg veel fondsbeheerders hebben dan ook toegang tot de Belgische markt. Wellicht zijn die in eerste instantie minder actief betrokken geweest bij de opstart van dit label. België is vaak maar 1 van de landen waar ze in actief zijn. Niet het meest belangrijke.

Het valt te verwachten dat sommige buitenlands fondsen pas nu -na de lancering- in actie gaan komen. Sommigen zullen wegens hun geringe capaciteit op onze markt wellicht nooit het label aanvragen. En dat is jammer.  Zo komt kwalitatief aanbod van bijv. Pictetom er maar 1 te noemen– totaal niet voor op de huidige lijst. In die zin kan het label ook als een muur fungeren. Een filter om de eigen markt wat extra te beschermen. Een functie die de labels uit de ons omringende landen ook niet vreemd is, trouwens.

De kwaliteitslat ligt laag…

Een gouden raad voor wie het niet zo nauw steekt

Laag is beter dan niets. Maar kan op termijn meer kwaad doen dan goed. Light Cola is minder ongezond dan gewone Cola. Als je door overschakelen vergeet dat je je drankgewoontes in feite beter verder kan bijsturen, heeft je keuze op termijn mogelijk toch verregaande gezondheidsgevolgen.

Zo is het ook met de huidige normering van het label. De fondsenkeuze, die nu overeind blijft laat erg veel ruimte voor grijze zones. En ja, ik weet het: de consument wordt steeds verzocht om de informatiefiche tot zich te nemen vooraleer hij zijn keuze maakt. En zelf af te wegen of het product overeenkomt met zijn behoeftes, principes. Toch is het geweten dat hij dit zelden doet (eigen schuld?), maar vooral dat hij het wellicht zelf met moeite kan doen als hij het al zou willen. Niet voor niets wordt vastgesteld dat er nog van alles schort aan de financiële geletterdheid van de Belg.

… bewijst een voorbeeld rond de SG en 1 rond de E van ESG.

In het artikel Quand les banquiers s’autogratulent van Réseau Financité lees je bijvoorbeeld dat het gelabelde fonds Candriam SRI Bond Euro investeert in landen en bedrijven, die het niet zo nauw nemen met deugdelijk bestuur of mensenrechten.

Ik geef 1 een ander voorbeeld: AG Life Strategy Global Defensive (bestaat ook in – Neutral en – Dynamic uitvoering).

In dit fonds kan een bedrijf toch kan opgenomen worden als het maximum 10 % van zijn omzet uit steenkool haalt. Idem dito voor onconventionele olie-of gaswinning (denk schaliegas, fracking,…). Wat conventionele olie-of gaswinning betreft is de norm dat er kan geïnvesteerd worden zo minstens 40 % van de inkomsten in het bedrijf komt van gewone gaswinning en/of hernieuwbare energie. Maak dit eens concreet. Dan kan dit fonds investeren in een bedrijf dat 59,9 % omzet haalt uit olieproductie & 40,1 % uit gaswinning. Extreem voorgesteld natuurlijk, maar dit is toch niet wat je verwacht van een duurzaam beleggingsfonds of Tak 23-verzekering? Je verwacht die eerder in de beleggingsportefeuille van Donald Trump of anderen die het klimaatakkoord van Parijs maar niets vinden. Net zoals het vreemd is dat in de normbepaling gas en hernieuwbare energie op 1 hoop belanden. Het eerste is immers een eindige, niet hernieuwbare energiebron.

Duurzaam pensioensparen? Doen wij al!

Enfin zo lijkt het bijna. FairFin analyseerde de producten op de markt eind 2018. 3 producten haalden bij hen de eindmeet: KBC Pricos SRI, VDK Pension Fund en ING Starfund.

ING Starfund kreeg geen label. Vergeten aanvragen? Of geweigerd om ons onbekende reden? De andere 2 werden door het Central Labelling Agency van Febelfin wel onderscheiden.

Maar de marktleider op dit vlak  BNP Paribas Pension (3 formules Stability, Balanced & Growth) krijgt bij Febelfin nu ook het label. Net zoals de zusterfondsen Crelan Pensioen Fund en Metropolitan-Rentastro. Ze worden allen door BNP Paribas Asset Management beheerd. Op vlak van het gevolgde energiebeleid zijn de normen voor deze pensioenspaarformules dezelfde als die van het eerder vermelde AG Life Strategy Global Defensive. Op energievlak alvast niet erg duurzaam dus.

Conclusie1 : je promoot het koren niet door het kaf te behouden.

We mogen geen intentieproces maken, want we waren totaal niet betrokken bij de totstandkoming van het label. Uitgezonderd een kleine bijdrage aan hun bevraging. Een bijdrage waarop geen reactie kwam en het niet geweten is of er überhaupt iets mee gedaan werd. Zie ons blogbericht van 27/04/2018.

Het doel was toch het koren van het kaf te scheiden. Niet het samen te houden.

Toch is de eerste indruk dat het geleverde werk niet bepaald fris ruikt. Dat heeft veel te maken met de lage normen die vastgelegd werden. En natuurlijk kunnen (zullen?) die in de toekomst opgetrokken worden. Maar een groot aantal erkenningen later reduceren terwijl betrokkenen in de sector mee aan het stuur zitten is niet evident. Vraag dat maar aan wie een olievlak moest indammen of een teveel aan tandpasta terug in de tube probeerde te duwen.

Het lijkt er zelf een beetje op dat de kwaliteit verzopen wordt in een overvloed aan kwantiteit. Van te veel wijn drinken krijg je koppijn. Je kan beter 1 goede fles openen dan een volledig schap ontstoppen. Het label lijkt wat mij betreft eerder bij te dragen aan de verwarring rond duurzaam beleggen, dan dat het helpt om de mist er rond op te trekken.

Conclusie 2 : de georganiseerde financiële sector eigent zich een speelveld toe.

In een gisteren gepubliceerd blogbericht (met enkele opmerkingen over de totstandkoming van dit label) vroeg ik me onder meer af of Febelfin met zijn initiatief de definitie van het begrip “duurzaam beleggen” wilde claimen. Mij baserend op Febelfinteksten, was ik daar niet zo bang voor. De tekst onder het logo van hun CLA (ook weergegeven onderaan iedere webpagina) doet me nu terug twijfelen.

Mogelijk wordt hier toch met de voeten vooruit gesprongen. Iets wat altijd gevaar oplevert voor wie zich eveneens in de arena bevindt. Kleinere onafhankelijke spelers of activisten moeten op hun hoede zijn. Hun standpunten of visies dreigen onder de pletwals van een grote organisatie (nog) minder weerklank te krijgen. En hun geloofwaardigheid kan -eens de machine op volle kracht is- gemakkelijker in diskrediet gebracht worden. De toekomst zal uitwijzen of dit aanvoelen al dan niet te zwartgallig is.

—————————————————————————————————————————————-

disclaimer: dit is een persoonlijk standpunt. De vermelding van Réseau Financité en FairFin in bovenstaande tekst betekent niet dat zij automatisch met deze visie akkoord zijn. Net zoals auteur dezer niet steeds de standpunten van deze organisaties deelt.

 

 

 

 

 

Categorieën
home

Towards sustainability. Wordt het duurzaam beleggingslabel van Febelfin de norm?

Sinds 6/11/2019 heeft Febelfin haar website towardssustainability.be opengesteld. En al dadelijk blijken 311 fondsen het duurzaamheidslabel van Febelfin opgespeld te hebben. Het is te vroeg dag om die fondsen én het selectieproces eens tegen het licht te houden. Maar we staan alvast even stil bij de totstandkoming. In de aanloop naar het duurzaamheidslabel van Febelfin, vielen ons enkele dingen op.

De timing van het initiatief.

logo - duurzaamheidslabel van Febelfin
The Long and Windy Road staat op het Let It Be-album van The Beatles. Hopelijk is het Febelfin-logo minder fatalistisch bedoeld.

Febelfin presenteerde haar duurzaamheidslabel in het voorjaar van 2019. Het label ‘Towards Sustainability’ is als een soort vlucht vooruit te bekijken ten aanzien van Europese regelgeving die er aan komt. Het Actieplan “duurzame financiering” van de Europese Commissie was nog niet goed en wel bekendgemaakt of Febelfin organiseerde zich om een labeling rond te krijgen.

Die kwam tot stand na studiewerk (en lobbywerk) binnen de financiële sector in België. Er ging ook een korte “volksbevraging” aan vooraf. Kwam daar veel reactie op? En in welke mate hield men rekening met de suggesties of vragen die daaruit opborrelden? Dit is mij onbekend. Daarrond werd alvast niet gecommuniceerd. Op deze blog kon je daarover reeds lezen in onze bijdrage van 27/04/2018. Het leek er o.i. toen op dat de korte volksraadplegingperiode hun initiatief een schijn van openheid moest verlenen.

De financiële sector presenteerde haar (voorlopig) eindresultaat begin 2019.

Op hun website vindt je deze tekst die de ontwikkelde norm én het label toelicht. De foto rechts prijkt er in groot formaat bij. Er hangt ook een “groen” kader bij met volgend tekstfragment “ Dankzij de norm en het label van Febelfin kunnen consumenten er gerust op zijn dat ze niet beleggen in zeer ( in vet gezet door schrijver van deze blog) schadelijke bedrijfsactiviteiten.

Hm, handen wassen én groen. Dan denk je toch spontaan aan “greenwashing“, niet?

Hun eigen tekst blinkt wel uit in eerlijkheid. Zeer schadelijke activiteiten zijn uitgesloten. Bijgevolg kunnen ‘gewoon schadelijke activiteiten’ nog steeds door de beugel. Ja, toch?

De publieke reactie (versterkt door sommige betrokkenen) is kritisch …

Dit is ook de teneur van de commentaar die tot heden op de uitgewerkte norm en het label verschenen is.

  • In Bij Debecker op Radio 1, werd kort na publicatie aandacht besteed aan het “kwaliteitslabel”. Een radioprogramma blijft natuurlijk een vluchtig medium.
    • Economiejournalist Steven Rombaut die het label onderzocht stelde toch dat het hinkt op 2 benen. Door een te ruim aanbod te willen aanbieden, halen ook minder duurzame activiteiten nog de bereikte norm.
    • Ook kwam er kritiek van een woordvoerder van de Bond Beter Leefmilieu. “Het label van Febelfin zet de deur op een kier voor bedrijven die een groot deel van hun inkomsten uit olieboring en gaswinning halen. De normen zijn niet scherp genoeg.
  •  Triodos Bank zat met haar kritiek op dezelfde lijn. Volgens haar schoot het label tekort. Een duurzaam fonds volgens de normen van Febelfin zou zelfs in steenkool mogen beleggen.  Je kan hun standpunt onder meer lezen in dit MO*-artikel.
  • In het MO*-artikel komt ook Fairfin aan het woord. In een apart artikel op hun eigen site geven zij diverse concrete voorbeelden van bedrijven die zondigen tegen ESG-principes, maar toch niet gewipt zouden worden door de normen van Febelfin. Bedrijven die toch kunnen opduiken in “duurzame beleggingen” waar het Febelfinlabel op kleeft. Fairfin wijst er op dat er duidelijk lobbywerk gevoerd werd om de lat niet al te hoog te leggen. Tevens vraagt zij zich af of het wel toebehoort aan de financiële sector om zelf te gaan bepalen wat al dan niet duurzaam is én hoe ambitieus men hierin moet zijn. Tegelijk rechter en partij in een geding zijn, biedt kansen om het gelijk in het eigen kamp te leggen. Die opmerking formuleerden wij ook al op 27/04/2018.

Maar de sector kent ook instellingen die voor haar in de bres springen.

Triodos werd daarna van nestbevuiling beticht door andere Febelfinleden, gezien ze zelf betrokken was bij de discussies rond het label. Het lijkt een discussie rond concepten: is iets nu halfvol of juist halfleeg? Er zijn ook bankiers die zich positiever uitlaten over het label. Ze wijzen er op dat het slechts een beginnorm is. Deze kan later nog verscherpt worden. En voor ambitieuze bankiers is het niet verboden om zelf de lat hoger te leggen.

The proof of the pudding zal dus in the eating moeten zitten? Wat wordt het concreet? We kunnen het vanaf gisteren weten, want sinds dit moment is de website towardssustainability.be opengesteld.

Rijmt transparantie op verdedigen van eigenbelang?

In het geciteerde artikel is ook vermeld dat de technische uitwerking van de kwaliteitsnorm “voorlopig” enkel in het Engels beschikbaar is.  Het is een 40 pagina tellende nota getiteld “A Quality Standard for Sustainable and Socially Responsible Financial Products“. En ook 8 maand na lancering nog niet beschikbaar in 1 van 3 officiële Belgische landstalen. Het lijkt er dus op dat alvast transparantie niet echt een drijfveer is.

Jammer voor een organisatie die het op zijn website onder meer als zijn taak ziet om te

  • communiceren met de leden en het grote publiek en
  • deelnemen aan debatten op professioneel, politiek, maatschappelijk en educatief vlak‘.

Het cursief werd aangebracht door schrijver van deze blog.

De nieuwe website towardssustainability.be is gelukkig van bij aanvang wel in Nederlands en Frans beschikbaar. Maar ja, die moet natuurlijk ook als marketingkanaal voor de gelauwerde producten kunnen ingezet worden.

Is de Febelfin-norm nu de gebetonneerde wet?

Wil Febelfin met zijn initiatief de definitie van het begrip  “duurzaam beleggen” claimen? Dit volgens het principe “wie het woord heeft, heeft de macht“. Op de consumentenpagina’s van haar site liet ze alvast een tekst plaatsen die dit aan Antonio Gramsci ontleend inzicht ontkent.

In het artikel 4 misverstanden over duurzaam beleggen vinden we volgende vermelding:

Misverstand #4: Voor duurzame beleggings- en spaarproducten kan je enkel terecht bij speciale banken.
Voor duurzame spaar- en beleggingsproducten kan je terecht bij veel verschillende financiële spelers waaronder banken, verzekeringsmakelaars of -agenten, vermogensbeheerders en pensioenfondsen.

  • hoewel dit wellicht voor eigen gebruik geschreven is,
    •  (lees tussen de lijnen:) Ja, je kan ook bij grootbanken als BNP Paribas Fortis, Belfius, KBC,… terecht als je duurzaam belangrijk vindt. Je hoeft hiervoor echt niet naar Triodos te trekken of te wachten tot NewB effectief erkend is
  • bevestigen ze toch expliciet, dat er meer vis in de vijver zwemt
    •  Vermogensbeheerders, pensioenfondsen en verzekeringsmakelaars of – agenten worden als kanaal vermeld.

Vergeten?

Als verzekeringsmakelaar is er dus ook ruimte voor onze benadering.

Vreemd is m.i. dan weer wel dat er daarbij geen sprake is van verzekeringsmaatschappijen. Wat met direct writers én verzekeraars zonder erkende tussenpersonen (genre Ethias, bijv.), indien later blijkt dat Febelfin alsnog een claim legt op de speelruimte. Zij zullen moeten rekenen op het tussenvoegsel ‘waaronder’ om hun rechten te vrijwaren.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Categorieën
home

Duurzame fondsen in België: een markt met te veel kraampjes van weinig kwaliteit ?

 

Het dertiende rapport over sociaal verantwoord investeren in België, uitgegeven door Financité rolde samen met het begin van de zomer  van de pers.

Op de downloadpagina van L’investissement socialement responsable 2018 vinden we deze foto: een glazen pot garandeert nog geen transparantie.

Het is niet in het Nederlands beschikbaar. Financité is een Franstalig netwerk dat een spreekbuis wil zijn voor verantwoordelijke – en solidaire financiën.

De auteurs hopen met hun rapporten bij te dragen tot een uitzuivering . Ze willen het kaf van het koren scheiden, zodat de naam “duurzaam” bij spaar- en beleggingsproducten niet meer ijdel gebruikt wordt.

Regelgeving op komst?

  • Ze wijzen er op dat hierrond momenteel  ook binnen Europa initiatieven genomen worden ter bescherming van beleggers met het hart op de juiste plaats. De Europese initiatieven zullen als alles volgens plan verloopt maar tegen 2022 geïmplementeerd worden. Dus daar hangt nog veel onduidelijkheid.
  • Ook in België wordt er  door Febelfin gewerkt aan een voorstel om duidelijkere normen te bekomen. Deze zouden per 01/01/2019 moeten ingevoerd worden. Zie hiervoor ons blogbericht van 27/04/2018. Het rapport maakt groot voorbehoud rond het label dat Febelfin wil lanceren. Het vindt vele omschrijvingen te flou (bijv. uitsluiting van ‘de slechtste’ overtreders tegen… ) én wil ook niet dat alleen de financiële sector de definities bepaalt. Er moet een grotere representativiteit zijn (la représentativité de la société belge dans son ensemble p 23) kunnen bepaald worden wie tot het label toegelaten wordt. Net zoals de controle hierop aan dergelijk representatief orgaan moet toebehoren. Financité lijkt de labeling uit Frankrijk, ingevoerd in 2016 alvast meer genegen te zijn.
  • In een 30-tal pagina’s (tot p 60) wordt ingegaan op diverse topics, waaruit blijkt dat er in het verleden wel veel initiatieven pro ESG zijn/waren op de diverse politieke niveaus in België, maar dat het meestal veel geblaat en weinig wol opleverde. We slaan deze pagina’s over in deze bespreking.

De markt buiten spaarrekeningen of beleggingsfondsen

Eind 2017 waren en 908 producten op de markt die kunnen omschreven worden als beleggingsproducten die duurzaam zijn, zonder dat het gaat over  gereglementeerde spaarrekeningen of erkende beleggingsfondsen. Het totaal bedrag belegt in deze producten bleef nagenoeg constant ( €4,70 miljard).

U kan hierbij bijv. denken aan directe investeringen ( aandelen binnen coöperatieve beweging, obligaties voor rekening van vzw’s, bijeengebrachte gelden voor werkplaatsen met sociaal oogmerk) of zelfs funding van Triodos Bank.

Een brede waaier waar je met je geld je engagement kan laten blijken,

Categorieën
home

Het deksel opgetild: duurzaam beleggen bij 40 Europese vermogensbeheerders geëvalueerd.

 

Via een bevriende financiële voorlichter werd ik attent gemaakt op een studie uit maart 2017. In deze studie onderzoekt de Engelse drukkingsgroep ShareAction (*) hoe duurzaam de grootste vermogensbeheerders  nu echt zijn.

De 40 onderzochte vermogensbeheerders hadden in 2017 in totaal €  21 biljoen  onder hun beheer . Ze maken daarmee 1/3 van het kapitaal uit dat door de 400 grootste vermogensbeheerders wereldwijd beheerd wordt.  De selectie zorgde er voor dat kleinere vermogensbeheerders (denk bvb. aan Triodos) niet gequoteerd werden.

Voor hun studie hield ShareAction hun websites onder een vergrootglas & legde ze hen een uitgebreide vragenlijst voor.

Een beweging, maar dan zonder .net

Nu is een evaluatie sowieso een subjectief iets. Zelf al probeer je zo objectief  mogelijk te zijn. De vragen die je stelt (of juist niet stelt), de elementen die je onderzoekt (of juist niet onderzoekt) beïnvloeden het resultaat. Een student met de meeste punten op een examen is nu eenmaal hij (m/v) die het best scoorde op de specifiek gestelde vragen. Dat hij ook effectief de slimste is, is een veelgemaakte, maar verkeerde veralgemening.

Overwegende dit voorbehoud, kan je de resultaten van deze studie niet zomaar naast je neerleggen. Tenzij je alles kapot wil relativeren. We hebben

Categorieën
home

Recordpoging phishing : ING en de laatste adem van haar 2e kantorennet

 

Phishing zou inmiddels door elke bankklant, die gebruikmaakt van internet als begrip moeten gekend zijn. Het gaat over op frauduleuze manier hengelen naar uw gegevens zodat men zich meester kan maken over de inhoud van uw bankgegevens. Alle banken waarschuwen daartegen.

Zo publiceerde ING België op 13/04/2016 haar waarschuwing onder de titel “Phishing en internetfraude, geef ze geen kans”.  5 maanden later laat ING zich weer opmerken. Dit door een forse afslankingsoperatie onder haar eigen personeel en door de mededeling dat ze haar 2e kantorennet,  dochter Record Bank, wil opdoeken. Timing hiervoor moest toen nog gefinetuned worden.

Maar inmiddels zijn we in de laatste fase van deze grote verdwijntruc gekomen. De formele opslorping had tegen 01/04/2018 een feit moeten zijn. Maar door vertraging zal de “fusie” nu pas tegen 30/04/2018 rond zijn.

Agenten van Record Bank die niet “mogen” transformeren tot ING-kantoor, kregen hun opzeg aangetekend opgestuurd en worden verzocht om -tegen betaling- de overdracht (hun klanten- én inkomstenverlies) mee te helpen begeleiden in een periode tot eind juni 2018.

Klanten vangen op grote schaal. Met weinig verfijnde middelen. Zo komt de overname van Record Bank door ING over als we naar de laatste 2 jaar kijken.

Maar … nog voor de formele opslorping, hengelt ING naar engagement bij Recordklanten.  Op de website van Record Bank wordt men al weken Welkom bij ING toegezwaaid.

Categorieën
home

Met glans gebuisd? Rapport 2014 duurzaam beleggen in België

 

Eind juni laatstleden publiceerde het franstalige Réseau Financité voor de 9e opeenvolgende keer haar rapport: L’investissement socialement responsable en Belgique, rapport 2014 .

Input van onder de taalgrens.
Input van onder de taalgrens.

Deze organisatie was vroeger gekend onder de naam Réseau Financement Alternatif.

Dit rapport kreeg een beetje weerklank in de pers, maar verdient toch wat meer aandacht. Het is 1 van de schaarse publicaties is waarbij geprobeerd wordt een volledig zicht te krijgen op de stand van zaken mbt. duurzaam beleggen in ons land.

De teneur van de studie straalt ontgoocheling uit.

  • Ontgoocheling om de lethargie op wetgevend vlak, waar er daar geen vooruitgang geboekt wordt om duurzaam beleggen te promoten (o.m. met  fiscale incentives  te bevoordeligen). Nu in 2014 de regering ontbonden werd, wordt – terecht- gesteld dat de schaarse initiatieven terug naar af gezonden zijn.
  • Maar ook ontgoocheling omdat de totale markt van het duurzaam beleggen er terug op achteruit gegaan is.
  • En tot slot ontgoocheling omdat 90 % van de onderzochte beleggingsfondsen inhoudelijk door de mand vallen.

Uiteraard is het nuttig om voldoende kritisch te blijven én het bancaire aanbod rond duurzaam beleggen niet klakkeloos te bejubelen. Maar net zo goed mag er kritisch aangekeken worden tegen de beoordelaar zelf. Rate the raters (beoordeel de beoordelaars) is niet voor niets

Categorieën
home

Hoera voor de concurrentie !

 

Bovenstaande aanmoedigingskreet is wellicht a-typisch in zakelijke middens. Maar je treft hem hier toch aan. En we hebben het niet over

Ambiance verzekerd als de vanfaere langskomt.
Ambiance verzekerd als de vanfaere langskomt.

de gentse alternatieve fanfare De Concurrence die zeer smaakvolle worsten draait van alles wat hun oor en hart bekoort. Zij het nu wals, ska, polka, Balkangeluid het gaat door hun mangel en blijft in uw gehoor hangen.

Nee, ik heb het hier over de resultaten van een 25-tal duurzame fondsen, die in België verspreid worden door instellingen als Triodos Bank België, AG Insurance, Belfius Bank & KBC. Het zijn fondsen,