Categorieën
home

Europa legt de regels voor duurzaam investeren vast.

EU taxonomy on sustainable finance
“duurzaam” was tot heden nog een rekbaar begrip. Een sluitend klassement drong zich op. Europa trekt nu de lijnen.

Klasseren op een consequente manier, zorgt er voor dat de juiste informatie gemakkelijk bereikbaar is. Het is een ondergewaardeerde kunst.  Belangrijk bij klasseren is een goede analyse van het toekomstige gebruik én van de doelstelling van een klassement. Wie  een concrete vraag formuleert, moet het antwoord eenvoudig uit het klassement kunnen halen.

De EU taxonomy on sustainable finance is zo’n klassement. Wat is de bedoeling ervan?

EU taxonomy on sustainable finance
De EU taxonomy is geen classificatie die toevertrouwd werd een plaatselijke Jomme DOCKX. Een hele waaier experten kwam er aan te pas.

Wil je duurzaam investeren?

Dit orde scheppen heeft de EU ook willen voorzien in de wereld van “duurzaam beleggen”. Om er voor te zorgen dat een argeloze, maar ter goeder trouw handelende belegger niet in het ootje genomen wordt door gladde marketing. Want ook bij beleggen wordt de realiteit van een product soms verdoezeld door inventieve verpakking of ditto naamgeving (greenwash). Een bekochte klant wendt zich af van het type product.  Terwijl de EU juist duurzaam beleggen als 1 van de hefbomen ziet om onze samenleving in de richting van klimaatneutraal functioneren te oriënteren. En dit tevens de realisatie van de SDG’s vooruit helpt.

Dan moet je eerst bepalen wat wél en wat niet duurzaam is?

Daarom werkte men in de cenakels van de EU al een tijdje aan het opstellen van een EU taxonomy on sustainable finance. Het technisch rapport verscheen in juni 2019. Daarna waren er 3 maand  om opmerkingen over dit rapport te inventariseren. In dergelijk terugkoppelingsmoment wordt er op diverse manier druk uitgeoefend om het laken aan zijn kant te trekken. Uiteindelijk duurde het toch iets langer vooraleer er witte rook kwam.

Per 5 december was het zo ver. Na weken van gesprekken tussen leden van het Europees Parlement en EU-diplomaten is er nu een klassementssysteem opgemaakt. En werd duidelijk welke producten als “groen” op de markt kunnen gebracht worden.

Het is nu wachten op de formele goedkeuring door de leden van het Europees Parlement en de EU-regeringen. Er wordt verwacht dat dit nog voor het einde van het jaar zal gebeuren. Daarna is de geleidelijke uitrol ervan mogelijk.

Met de goedkeuring van de EU taxonomy, midden in de klimaatbesprekingen in Madrid, bevestigt Europa zijn ambitie om klimaatneutraal te worden tegen 2050. Om dit te bereiken moeten  grote kapitalen verschuiven naar groene projecten en CO2-arme infrastructuur.

Verschillende betrokkenen bij de totstandkoming van de EU taxonomy zien het klassement als een nieuw soort metriek stelsel of een nieuw soort grammatica voor de financiële markten. Een maatstaf om eens en voor altijd te beslissen wat groen/duurzaam is en wat niet.

 

Nu er voortaan met dezelfde taal gesproken kan worden op de financiële markten van Europa verwacht men dat het makkelijker wordt om meer kapitaal toe te wijzen aan activiteiten ter ondersteuning van de klimaatakkoorden van Parijs.

Een raamwerk met  3 categorieën.

Om een activiteit als duurzaam te kunnen omschrijven moet hij minstens in 1 van de volgende vakjes passen:

  1. SUSTAINABLE: het hoogste label ‘groen’ bevat de onbetwistbaar duurzame activiteiten. Je kan ze omschrijven als “leveren een positieve bijdrage aan klimaatbescherming zonder het milieu in andere gebieden te schade (do-not harm).
  2. ENABLING: Dit zijn “activerende” activiteiten. Zo is het duidelijk dat staal- en cementproductie erg milieubelastend is. Maar staal of cement dat gebruikt wordt voor aanmaak van windparken, helpen natuurlijk de uitstoot te verminderen.
    1. Bedrijven die hun omzet in activerende projecten halen, zullen nog in een duurzame investering kunnen steken.
    2. Hun soortgenoten, die deze aanspraak niet kunnen waarmaken, niet.
  3. TRANSITION: In afwachting van een koolstofvrije economie zijn we nog even aangewezen op “overgangstechnologieën”. Zo hebben we vandaag nog energiebronnen als gas of kernenergie nodig. Hierrond (en zelfs rond steenkool) was er lobbywerk ontstaan. Met vertraging tot gevolg.  Steenkoolinvesteringen zijn uitgesloten van elke definiëring van duurzaamheid. Koolstofarme bronnen als gas en kernenergie worden –op vraag van Duitsland en Frankrijk– wel nog weerhouden. Maar voor hen moet een nog nader uit te werken waardering komen. Deze zal gestoeld zijn op het “do not harm” -principe.

De EU taxonomy zal er toe leiden dat bedrijven hun activiteiten niet meer op basis van hun eigen benoemingsmethode zullen kunnen omschrijven.  Eens de nieuwe regels van kracht zijn moeten ze de strikte regels van de EU gebruiken.  Bedrijfsactiviteiten worden dan duidelijk benoemd als niet-duurzaam, duldbaar (overgangstechnologieën en activerende activiteiten) of duurzaam.

Belang voor de financiële sector en beleggers

Wie in die activiteit wenst te investeren (kredietverlening, aandelenaankoop, beleggingsfondsen, pensioenfondsen,…) weet straks dus veel duidelijker waar hij aan toe is.  En zo wordt een toetsingskader geschapen voor de financiële markten en haar beleggers. Leveren de investeringen, die ik wens te doen een bijdrage aan mens en planeet?

Elk financieel product zal transparant moeten zijn. Aan welke mate van duurzaamheid beantwoord het?

Niet-groene producten krijgen wellicht de mogelijkheid om gebruik te  maken van een opt-out. Zij zullen niet moeten aantonen hoe weinig duurzaam ze zijn. Door middel van een opgelegde disclaimer zal echter duidelijk worden dat je bij hen in een bruine financiering stapt. Aangenomen wordt dat -zo er alternatieven op de markt zijn- niet iedereen hiervoor staat te springen.

Volgende halte: stoppen met schadelijke investeringen.

Nu er duidelijkheid is over wat duurzame investeringen zijn, moeten de rollen nog omgekeerd worden. Afspreken welke schadelijke investeringen zo vlug als mogelijk gemeden worden. Hiervoor was minder animo te vinden binnen Europa. Maar uiteindelijk werd beslist dat de Europese Commissie hierrond in 2021 met voorstellen komt.

Nudging is immers 1 deel van de medaille. Maar er dient ook een moment te komen dat repressiever financieel optreden start. Anders gaan bepaalde schadelijke praktijken nooit tijdig uitgefaseerd geraken.

En vergeet ook het sociale niet.

Verder zal m.i.  ook in het oog moeten gehouden worden in welke mate er door de (terechte) grote aandacht voor klimaatwijziging nog voldoende aandacht is voor de sociale kant bij duurzaam investeren.

In de groep die de regels opstelden, was er onder meer een vertegenwoordiging van PRI en werd er bepaald dat ook de Labour standards van de Internationale Arbeidsorganisatie als richtlijn overeind moeten blijven.

Maar in alles wat er tot heden naar buiten komt rond die taxonomy overheerst toch erg duidelijk de E boven de S  van ESG. Een sociale taxonomy is wellicht even wenselijk.

 

 

 

Categorieën
home

Towards sustainability. Wordt het duurzaam beleggingslabel van Febelfin de norm?

Sinds 6/11/2019 heeft Febelfin haar website towardssustainability.be opengesteld. En al dadelijk blijken 311 fondsen het duurzaamheidslabel van Febelfin opgespeld te hebben. Het is te vroeg dag om die fondsen én het selectieproces eens tegen het licht te houden. Maar we staan alvast even stil bij de totstandkoming. In de aanloop naar het duurzaamheidslabel van Febelfin, vielen ons enkele dingen op.

De timing van het initiatief.

logo - duurzaamheidslabel van Febelfin
The Long and Windy Road staat op het Let It Be-album van The Beatles. Hopelijk is het Febelfin-logo minder fatalistisch bedoeld.

Febelfin presenteerde haar duurzaamheidslabel in het voorjaar van 2019. Het label ‘Towards Sustainability’ is als een soort vlucht vooruit te bekijken ten aanzien van Europese regelgeving die er aan komt. Het Actieplan “duurzame financiering” van de Europese Commissie was nog niet goed en wel bekendgemaakt of Febelfin organiseerde zich om een labeling rond te krijgen.

Die kwam tot stand na studiewerk (en lobbywerk) binnen de financiële sector in België. Er ging ook een korte “volksbevraging” aan vooraf. Kwam daar veel reactie op? En in welke mate hield men rekening met de suggesties of vragen die daaruit opborrelden? Dit is mij onbekend. Daarrond werd alvast niet gecommuniceerd. Op deze blog kon je daarover reeds lezen in onze bijdrage van 27/04/2018. Het leek er o.i. toen op dat de korte volksraadplegingperiode hun initiatief een schijn van openheid moest verlenen.

De financiële sector presenteerde haar (voorlopig) eindresultaat begin 2019.

Op hun website vindt je deze tekst die de ontwikkelde norm én het label toelicht. De foto rechts prijkt er in groot formaat bij. Er hangt ook een “groen” kader bij met volgend tekstfragment “ Dankzij de norm en het label van Febelfin kunnen consumenten er gerust op zijn dat ze niet beleggen in zeer ( in vet gezet door schrijver van deze blog) schadelijke bedrijfsactiviteiten.

Hm, handen wassen én groen. Dan denk je toch spontaan aan “greenwashing“, niet?

Hun eigen tekst blinkt wel uit in eerlijkheid. Zeer schadelijke activiteiten zijn uitgesloten. Bijgevolg kunnen ‘gewoon schadelijke activiteiten’ nog steeds door de beugel. Ja, toch?

De publieke reactie (versterkt door sommige betrokkenen) is kritisch …

Dit is ook de teneur van de commentaar die tot heden op de uitgewerkte norm en het label verschenen is.

  • In Bij Debecker op Radio 1, werd kort na publicatie aandacht besteed aan het “kwaliteitslabel”. Een radioprogramma blijft natuurlijk een vluchtig medium.
    • Economiejournalist Steven Rombaut die het label onderzocht stelde toch dat het hinkt op 2 benen. Door een te ruim aanbod te willen aanbieden, halen ook minder duurzame activiteiten nog de bereikte norm.
    • Ook kwam er kritiek van een woordvoerder van de Bond Beter Leefmilieu. “Het label van Febelfin zet de deur op een kier voor bedrijven die een groot deel van hun inkomsten uit olieboring en gaswinning halen. De normen zijn niet scherp genoeg.
  •  Triodos Bank zat met haar kritiek op dezelfde lijn. Volgens haar schoot het label tekort. Een duurzaam fonds volgens de normen van Febelfin zou zelfs in steenkool mogen beleggen.  Je kan hun standpunt onder meer lezen in dit MO*-artikel.
  • In het MO*-artikel komt ook Fairfin aan het woord. In een apart artikel op hun eigen site geven zij diverse concrete voorbeelden van bedrijven die zondigen tegen ESG-principes, maar toch niet gewipt zouden worden door de normen van Febelfin. Bedrijven die toch kunnen opduiken in “duurzame beleggingen” waar het Febelfinlabel op kleeft. Fairfin wijst er op dat er duidelijk lobbywerk gevoerd werd om de lat niet al te hoog te leggen. Tevens vraagt zij zich af of het wel toebehoort aan de financiële sector om zelf te gaan bepalen wat al dan niet duurzaam is én hoe ambitieus men hierin moet zijn. Tegelijk rechter en partij in een geding zijn, biedt kansen om het gelijk in het eigen kamp te leggen. Die opmerking formuleerden wij ook al op 27/04/2018.

Maar de sector kent ook instellingen die voor haar in de bres springen.

Triodos werd daarna van nestbevuiling beticht door andere Febelfinleden, gezien ze zelf betrokken was bij de discussies rond het label. Het lijkt een discussie rond concepten: is iets nu halfvol of juist halfleeg? Er zijn ook bankiers die zich positiever uitlaten over het label. Ze wijzen er op dat het slechts een beginnorm is. Deze kan later nog verscherpt worden. En voor ambitieuze bankiers is het niet verboden om zelf de lat hoger te leggen.

The proof of the pudding zal dus in the eating moeten zitten? Wat wordt het concreet? We kunnen het vanaf gisteren weten, want sinds dit moment is de website towardssustainability.be opengesteld.

Rijmt transparantie op verdedigen van eigenbelang?

In het geciteerde artikel is ook vermeld dat de technische uitwerking van de kwaliteitsnorm “voorlopig” enkel in het Engels beschikbaar is.  Het is een 40 pagina tellende nota getiteld “A Quality Standard for Sustainable and Socially Responsible Financial Products“. En ook 8 maand na lancering nog niet beschikbaar in 1 van 3 officiële Belgische landstalen. Het lijkt er dus op dat alvast transparantie niet echt een drijfveer is.

Jammer voor een organisatie die het op zijn website onder meer als zijn taak ziet om te

  • communiceren met de leden en het grote publiek en
  • deelnemen aan debatten op professioneel, politiek, maatschappelijk en educatief vlak‘.

Het cursief werd aangebracht door schrijver van deze blog.

De nieuwe website towardssustainability.be is gelukkig van bij aanvang wel in Nederlands en Frans beschikbaar. Maar ja, die moet natuurlijk ook als marketingkanaal voor de gelauwerde producten kunnen ingezet worden.

Is de Febelfin-norm nu de gebetonneerde wet?

Wil Febelfin met zijn initiatief de definitie van het begrip  “duurzaam beleggen” claimen? Dit volgens het principe “wie het woord heeft, heeft de macht“. Op de consumentenpagina’s van haar site liet ze alvast een tekst plaatsen die dit aan Antonio Gramsci ontleend inzicht ontkent.

In het artikel 4 misverstanden over duurzaam beleggen vinden we volgende vermelding:

Misverstand #4: Voor duurzame beleggings- en spaarproducten kan je enkel terecht bij speciale banken.
Voor duurzame spaar- en beleggingsproducten kan je terecht bij veel verschillende financiële spelers waaronder banken, verzekeringsmakelaars of -agenten, vermogensbeheerders en pensioenfondsen.

  • hoewel dit wellicht voor eigen gebruik geschreven is,
    •  (lees tussen de lijnen:) Ja, je kan ook bij grootbanken als BNP Paribas Fortis, Belfius, KBC,… terecht als je duurzaam belangrijk vindt. Je hoeft hiervoor echt niet naar Triodos te trekken of te wachten tot NewB effectief erkend is
  • bevestigen ze toch expliciet, dat er meer vis in de vijver zwemt
    •  Vermogensbeheerders, pensioenfondsen en verzekeringsmakelaars of – agenten worden als kanaal vermeld.

Vergeten?

Als verzekeringsmakelaar is er dus ook ruimte voor onze benadering.

Vreemd is m.i. dan weer wel dat er daarbij geen sprake is van verzekeringsmaatschappijen. Wat met direct writers én verzekeraars zonder erkende tussenpersonen (genre Ethias, bijv.), indien later blijkt dat Febelfin alsnog een claim legt op de speelruimte. Zij zullen moeten rekenen op het tussenvoegsel ‘waaronder’ om hun rechten te vrijwaren.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Categorieën
home

Dieselgate, the sequel.

Wat voorafging

Volkswagen versus Volksgezondheid

De Volkswagen-groep leed enorme imagoschade toen het per 21/08/2015 -na een jaar ontkennen- alsnog noodgedwongen toegaf vervalsingssoftware ingezet te hebben. De uitstootnormen die de auto’s van het bedrijf moest naleven werden in de praktijk bij lange na niet gehaald. Door middel van sensoren wist een wagen dat hij zich op een testbank en niet in real life bevond. De software van het voertuig zorgde er dan voor dat de wagen aan de stikstofoxidenorm voldeed. Eens op de weg werd deze begrenzing terug afgezet. En pompte de wagen tot 50 keer meer giftige stoffen de lucht in dan toegelaten door (een al door autolobbygroepen beïnvloedde) bescheiden Europese standaard. Volgens schattingen koste dit in Europa ruim 44.000 gezonde levensjaren en veroorzaakte dit ruwweg 5.000 vroegtijdige sterfgevallen (cijfers tot 01/2016). Dit lezen we op de Wikipediapagina onder het lemma Emissieschandaal.

De gevolgen van Dieselgate, deel 1.

Dit alles kostte de VW-groep ettelijke miljarden aan beurswaarde en boetes. De wetgever in de VS was duidelijk strenger dan deze in Europa. Volkswagen bekende er in 2017 schuld aan samenzwering, tegenwerking van de rechtsgang én schending van de Amerikaanse milieuwetten.

In de nasleep van het schandaal bleek dat ook andere merken boter op hun hoofd hadden en dat de regelgever in Europa erg laks was. Het belang van de industrie primeerde er boven de luchtkwaliteit van haar burgers.

Europa verscherpte inmiddels zijn regels. Tegen 2030 moet de CO2-uitstoot van wagens met 37,5 % en van bestelwagens met 31 % verminderen ten opzichte van de norm van 2021 (gemiddeld 95 gr CO2/km).

Dit alles is bijv. voor een merk als LADA voldoende om de Europese markt te verlaten. De nieuwe regels werken op basis van gemiddelden. Dat laat autofabrikanten toch nog wat ruimte. En zo zie je ook lucratieve deals ontstaan tussen vreemde allianties (vb. tussen Fiat Chrysler en Tesla).

Luister naar mijn woorden,….

Je zou verwachten dat Volkswagen dan ook zijn pokkebest doet om zijn blazoen op te poetsen. En ja, hoor, aan goede intenties geen gebrek. Op hun website hebben ze een uitgebreid hoofdstuk gewijd aan duurzaamheid. Zo kan je er lezen dat ze een groene lening van 1 miljard euro afgesloten hebben voor hun submerk Porsche. Meer dan 100 institutionele beleggers tekenden hierop in. Hun project werd -luidens hun site- aan strenge audits onderworpen door raters als ISS ESG en the Climate Bond Initiative. We vermoeden dat sommige van deze beleggers niet gelukkig zullen zijn bij de rest van dit verhaal. Tenzij het hen natuurlijk alleen gaat om een lucratieve deal in een wereld van negatieve rentes.

Maar kijk niet naar mijn daden.

Bovenstaande lijkt echter toch deel uit te maken van oogverblinding (greenwash), als we naar de praktijk van de Volkswagengroep kijken. Zo blijkt dat nu ook bij de fix voor de sjoemelsoftware zelfs gesjoemeld werd.

Dit werd uitgebracht door Teslarati. Nu is dit een website die zich vooral focust op TESLA, SPACEX en hun bezieler Elon MUSK. Ze zijn -als fanboys- misschien niet de meest objectieve bron. Nochtans lijkt hun informatie -hoe ongelooflijk ook- toch op een ernstige bron gebaseerd, met name een Duitse rechtbank.

Een rechtbank in Düsseldorf kwam tot de conclusie dat de softwarefix die Volkswagen uitbracht om de sjoemelsoftware te neutraliseren slechts onder beperkte omstandigheden zijn functie waarmaakte. Haar officiële functie  was om bij de betrokken wagens de uitstoot veel minder vervuilend te maken, zodat de auto’s wel zouden beantwoorden aan de wettelijke normen. De fix blijkt echter alleen te werken bij buitentemperaturen tussen 10 en 32 ° Celsius. Is het warmer of kouder? Dan blijft de wagen evenveel als vroeger vervuilen, zelf al installeerde een garagist de fix.

  • Nu stijgen de buitentemperaturen -ondanks klimaatopwarming- in een groot deel van Europa zelden boven de 32 °. Maar als ze het doen, doen ze het in vakantieperiodes. Momenten dat ganse volksverhuizingen aan de gang zijn en erg veel kilometers gereden worden.  En vergeten we niet dat het merk (o.m. via submerk Seat) ook in het zuiden van Europa goed aanwezig is.
  • Wat de temperatuur onder de 10 ° betreft: die kennen we hier tijdens een flink aantal wintermaanden. En hoe noordelijker wij ons begeven hoe langer deze periode duurt.

De te verwachten gevolgen voor Volkswagen van Dieselgate, deel 2?

Naar de buitenwereld kwam Volkswagen dus met een oplossing die een redelijk groot placebo-effect heeft. De patiënt denkt dat hij geholpen is, maar is gewoon in de luren gelegd.

De Duitse versie van Wallstreet-Online vermeldt dat door deze uitspraak het Dieselschandaal terug van nooit weggeweest is.

  • De wagens bij wie ondertussen de fix geinstalleerd is, rijden in feite opnieuw illegaal (wegens overschrijden van uitstootnorm) op de baan.
  • Tevens zou dit de verjaringstermijn voor schadevergoeding stuiten. Volkswagen heeft zich tot heden op het standpunt gesteld dat schadeaanspraken tot 3 jaar na bekendmaken van Dieselgate konden ingediend worden. Alles wat later kwam zou als verjaard beschouwd worden. Nu hun oplossing in feite een nepoplossing blijkt te zijn, mag men stellen dat het probleem nooit verholpen is. En dat die termijn van 3 jaar dus gestuit is.

In dit licht gezien klinken de hernieuwde pleidooien van het bedrijf voor diesel wrang. Je zou je normalerwijze eerder aan bijkomende financiële aderlating bij het bedrijf verwachten.

Clementie voor een recidivist?

Bis repetita non placent” leerden we tijdens onze Latijnse les. Bart De Wever kan je uitleggen wat dit betekent. Beschik je niet over zijn rechtstreekse lijn, dan geven we hier weg dat “herhalingen niet in goede aarde vallen“.

We leven in 2019. Van een belangrijk bedrijf mag je verwachten dat het zich -naast winstbetrachting- verantwoord opstelt. Doelbewust cijfers, die de gezondheid van duizenden mensen beïnvloeden, manipuleren? Het is een schande. Je bent hiervoor publiekelijk op de vingers getikt, bent daar ook financieel voor beboet en je blijft volharden? Het is een dubbele schande.

Informeren of amuseren?

Maar waar blijft de aandacht hiervoor bij de media?

Maar dat een belangrijke multinational ons blijft belazeren en onze gezondheid verder aantast, waar konden we dit lezen, horen of zien? Als je o.m. de zin voor (noodzakelijke) attitudevorming nav. klimaatverandering wil voeden, dan heb je hier toch een rol te spelen?

  • Is de autolobby zo machtig dat dit tussen de plooien verdwijnt?
  • Wil de economisch- en financiële pers- in de ban als ze zijn door de vrees voor recessie- de geteisterde autosector in Europa ontzien?
  • Of is het pure onverschilligheid?

Vreemd alvast als je weet dat elke Tesla die uitbrandt of waar een zwaar ongeval mee gebeurt in quasi elk persorgaan obligaat zijn aantal tekstregels (al dan niet met foto) krijgt.

 

 

 

Categorieën
home

Gebakken lucht én corruptie bij verkopers van groene beleggingen

een windmolen rendeert niet in een omgeving van gebakken lucht

Meer en meer mensen zijn er van overtuigd dat ze moeten investeren in lijn met hun eigen principes.

Groen beleggen” is daarom al jaren trending. Als voor een obligatie het woord ‘groen’ gekleefd wordt vergemakkelijkt dit zijn plaatsing. Greenwashing lonkt dan achter de deur.

Mensen die heilig van iets overtuigd zijn, zonder hun huiswerk te maken, zijn echter een makkelijke prooi voor malafide opportunisten.

Het verhaal van (Nieuwe) Hollandsche Wind en Noordenwind mag dan ook als een wake-upcall gelezen worden. Om die reden besteden we er hier wat aandacht aan. Dit verhaal is grotendeels aan België voorbij gegaan, hoewel het bij onze Noorderburen toch wel wat ophef maakte.

Noordenwind wordt Noorderzon.

Volgens hun publiciteit ging het fonds Noordenwind investeren in Nederlandse vastgoedprojecten. Vastgoed wordt algemeen door veel beleggers beschouwd als 1 van de veiligste investeringen.

Investeren in vastgoed dicht bij huis lijkt dan ook dubbel veilig:

  • je kent je eigen markt meestal beter dan de andere markten én
  • je kan een project als het ware op de voet volgen.

Tenzij … de mensen achter Noordenwind je geld afleiden naar investeringen in panden in Portugal én de Filipijnen en er met de rest een eigen wagenparkje mee aankopen. Dit blijkt er uiteindelijk met het geld binnen Noordenwind gebeurd te zijn.

Nieuwe Hollandsche Wind is gebakken lucht.

In een ander fonds maakten de initiatiefnemers het nog bonter. Het fonds Nieuwe Hollandsche Wind zou volgens promo in dure brochures investeren in Nederlandse windparken. Van het hiervoor opgehaalde geld is uiteindelijk niets geïnvesteerd.  De uitgevers hadden met hun naamgeving handig gebruik gemaakt van een quasi gelijkaardige uitgifte door Eneco, die onder de naam Hollandse Wind wel reële obligaties verkocht.

Een 300-tal beleggers opgelicht.

In totaal werd voor ongeveer 8,7 miljoen euro door beleggers in beide fondsen geïnvesteerd.  Ze werden hiervoor verleid door zinsneden als “met gegarandeerde en hoge rendementen tot wel 9,2 %” of “veilig, groen en duurzaam beleggen met een vast rendement van 7,1 %“.  De gestorte gelden verdwenen quasi dadelijk in de privézakken van de fondsenuitgevers.

Verlokkelijke aanbiedingen zijn er in alle domeinen. Als de juiste snaar bespeeld wordt, gaat men vlugger overstag.

Gaan al deze beleggers vrijuit? We wensen natuurlijk niet dat iemand opgelicht wordt, maar soms lijkt het er toch op dat mensen er een beetje naar vragen. In tijden van ultra lage rentes bij risicoarme producten toch klakkeloos aannemen dat een veilig & vast rendement van + 7 % mogelijk is, lijkt voor insiders toch wat lichtzinnig. Wellicht is de financiële geletterdheid van de gemiddelde Nederlander niet veel groter dan die van de gemiddelde Belg. En zonder veel kennis is men natuurlijk een gemakkelijke prooi voor mooipraters. Voor een aantal onder deze beleggers kan het toch bijna niet anders dat ze investeerden gedreven vanuit hebzuchtige overwegingen.

Oprichters of oplichters?

Uiteraard zijn de verantwoordelijken voor de fondsenuitgave de grote schuldigen. De dollartekens in hun ogen en hun gebrek aan scrupule bleek onder meer uit hun onderling WhatsApp-verkeer. Rekening houden met hun slachtoffers? Vergeet het maar. Zo werd er over het binnenhalen van kapitaal als volgt onderling gecommuniceerd:  “Mensen uitbuiten lekkerste wat er is“, gevolgd door reply met “Gaan we doen“.

De oprichters werden eind juni door een rechtbank in Amsterdam berecht. Ze liepen celstraffen voor fraude, oplichting en witwassen met beleggingsfondsen op.

Groene Ponzi.

Too good to be true? Hoe het werkt.

Om hun criminele activiteiten te kunnen ontplooien, gebruiken gewiekste oplichters vaak dezelfde truuken. Ze

  • halen geld op tot juist onder de normen van de controlerende overheid (zodat ze ontsnappen aan specifieke verslaggevings- en publiciteitsvereisten),
  • zorgen voor luxueuze kantoren, strak in het pak zittende verkopers, blitse websites, …
  • spelen expliciet in op associatie met bekende, vertrouwde namen en
  • betalen in het begin hun beloofde opbrengsten (met vers geld van nieuw instappers) uit, ….

Maar een groene piramidefraude, blijft natuurlijk in essentie een gewoon ponzischema, waarbij alleen de verpakking “gekleurd” is.

Gezien oplichting van alle tijden is, zal ook de groene (poging tot) oplichting voorlopig niet van de baan zijn.

Blijf dus alert én kritisch. Zeker op een moment dat een aanbieder inspeelt op thema’s die u ook nauw aan het hart liggen.

Categorieën
home

Frankrijk: gidsland in wetgevend werk rond duurzaam beleggen?

Frankrijk heeft zijn imago niet altijd mee. Natuurlijk, het is een fantastisch vakantieland: schitterende landschappen, prachtig weer, lekker eten en drinken. Maar het is ook een land van vele stakingen, weinig economische groei, een versnipperd politiek landschap met presidenten, die zich vaak keizerlijke allures aanmeten. Een land van verbitterde gele hesjes, met een socialistische strekking die -tot ongenoegen van werkgevers- werkduurverkorting oplegt met loonbehoud en met een extreemrechts dat op diverse plaatsen stevig wortel geschoten heeft. Een land dat tevens zijn begroting niet op orde krijgt en (samen met België trouwens) in het financiële strafhokje zou moeten zitten van Europa.

Een dergelijk land een gidsland noemen lijkt op een provocatie. En toch kan het land en zijn praktijk op sommige punten als een voorbeeld gezien worden.

De overheid bepaalt wat een duurzame belegging is.

  1. Via een decreet en een arrest gepubliceerd in januari 2016 werd van overheidswege een ISR label gecreëerd. Hierin werden de voorwaarden én de controle-modaliteiten om dit label te krijgen en te behouden vastgelegd. Je zou dit en beetje kunnen vergelijken met de WIKIFIN-werking in België. Met dit verschil dat die laatste zich toelegt op algemene financiële voorlichting en geen duidelijke specifieke standpunten inneemt. Ook is de structuur van Wikifin veel lichter.
  2. De overheid is eigenaar van het label en bewaakt het merk, het gebruiksreglement,… en homologeert (of niet) de voorstellen rond evolutie van dit label, die geformuleerd zijn door een Comité du Label ISR .  Dit comité, wiens leden in persoonlijke naam zijn benoemd, bestaat uit mensen van labelingsorganisaties (VigeoEiris)-de voorzitter-, mensen met kennis en ervaring in vermogensbeheer voor derden, uit academische – , financiële kring en uit consumentenorganisaties,  naast personen met ervaring uit de beleggingswereld zelf.  Ook het ministerie van Financiën is in dit comité vertegenwoordigd, maar dan zonder stemrecht.
  3. Het labellen zelf gebeurt noch door de overheid, noch door het comité, maar is uitbesteed aan onafhankelijke derden die benoemd zijn door COFRAC, een competentiecentrum rond onpartijdige certificatie en controle, gedeeltelijk in de handen van de overheid. Tot op heden is slechts 1 organisatie Afnor Certification door Cofrac erkend. EY France is aan een dergelijk erkenningsproces bezig.
  4. Tot slot is er ook een comité ter promotie van het ISR Label opgericht door het Ministerie van Financiën.
  5. Momenteel zijn er in Frankrijk 197 beleggingsfondsen, uitgegeven door 44 verschillende vermogensbeheerders  die het label dragen.
  6. Pro en Contra.
      1. Het doel is om een onafhankelijk label te creëren. Dit dient de geloofwaardigheid én dus het vertrouwen van de consument in duurzaam beleggen op de vijzelen. Dit staat in groot contrast met het Belgische initiatief van Febelfin om via zelfcontrole te bepalen wat duurzaam is. Het recent gelanceerde Febelfinlabel heeft dan ook al (nog voor het goed en wel van start gegaan is) de nodige kritiek gekregen van insiders en van activisten. Het werd door hen omschreven als te slap, al een mogelijkheid tot greenwash in plaats van als een dam tegen greenwash.
      2. De structuur van semi-overheid met diverse comités is relatief zwaar. Voor een groot land als Frankrijk is dit misschien wel te dragen, maar we kunnen niet evalueren of dit niet te log of genoeg kostenefficiënt is.
      3. Het Franse label werkt. 3 jaar later moet het Belgische nog opgestart worden.
      4. Het label ISR wordt als een denderend succes beschouwd onder professionelen, maar heeft zijn voornaamste doel (het grote publiek in de richting van duurzamere financiële producten duwen) nog lang niet bereikt. 

De overheid roept ondernemingen op om een brede maatschappelijke taak in te vullen, legt daarrond een rapporteringsplicht op én verwacht dat institutionele beleggers daarop inspelen.

  1. Ondernemingen zijn er niet alleen om redenen van winstmaximalisatie. Dit werd neergeschreven in alinea 4 van artikel 173 van de wet n° 2015-992 van 17/08/2015. Deze wetgeving die bedoeld was om de energietransitie (richting groene energie) te stimuleren, wijzigde het artikel 225-102-1 uit de handelswetgeving. In de vijfde alinea ervan werd de passage in bold bijgeschreven. Het artikel gaat over de verslaggeving van niet-financiële elementen. ” (eigen vertaling) Ze bevat tevens de informatie waarin de vennootschap de sociale- en ecologische consequenties in rekenschap brengt van haar activiteiten, inclusief de consequenties op vlak van klimaatverandering van zijn activiteit en van het gebruik van goederen en diensten die zij voortbrengt, evenals de engagementen die de vennootschap op zich neemt ten voordele van duurzame ontwikkeling, de circulaire economie, de strijd tegen voedselverspilling en in het kader van de strijd tegen discriminatie en de promotie van diversiteit. Een decreet van de overheid zal 2 lijsten opstellen, die preciseren welke informatie bedoeld wordt met huidige alinea evenals de modaliteiten hoe ze moeten weergegeven worden. Dit op een wijze die moet toelaten een vergelijking van gegevens te maken, afhankelijk van het feit of het bedrijf al dan niet toegang heeft tot een gereglementeerde markt.”
  2. Dit artikel is alleen van toepassing op bedrijven van een bepaalde omvang (+ 500 werknemers). Er werd aan toegevoegd in een 6e alinea dat  institutionele beleggers (verzekeraars, pensioeninstellingen, …) in hun jaarverslag hun klanten moeten informeren hoe zij in hun beleggingsbeleid rekening hielden met bovenvermelde criteria. Dit vanaf het boekjaar 2017.
  3. In een evaluatie door Novethic uitgebracht in 2018 blijkt dat deze verplichting stilletjes haar effect blijkt te hebben bij de vermogensbeheerders. Waar voor 2017 27 % niet communiceerden over deze elementen, is dit in 2017 teruggevallen tot 3 %. Zowel de geëngageerde vermogensbeheerders (vroeger 17 %, nu 54 %) als diegenen die echt het voortouw nemen op vlak van ESG-rapportering (vroeger 20%, nu 27 %) worden actiever. Toch besluit Novethic dat er nog veel beterschap op vlak van rapportering mogelijk is. Niet voor niets heet haar publicatie 173 Shades of Reporting.
  4. Pro en Contra.
      1. Pensioenfondsen en verzekeraars in Frankrijk zetten nog niet massaal in op ESG, noch is het klimaatrisico bij hun investeringen voldoende in rekenschap gebracht. Misschien niet echt verwonderlijk omdat sommige van die instellingen eerder logge instanties zijn en de verplichting nog relatief jong is. Schakelen is nu eenmaal makkelijker als men wendbaar is.
      2. Een wettelijke verplichting opleggen is 1, maar als de onderhevigen aan deze verplichting niet de correcte analysemiddelen hebben om hun taak uit te voeren, dan kan je slechts traag vooruitgang maken. Wie zich aangesproken voelt zal vooruit willen, wie zich niet aangesproken voelt zal zich wegens gebrek aan kwaliteitsvolle – en duidelijke tools van het Festina Lente -motto bedienen.
      3. De overheid breidde in Frankrijk de doelstellingen/taken van een bedrijf reeds stevig uit. Naast extra verantwoordelijkheid voor bedrijfsleiders, laat dergelijke functieomschrijving alvast een structurele integratie van bedrijven in een welvaarts- en welzijnsperspectief toe. In België zijn we daar momenteel nog niet aan toe. Het meest recente dat in die richting werkt is een uitspraak van het Belgische Hof van Cassatie per 28/11/2013 die stelt dat “het belang van een vennootschap wordt bepaald door het collectief winstbelang van haar huidige-  en toekomstige aandeelhouders”. (bron: CSR & Company Law – J-M Gollier – Eubelius FRDO/CFDD studiedag 29/01/2019 Sustainable Investment in Belgium). Je moet al flink interpreteren om de algemene uitspraak (België) te laten passen in de redelijk concrete Franse opvatting.
      4. De Belgische institutionele beleggers dragen momenteel nog geen verplichtingen om niet-financiële criteria in hun beleggingsbeleid op te nemen (uitgezonderd: bepalingen uit internationale verdragen (bepaalde types wapens / witwassen /….). Sommigen hebben uit eigen beweging (en om te anticiperen op maatschappelijke evoluties) zichzelf wel strengere beperkingen opgelegd. (*)

De overheid anticipeert op het Europees financieel actieplan en legt verzekeraars niet-financiële informatieplicht op.

  1. In maart van dit jaar en passend in la Loi PACTE werden 2 amendementen aangenomen die levensverzekeraars verplichten om hun klanten te informeren over het ESG-gehalte van hun levensverzekering. We zien dus dat regelgeving, die aanvankelijk voor institutionelen gold, begint door te sijpelen de markt voor particulieren.
  2. Er is een precontractuele informatieplicht vanaf 01/01/2022 waardoor intekenaars op beleggingsverzekeringen voorafgaandelijk kunnen weten of hun geld al dan niet bijdraagt aan de ecologische transitie of aan de solidaire economie. Verwacht wordt dat verzekeraars die dergelijk aanbod momenteel niet commercialiseren door deze verplichting aangemoedigd zullen zijn om alsnog nieuwe -, wel gepaste producten te ontwikkelen.
  3. De jaarlijkse overzichten die de klant van zijn verzekeraar ontvangt dienen met ingang van 01/01/2022 ook duidelijk te maken welk gedeelte van hun spaargeld belegd wordt in solidaire -, sociaal verantwoorde fondsen of in de ecologische omslag.
  4. Hoewel we nog een tijdsspanne van 2 1/2 jaar hebben, zijn dergelijke concrete initiatieven voor België nog niet uitgewerkt. Het is niet uitgesloten (alles wijst er zelfs op) dat FSMA achter de schermen ook verzekeraars motiveert om duurzamer te gaan beleggen. De invoering van het Europees duurzaam actieplan zou daarbij kunnen helpen. Maar een aangenomen amendement in een wet is alvast veel concreter dan wensen en voornemens die nog in de lucht hangen.

Slotbedenking:

Frankrijk lijkt dus toch wel het voortouw te nemen in concrete initiatieven om duurzaam beleggen prominenter op de kaart te zetten. Alleen stroomt hiervan erg weinig door in onze contreien. Misschien een gevolg van de feitelijke loskoppeling uit de latijnse cultuur in een groot deel van ons land. Frankrijk dat is naast vakantie, pastis en de wielerronde een grote onbekende. En als het al over politiek gaat, wordt de aandacht recent gecapteerd door hun presidenten en hun eega’s. Jammer dus die aandachtsvernauwing. Ze verhindert dat we hier ook geïnspireerd raken.


(*): per 07/03/2019 werd in het kader van het verder uitrollen van het Europees actieplan duurzame financiering een akkoord bereikt tussen de Europese Raad en het Europese parlement. Voortaan zullen Europese institutionele beleggers moeten rapporteren over hun ESG intenties. Het Franse artikel 173 lijkt hierbij als leidraad (best practice) gebruikt te zijn. Onderhandelaar Paul Tang (PVDA-Nl) vatte het akkoord zo samen.

Categorieën
home

Een duurzaam beleggingsfonds kiezen op basis van de SDG’s? Momenteel nog niet evident!

2015 was niet alleen het jaar dat de klimaatconferentie van Parijs tot stand kwam. Binnen de VN werden  in september van dat jaar ook 17 duurzame ontwikkelingsdoelstellingen (SDGs) afgebakend.

Na evaluatie werden de Milenniumdoelen hervormd naar 17 duurzame ontwikkelingsdoelen

Deze kwamen in de plaats van de Milleniumdoelstellingen, die in 2000 afgesproken waren en in 2015 gerealiseerd hadden moeten zijn.

De 17 doelen, die gekoppeld zijn aan 169 subdoelen, worden beschouwd als het pad om armoede uit de wereld te helpen en de aarde te behoeden van korte-termijn denken. De 3 dimensies van duurzame ontwikkeling: het economische, het sociale en het ecologische komen er alle in aan bod. Qua timing is 2030 nu het richtjaar waarop realisatie een feit zou moeten zijn.

De profileringsmogelijkheden van SDGs zijn wel opgemerkt … 

Kort na publicatie werden die SDGs volop geadopteerd door overheden (193 landen, maar ook regio’s zoals Vlaanderen) en niet-gouvernementele organisaties.

Maar niet veel later zagen we ze eveneens bij veel financiële instellingen opduiken. Menige bank, verzekeraar of vermogensbeheerder

Categorieën
home

Palmolie: het loopt niet gesmeerd tussen ING en NGO’s.

 

Oktober is bij ING de maand van het duurzaam beleggen. Je ziet het in hun etalage aan de opgehangen affiches. Op hun site kan je ook een brochure hierover aantreffen of hun aanpak terugvinden. Ook op hun WebTV hebben  ze een item hierover.

gebruik van IGN wijst op gevoeligheid voor copyright-inbreuk.

Wie zichzelf in de kijker zet, loopt natuurlijk ook kans op kritiek.

En sommige NGO’s ballen deze kritiek samen in een eigen specifieke website greenwash-ing.be. Daar vind je een oproep om je proteststem te laten horen. De verontwaardiging draait over het feit dat bij ING de linkerhand niet weet wat de rechter doet.

Palmolie.

In haar kredietbeleid zou ze zonder veel scrupules controversiële leningen toestaan aan bedrijven die het niet nauw nemen met de rechten van lokale bevolking.

In concreto hebben ze het bijvoorbeeld over Socfin, een palmoliebedrijf dat onder meer de plaatselijke bevolking van Sierra Leone de toegang ontneemt tot de grond waar ze in feite hun eigen voedsel moeten kunnen telen.

Mooi is dit, als je jezelf net profileert op je duurzame insteek. Iets wat Socfin trouwens zelf ook doet.

Er is de laatste tijd nogal wat te doen geweest over palmolie.

Categorieën
home

Naar een Belgisch kwaliteitslabel voor duurzame financiële producten?

 

Witwassen kennen we onderhand wel allemaal. Ten gunste van persoonlijk financieel belang wordt hierbij gemeenschapsbelang opgeofferd (vb. belastingsontduiking). Maar greenwashen is iets minder gekend , terwijl het

“All the World is Green” voor Tom Waits en tal van opportunisten

ook kwalijke gevolgen heeft. Mensen kopen iets of investeren in een product waarvan ze ter goeder trouw, maar blijkbaar ten onrechte denken dat het gaat over een duurzaam product. Verkopersbedrog dus.

Kleef een sticker “duurzaam” of “sustainable” op je product en mensen die gevoelig zijn voor deze waarde kunnen over de brug gehaald worden en trekken hun geldbeugel open. Zelfs als er bij nader toezien niets (of erg weinig) duurzaams is aan het betrokken product in kwestie.

Dat greenwashen ook in de financiële wereld mogelijk is, is een open deur intrappen. Financiële instellingen profileren zich nu eenmaal. Soms zetten ze daarbij ook schijnbaar groene producten in de etalage. En laten ze er de marketingafdeling op los. Daar gelden reclamewetten. Wetten waar creativiteit en vindingrijkheid hoger ingeschat worden dan correcte informatie.

In haar (zelf toegekende?) opdracht tot consumentenbescherming heeft de Europese Commissie het nodig gevonden om een groep deskundigen zich over deze problematiek te laten buigen. Deze High Level Expert Group on Sustainable Finance publiceerde per 31/01/2018 haar eindverslag.

Of het hoge niveau van deze expertengroep slaat op hun grote kennis of hun hoge verloning laten we in het midden. Er zat alvast géén Belg bij. Onder voorzitterschap van een AXA-man, werden uiteindelijk 8 aanbevelingen voorgesteld die moeten helpen om de financiële wereld meer richting duurzame beleggingen te sturen.

1 van deze aanbevelingen focust op particuliere beleggingen in duurzame financiële producten. “Spaarders” moeten de mogelijkheid hebben om te beleggen in portefeuilles die hun duurzame en ethische voorkeuren weerspiegelen. Ze moeten daarbij beschermd worden door minimumnormen.

Momenteel buigt de Belgische financiële sector zich via haar koepel Febelfin over die materie. Ze werkte een nieuwe kwaliteitsnorm uit voor duurzame financiële producten.  U kan de uitgebreide nota hierover hier raadplegen.

De ambities zijn niet min:

Categorieën
home

Geen label, maar vele stempels.

 

Recent kwam 2 x in publicaties van de financiële informatiewebsite Morningstar het fonds Comgest Growth Europe Eur Acc bovendrijven. Dit is een fonds dat inzet op aandelen van grote Europese bedrijven.

Het fonds werd opgelijst in het artikel Deze fondsen scoren op Morningstar Analyst én op Sustainability Rating én in het artikel Duurzaamheid bij Europese large cap aandelenfondsen.

Investeringsmandaat is niet gelabeld op duurzaamheid ….

Het is relatief merkwaardig omdat dit fonds geen expliciet duurzaam mandaat heeft in zijn beheersopdracht. En toch haalt het volgens de hun beoordelaars de maximale score in hun duurzaamheidsrating. Het huldigt dus alvast niet het  “Luister naar mijn woorden, maar kijk niet naar mijn daden” van hypocriete greenwashers.

Het fonds scoort zelf een pak beter dan heel wat fondsen die wél een expliciet duurzaamheidsmandaat hebben. Omdat het zich naar de buitenwereld niet als dusdanig profileert, zal het dan ook onder de radar blijven voor wie zijn fondsen louter op de intenties van de beheerders aftoetst.

We weten niet of dit fonds niet eerlang toch het steven zal keren en zal investeren in

Categorieën
home

Het duurzame evangelie volgens Morningstar

 

Met de Morningstar Sustainability Rating presteert de financiële informatiesite Morningstar een huzarenstukje. Bij de meer dan 20.000 beleggingsfondsen die zij rubriceren en opvolgen hebben ze  ook een duurzaamheidstoets toegevoegd. Ze baseren zich daarvoor op het duurzame scoringsbedrijf Sustainalytics.  Bravo hiervoor.

Morningstore John Hale ESG intro article graph 2
Geen sterren ditmaal, maar (wereld)bollen als kwaliteitsmerk

De bijkomende informatie die nu voor de doorsnee belegger beschikbaar is, laat hem (M/V/X) toe om ook rekening te houden met niet-financiële overwegingen. Beleggen volgens de principes van ESGSRI / MVI krijgt daarmee potentieel een boost. En dat is belangrijk nu duurzaam beleggen niet meer een kleine nichemarkt is, maar steeds meer aan belang wint. Relatief nieuwe groepen die de beleggersmarkt betreden (vb. vrouwen en jongeren) blijken immers veel meer belang aan deze extra-financiële criteria te hechten.

Nochtans weten we dat er niet 1 monolitische waarheid bestaat. Hadden de evangelisten