Categorieën
home

De eigen portefeuille in september 2020

Is de technologierally nu echt over haar top of is deze in de fase van ‘réculer pour mieux sauter‘? We weten het niet. Feit is dat na de felle opmars sinds het uitbreken van de Coronacrisis, in september plots de handrem leek aangetrokken voor de FANGMAN.

Begin van sectorrotatie?

FANGMAN en FinCEN
Technologietoppers

Fangman is een nieuw letterwoord dat het vroegere begrip FANG vervangt: F(acebook) A(Amazon) N(etflix) G(oogle). De originele bedrijven blijven aanwezig, maar zijn nu uitgebreid met M(icrosoft), A(pple) en N(vidia). Volgens de dagelijkse beurswekker van BinckBank, verloren deze bedrijven sinds begin van de maand al $ 1.400 miljard aan beurswaarde. Zowat 10 keer de totale beurswaarde van ABInbev, het grootst genoteerde bedrijf in onze BEL20.

In vrij veel duurzame beleggingsfondsen zijn 1 of meerdere van deze bedrijven vertegenwoordigd. Er kon derhalve gevreesd worden dat de remonte, van de voorbije maanden, waardoor onze portefeuille weer -nipt- in het groen noteerde, ook gestopt zou zijn.

En inderdaad de eigen portefeuille dook terug lichtjes onder haar 0-lijn in vergelijking met 01/01/2020. Ze noteert nu met een verlies van -0,32 %.

De portefeuille laat een grote spreidstand zien. 17 lijnen noteren met winst (YTD), waarvan de koploper dit jaar reeds + 20,24 % liet optekenen. Daartegenover staan 7 lijnen op verlies. De hekkensluiter tekent voor een verlies van -11,55 %.

Ter vergelijking, de YTD-resultaten van:

  1. Bel 20: -19.18%
  2. Euro Stoxx 50 : – 14,26 %
  3. MSCI AC World: -0,02 %

Kleine wasjes, grote wasjes, … doe ze in je wasmachien

Dit zijn de kampioenen in witwassen

Waar FANGMAN pluimen liet, was FinCEN wel bij de pinken. Door hun doortastendheid kwam deze maand het zoveelste witwasschandaal waar banken bij betrokken waren naar boven: de FinCEN files.

Getrouw kregen de 4 Belgische grootbanken door onze pers de wind van voren, wegens hun betrokkenheid hierbij. En ja, ze waren er bij betrokken. Hoewel ze toch eerder kleine vissen zijn als we de buitenlandse pers kunnen geloven.

Het relatief gewicht van KBC, BNP Paribas, Belfius en ING in dit schandaal mag  niet doen vergeten dat “geld witwassen géén bancaire dienst is, maar een misdaad” (citaat FairFin). Via gebruik van witwasprocedures worden er immers voor miljarden € & $ (maar ook stevig wat roebels) aan belastingen ontdoken. Geld dat anders in de gemeenschap gevloeid was en waarmee noden konden gelenigd worden, schulden afgebouwd konden worden, de algemene belastingdruk kon zakken, … .

FANGMAN en FINCEN
logo v/h Financial Crimes Enforcement Network

Het is frappant dat de documenten weer afkomstig zijn uit de Amerikaanse overheidsadministratie. De belastingdienst is er blijkbaar toch beter georganiseerd dan wat we op basis van onze oppervlakkige opvatting over ‘the land of the free and the home of the brave‘ zouden verwachten.

Er valt voor Europa alvast te hopen dat een verdere eenmaking de controle op de financiële verrichtingen efficiënter maakt. En dat het de interne landen dwingt om zich solidair op te stellen en te stoppen met zich te promoten als geschikt voor belastingtoerisme.

Zo zie je maar, zelfs zonder het over de nakende presidentsverkiezingen te hebben, domineert de VS weer deze berichtgeving. En dit met nieuwe begrippen als FANGMAN en FinCEN.

 

Categorieën
home

Hoe duurzaam is het beleggingsaanbod van de institutionele investeerder bij NewB?

 

Ethisch en duurzaam! Dat wil NewB zijn. Is zijn belangrijkste institutionele investeerder ( C-aandeelhouder) dit al? Hoe duurzaam is bijvoorbeeld het beleggingsaanbod bij Monceau Assurances?

Als kritisch sympathisant van NewB, probeer ik de kerk in het midden te houden. Enerzijds wil je dat de bankwereld verduurzaamt en wens je een nieuwe speler daarin dat hij zijn zelf opgelegde rol kan waarmaken. Anderzijds weet je dat al veel (jonge) mensen achter vlaggen gelopen hebben, waarvan ze later -na ontnuchtering- het gevoel kregen “hoe kon ik ooit zo dom en naïef zijn?”.

Monceau Générale Assurances: financier van fossiele brandstoffen?

Dat betekent dat je opinies leest die beide kanten van het spectrum (pro & contra) beslaan.  Zo kwam ik ten tijde van de fondsenwervringscampagne van NewB op de LinkedInpagina van Xavier Corman een persoonlijk pleidooi tegen om niet te investeren in NewB. Het was een kort artikel, waar niet veel nieuws in stond. Als betrokkene in de FINTECH is hij vooral kritisch (gedeeltelijk op basis van foutieve gegevens) over het technisch bankmodel dat achter NewB schuilgaat.

In de vele reacties op zijn stelling, viel me vooral de opmerking van Thierry Huart-Eeckhoudt op. Betrokkene is momenteel ondernemer, maar heeft in zijn verleden bewezen dat hij naar de kern gaat en controverse niet schuwt. Zo infilteerde hij voor zijn thesis als politiek wetenschapper bij het Front National. In vertaling luidde zijn commentaar:

“Zeer goed! Super initiatief/idee! Maar de uitvoering laat te wensen over. Ik begreep door een internetsearch dat Monceau nog erg veel investeert in fossiele brandstoffen. (bold door redactie Ethisch Beleggen) Niet tof voor een steunpilaar van NewB.”

Wat is daar van aan?

Als dit waar is, dan lijkt dit nogal pijnlijk voor NewB en enkele van haar stichtende leden. Zo ageert FairFin al jaren tegen banken die investeren in de fossiele industrie. En vraagt ze bankklanten om hun gelden daar weg te trekken. Is 1 van de sterkhouders van NewB, Monceau Assurance effectief in hetzelfde bedje ziek? En moet FairFin daarom straks ook oproepen tot Move Your Money out of NewB?

Ik heb geen toegang tot de volledige investeringsportefeuille van Monceau Assurances en al haar structuren. duurzaam belegggingsaanbod bij Monceau

Wel kon ik op de site van Monceau een lijst vinden van hun fondsen voor sparen en beleggen. Deze worden ook verdeeld door de onderlinge verzekeraar CAPMA-CAPMI.

Ik controleerde daarna wat Morningstar over die fondsen te vertellen had. Is het beleggingsaanbod bij Monceau Assurances duurzaam of ethisch?

Oordeel

Niet gekend.

Van enkele fondsen vind ik via Morningstar geen gegevens terug:

  •  F2 – Fonds Sicav Actions
  •  Monceau Investissements Immobiliers
  •  Monceau Prudence
  •  Monceau Sélection France Europe, (Isincode: FR0007016720)
Gekend maar duurzaamheid niet beoordeeld.

Dat de eerste 4 fondsen geen beoordeling kregen is niet abnormaal. Ze beleggen voornamelijk in (overheids)obligaties. Een gelijksoortig Triodosfonds (Triodos Euro Bond Impact Fund) wordt door Morningstar eveneens gevolgd, zonder dat dit een waardering op vlak van de duurzaamheidsparameter oplevert.

Het laatste fonds, is iets meer dan een jaar geleden in de markt gezet, waardoor het bij Morningstar nog geen scoring krijgt. Op basis an de naamgeving zou je mogen verwachten dat het met de insteek van dit fonds goed zit. Op basis van een recent rapport van het fonds zie je echter dat naast Enel en Total (zie ook verder) ook BP tot de 10 belangrijkste participaties behoort. Bien étonnnés de se trouver ensemble. 

Gekend en beoordeeld.
5 sterren, maar…

Het gemengd fonds Monceau Patrimoine,  FR0010515940, haalt bij Morningstar de hoogste score op vlak van duurzaamheid. Op een schaal van 100 gelijksoortige fondsen staat dit fonds vooraan op plaats 3. De aandacht voor de sociale kant (S) is hoog en voor de bestuurskant (G) is die bovengemiddeld. Die voor de milieukant (E) is eerder gemiddeld.

Voor veel Belgen zal het vreemd lijken dat 1 van de belangrijkste participaties van het fonds Alstom SA is. Een bedrijf dat toch nauwe banden heeft met kernenergie. Zo wordt het nog vermeld op de promosite Nucleair Forum. Fransen kijken gemiddeld anders naar kernenergie dan de meeste NewB-adepten.

Naast Alstom is een andere belangrijke participatie momenteel  Snam S.pa, de eigenaar van het Italiaans gastransportnetwerk (vergelijk met Fluxys in België). Dus ook hier nog investering in fossiele brandstoffen.

De blootstelling van dit fonds aan CO2 kon door Morningstar niet berekend worden (*).

MIDDELMAAT.

Het aandelenfonds Monceau Europe Dynamique, FR0007070636, krijgt een gemiddelde score op vlak van duurzaamheid: 3 globes en een 61e plaats op 100 in vergelijking met gelijkaardige fondsen. Het scoort zowel op milieu-, sociaal-  als bestuurskant gemiddeld. Terwijl enkele maanden geleden (12/2019) aan dit fonds nog het Low Carbonlabel toegekend was, is de blootstelling aan CO2 is momenteel niet te berekenen. Dit kan wijzen op een verslechtering in het investeringsbeleid.

Het fonds lijkt momenteel vooral een fund of funds (FOF) te zijn aan de belangrijkste participaties te zien. Maar bij de participaties uit de onderliggende fondsen vallen niet dadelijk opvallende conclusies te trekken.

FOEI.
duurzaam beleggingsaanbod bij Monceau Assurances
Heeft de institutionele investeerder in NewB ook dezelfde intentie? Dan is er nog werk aan de winkel.

Het aandelenfonds Monceau Sélection Internationale, FR0007016712, bakt het wel flink bruiner. Met 2 globes en een 77e plaats op 100 bij vergelijkbare fondsen, scoort het zwak op de sociale- , de bestuurskant en  de milieukant van ESG.

De CO2-blootstelling is niet bekend.

Momenteel is een kleine 10 % van het fonds belegd in FDC Ressources Naturelles, dat onder meer in mijnbouw & ontginning investeert. Ongeveer net zoveel steekt in FDC Transatlantique F, waar oliebedrijven als Total en Chevron tot de topposities van de  portefeuille behoren. Van Total kan men nog denken dat dit bedrijf de afslag naar hernieuwbare energie aan het nemen is. Je vindt dit bedrijf ook vertegenwoordigd in sommige andere duurzame fondsen. Maar bij Chevron is dit alvast veel minder uitgesproken.

Conclusie

Monceau Générale Assurance blijkt  in dit opzicht gewoon een verzekeraar van 13 in een dossier. Weliswaar een onderlinge verzekeraar. Een verzekeraar die echter nog een ganse weg af te leggen heeft om echt duurzaam te zijn.

Maar misschien zijn ze –excuseer de beeldspraak– als een grote tanker wel bezig hun bocht te maken?

Was de investering in NewB voor hen een economische opportuniteit om de Belgische markt te betreden of eerder een gerichte keuze in het kader van het verduurzamen van hun beleid? Persoonlijk denk ik dit eerste. En dit om 2 redenen:

  • Inmiddels is Monceau ook in zee gegaan met het veel uitgebreidere verzekeringsplatform Aedes, verzekeringsagent voor Monceau (zie onderaan homepagina Aedes. (Een kruisbestuiving tussen beiden is onder meer de fietsverzekering die NewB commercialiseert. Zie pagina 11 van de algemene voorwaarden).
  • En nergens heeft Monceau Assurance in hun publiciteit van de voorbije jaren laten blijken dat NewB een speerpunt in hun werking zal zijn.

Jammer, maar de bewering van Thierry Huart-Eeckhoudt lijkt -op basis van wat ik kon achterhalen- op zijn zachtst gesteld niet helemaal verkeerd.

—————————————————————————————-

(*) Dit gebeurt standaard door een Carbon Risk Score toe te kennen. Deze toekenning kan echter alleen als minstens 2/3 van de onderlinge posities in het fonds kunnen beoordeeld worden door het screeningsorgaan Sustainalytics. Wat hier niet het geval blijkt te zijn.

Categorieën
home

Duurzaam beleggen bij de Belgische verzekeraars: veel ruimte voor verbetering.

logo Assuralia - duurzaam beleggen bij de Belgische verzekeraars
het groen(*) krulletje in het logo mag in de werking gerust nog meer geprofileerd worden. (* disclaimer: auteur is kleurenblind)

Op 26 juni publiceerde de koepel van verzekeringsmaatschappijen Assuralia een artikel met de trendy titel: Verzekeringssector trekt mee duurzaamheidskaart. Hierin werd gesteld dat -net zoals de consumenten- de verzekeraars ook zeer gevoelig zijn voor duurzaamheid. Steeds meer zou dit uit hun productgamma blijken.

Dat verzekeraars met hun producten oplossingen bieden voor veel verschillende risico’s waarmee burgers geconfronteerd worden staat buiten kijf. Dat ze investeren in onder meer belangrijke infrastructuurprojecten (scholen, ziekenhuizen, windmolenparken, …) is evenzeer een feit. Hiermee is echter niet uitgesloten dat ze ook investeren in niet-duurzame projecten.

Assuralia steunt (volgens dit persbericht) elk initiatief of maatregel die de consument helpt bij het ontwikkelen van een eigen duurzame beleggingsstrategie. In die zin onderschrijven ze ook het -niet onbetwiste- duurzaamheidslabel dat door Febelfin uitgewerkt werd. Maar de sector zou ook verder gaan door méér en méér duurzame financiële spaar- en beleggingsverzekeringen aan te bieden. Producten waarbij ESG de norm wordt bij de investeringen. Papier is natuurlijk verduldig.

We stelden de vraag “Klopt dit alles wel?”

Als we de moeizame pogingen zien van Dr. Anneleen De Bonte en FairFin om een duurzaam pensioenfonds te vinden voor het Vrij Aanvullend pensioen van Zorgverleners, hebben we alvast een aanleiding om te twijfelen.

In België hebben we geen eerlijke verzekeringswijzer. Dus ook daar kunnen niets afchecken. Daarom deden we zelf even aan factchecking: “Trekt de verzekeringssector wel mee de duurzaamheidskaart?

Op de site van Assuralia vonden we hier de Top 15 van Belgische verzekeraars. We hebben die in een tabelletje gezet met hun marktaandeel eind 2018. Die top 15 vertegenwoordigt 87,69 % van de markt. Niet volledig dus, maar toch een uit de kluiten gewassen steekproef. Naast naam en het marktaandeel vindt u in kolom 3 of de verzekeraar (of zijn beleggingsafdeling) de principes van verantwoord investeren (een UN-initiatief) onderschreef. Dit kan je nagaan via de PRI-website .

AG Insurance21,74 %Ja
AXA Belgium11,35 %
Ja via AXA group & Axa Investment Managers
Ethias9,29 %
Nee
KBC Verzekeringen8.79 %
Ja via KBC Asset Management
Belfius Insurance6.48 %
Ja via Belfius Investment Partners
P&V Verzekeringen5.69 %
Nee
Allianz Benelux4.97 %
Ja via Allianz SE en Allianz Global Investors
Baloise Belgium4.70 %
Ja via Baloise Asset Management
NN Insurance Belgium4.42 %Ja via NN Investment Partners
Argenta Assuranties2.47 %Nee
Athora Belgium2.41 %
Nee
DKV Belgium2.03 %
Nee
Ergo Insurance1.19 %Nee
Credimo1.11 %Nee
Fidea1,06 %Nee

We stellen ons de vraag welke duurzame beleggingsproducten hebben deze verzekeraars in hun aanbod opgenomen?

Voorafgaandelijke opmerkingen:

  1. We beperken ons tot het verzekeringsaanbod. Enkele spelers in de markt hebben ook een bankwerking. Producten die in het bankaanbod zitten vallen niet onder deze scoop.
  2. We focussen op het aanbod voor particulieren. We kijken dus naar de 3e pensioenpijler (langetermijnsparen en pensioensparen) en naar het beleggingsaanbod zonder fiscaal voordeel (Tak 23).
  3.  De verzekeringsmarkt is niet eenduidig. Sommige verzekeraars werken uitsluitend met verzekeringsmakelaars. Anderen juist niet:  een maatschappij als Ethias werkt voornamelijk via rechtstreekse verkoop, Belfius, KBC en P&V werken voornamelijk via een agentennet.  Sommigen zijn hybride van opstelling: P&V heeft een zustermaatschappij voor makelaars (Vivium). AG Insurance werkt zowel met makelaars als met het bankkanaal van BNP Paribas Fortis. Tevens werken ze samen met BPost als distributiekanaal.
  4. De cijfers uit de tabel zijn inmiddels wat verouderd. Met name de overname van Fidea, noch de overname van de varia-portefeuille van Athora door Baloise Insurance zijn verwerkt.

AG Insurance

  1. Het BPost-aanbod:
    1. Hier bevat het aanbod momenteel 37 verschillende beleggingsfondsen, waarvan 35 met einddatum. Dus fondsen die niet in een permanent aanbod steken en meestal een kapitaalbeschermingsstructuur hebben. Door dit feit zijn ze relatief ondoorzichtig. Een moeilijk uit te voeren analyse zou moeten uitmaken hoeveel duurzaamheid er overblijft na alle compenserende technieken om de kapitaalsgarantie overeind te houden.
    2. We kunnen ervan uitgaan dat producten als Post Optima Women Leadership 06/2028 , Post Optima Global Transition 90 10/2027 en Post Optima Global Megatrends 90 op zijn minst raakpunten hebben met ESG, maar concreter kunnen we helaas niet zijn.
    3. Een opmerking in de rand: vreemd dat na het debacle van Optima Bank AG blijkbaar producten blijft aanprijzen onder die naam.
  2. Het BNP Paribas Fortis-aanbod:

    Hier steken een kleine 180 fondsen in het aanbod.

    1. Gesloten fondsen
      1. Een 125-tal zijn ook kapitaalbeschermingsfondsen. En ook hier geldt dezelfde opmerking als bij het BPost-aanbod.  We vinden onder meer Smart Invest Bon Women leadership 2027 (4 versies), Smart Invest Bon SRI Europe (11 versies), Smart Invest Bon, SRI 90 Europe Booster (3 versies), Smart Invest Bon SRI 90 Europe (2 versies), Smart Invest Bon Europe ESG Leaders 2027 (3 versies), Smart Invest Bon Global Megatrends 90 (2 versies), Smart Invest Bon Europe Diversity Impact 2028 (4 versies), Smart Invest Bon Global Diversity Impact (4 versies), Smart Invest Bon Europe Sustainable Goals 2028 (2versies), Smart Invest Bon Climate & Energy Transition 2028 (2 versies) en Smart Invest Bon World Select ESG 2029 terug.  Gezien het hier telkens over fondsen met einddatum gaat, lijkt het niet onredelijk om te veronderstellen dat deze fondsen vooral aan het klassieke bankkliënteel verdeeld worden. Kort door de bocht: de kasbonklant die in tijden van lage rente anders nog moeilijk kan bediend worden.
    2. De rest zijn open fondsen.
      1. We vinden er AG Life Climate Change  (4 globes en OK voor CO2-blootstelling) , AG Life  Equity World Aqua (3 globes en OK voor CO2-blootstelling), AG Life Portfolio FoF Stability SRI (duurzaamheid niet gequoteerd), AG Life Portfolio FoF Balanced SRI (5 globes, geen gegevens rond blootstelling aan CO2) , AG Life Sustainable Defensive (duurzaamheid niet gequoteerd), AG Life Sustainable Neutral (duurzaamheid niet gequoteerd) en AG Life Sustainable Dynamic (5 globes en geen gegevens rond CO2-blootstelling). Op de webpagina waar je de eenheidswaarden van deze fondsen terugvindt, vindt je ook een pdf met naam Duurzame Strategie (voorbeeldlink). 
      2. De gegevens rond weging mbt. duurzaamheid en blootstelling aan CO2 haalden we bij Morningstar. We gebruiken die bron verder ook. Onze controledatum: 19/11/2019.
  3.  Het aanbod via makelaarskanaal:
    1.  Het aanbod bevat 36 kapitaalbeschermingfondsen. We vinden enkele hierboven reeds vermelde fondsen (onder een lichtjes andere naam) terug: AG Target + Ethical Europe Equity Index  (ook een versie met 90 % kapitaalbescherming beschikbaar),  AG Target + Global Megatrends 90 , AG Target + Sustainable 1, AG Target + USD ESG Global Leaders 2027, AG Target + 90 ESG Global Leaders 2027 , AG Target + USD Sustainable Goals 2027 (ook een versie met 90 % kapitaalsbescherming beschikbaar) en AG Target + USD Climate Care 2026. Allen fondsen met (op zijn minst gedeeltelijke) ESG-insteek, maar ook hier: hoeveel ESGgehalte blijft er effectief over met het geld dat je belegt?
    2.  Er zijn ook 26 open beleggingsfondsen te koop via een verzekeringsmakelaar. Slechts 2 ervan kunnen als duurzaam beschouwd worden:  AG Life Equity World Aqua (3 globes en OK voor CO2-blootstelling) en AG Life Sustainable Equities (4 globes en OK op vlak van CO2-blootstelling).

Conclusie voor AG Insurance: een erg groot aanbod van fondsen, waarin zeker bij de kapitaalbeschermingsfondsen (althans qua naamgeving) duurzaamheid belangrijk lijkt te zijn. In de open fondsen is er geen 10 % dat expliciet rekening houdt met duurzaamheid. De Febelfinlabeling Towards Sustainability oordeelt wat lichter

AXA Belgium

Hier kunnen we kort zijn.

Voor de particulier klant is het sinds 16/01/2017 niet langer mogelijk om in te tekenen op hun Piazza Invest formules. Daar zat 1 duurzaam fonds bij. Bestaande klanten kunnen er in bijstorten, voor nieuwe klanten staat dit niet open. Sindsdien wordt er geen Tak 23 meer aangeboden.

Beschikt u over een groot te beleggen kapitaal, dan wordt u doorverwezen naar het vermogensbeheer van Architas. Duurzaam beleggen is daar geen actieve topic.

Ethias

Deze verzekeraar verloor zijn erkenning om zelf beleggingsverzekeringen uit te geven. Dit in de nasleep van de bankencrisis, waarbij de gegarandeerde rente op hun First-rekening een molensteen rond hun rentabiliteit legde. Sindsdien verkoopt Ethias beleggingsproducten van verzekeraar De Integrale. De producten die men aan beleggers en spaarders aanbiedt, hebben geen duurzaam accent.

KBC Verzekeringen

ruimte voor verbetering - duurzaam beleggen bij de Belgische verzekeraars
In Nederland liggen verzekeraars scherper onder de loep van de consument.

Hier is de verstrengeling tussen bank en verzekeraar het grootst.  Op de pagina over het aanbod Tak 23-levensverzekeringen wordt je doorverwezen naar de algemene KBC-fondsenzoeker en daar blijken 1.180 fondsen beschikbaar. Selecteer je thematisch (gekozen voor duurzaam, alternatieve energie, waterindustrie en klimaatverandering, dan behoud je nog 145 fondsen. Stuk voor stuk moesten die dan afgelopen worden om er de 18 beleggingsverzekeringen uit te halen:

De kwaliteit en de eigenschappen van de producten

Omdat we zelf verzekeringsmakelaar zijn, hebben we geen toegang tot deze producten. KBC werkt met verbonden agenten of loontrekkenden.  We kunnen op basis van een google-search dus niet veel zeggen over de kwaliteit van de betrokken producten.

Het feit dat de beleggingsverzekeringen hetzij niet gekend zijn bij Morningstar, hetzij er niet gequoteerd zijn wil niet automatisch zeggen dat ze niet-kwaliteitsvol zijn. Mogelijk zijn ze te klein in omvang of te recent in de markt gezet om al geanalyseerd te zijn.

Gezien de naamgeving van de producten lijkt het er op dat er afhankelijk van het type belegger (defensief, neutraal, dynamisch) diverse producten in de markt gezet zijn.  Als leek lijkt het me wel niet evident om de nuances of verschillen tussen de verschillende formules vlot te begrijpen. Febelfin is terug vrij mild in zijn benadering van de KBC fondsen. 

Belfius Insurance

Bij Belfius gebruikten we hun verzekeringsfondsenzoeker. Daar lezen we dat er momenteel 67 fondsen beschikbaar zijn. We vinden er enkele fondsen die onder de ESG-vlag kunnen ingedeeld worden. Belfius Invest Climate Awareness 90 01/2028 is een kapitaalsgarantiefonds met einddatum, waar we geen verdere info over vinden. Verder is er BI Candriam Sustainable Balanced (5 globes, geen gegevens mbt. CO2-blootstelling bij Morningstar. Naamgeving eindigt bij Mornigstar op Neutral ipv. op Balanced),  BI Candriam Sustainable Dynamic (geen gegevens), BI Econopolis Smart Conviction (geen gegevens beschikbaar)  en BI Echiquier Arty (5 globes, geen gegevens mbt. CO2-uitstoot).

Van een verzekeraar die zijn wortels onder meer in de christelijke arbeidersbeweging heeft en ook een groot gedeelte van de katholieke zuil verzekert, mocht verwacht worden dat deze toch minstens iets meer op het Sociale aspect van ESG zou inzetten. Of niet?

P&V Verzekeringen

Ook een oogopener wat mij betreft. Hoewel P&V haar wortels heeft in de socialistische zuil, nog steeds een coöperatieve structuur heeft en met haar stichting actief burgerschap ondersteunt, is er niet echt een duidelijke profilering in hun beleggingsaanbod. Het aanbod Tak 23 bestaat uit 6 fondsen. 1 ervan FFG Architect Strategy Fund (hier het moederfonds (geen rating op vlak van duurzaamheid en blootstelling aan CO2-uitstoot)) besteedt minimum 50 % van haar winst (of 10 % van haar zakencijfer) aan maatschappelijke projecten (via KoningBoudewijnstichting). Op de slotbijeenkomst van het project Duurzaam Pensioen bij FairFin, liet een vertegenwoordiger van P&V op 09/12/2019 zich ontvallen dat er momenteel intern toch ook een beweging op gang komt om meer aandacht aan duurzaamheid (ook in Tak 21) te besteden.

Er is door P&V geen onderscheid in haar aanpak tussen de agentenwerking via P&V Verzekeringen en de makelaarswerking via zustermaatschappij Vivium.

Tot voor enkele jaren was P&V ook eigenaar van het Luxemburgse Euresa Life. Dit was een soort grossier in beleggingsfondsen, waar wie op zoek was naar een duurzaam beleggingsfonds wel enkele matches kon vinden. Gedreven door strengere regelgeving heeft P&V deze poot verkocht om zich intern op de Belgische markt te kunnen versterken. Maar per 16/12/2019 ll. maakte P&V bekend dat ze de nicheverzekeraar Private Insurer overnemen. Op korte termijn zal het aanbod Tak 23-fondsen er dus fors uitgebreid worden. Afwachten of hierbij een accent op duurzaam beleggen komt te liggen.

 

Allianz Benelux

Hoewel Allianz wereldwijd als 1 van de duurzame investeerders bekend is – zie ook Allianz Global Investors, dat zich richt grotere kapitalen (institutionelen, familiekapitaal,… -, is het aanbod dat op de Belgische markt verdeeld wordt via verzekeringsmakelaars helaas ESG-vrij.  Mogelijks uitzonderling gemaakt voor het gesloten fonds Allianz Global Megatrends 2027. Veel duidende info hierrond vinden we niet op internet.

Baloise Belgium

Je moet het de mensen ook niet te moeilijk maken. Anders blokkeren ze.

Verzekeraar Baloise kiest -net als Allianz & P&V verzekeringen wellicht- voor het adagium “keep it simple” wat beleggingsfondsen betreft.  Ze biedt slechts 12 beleggingsfondsen (2 obligatie- en liquiditeitfondsen, 5 aandelenfondsen en 5 gemengde fondsen) aan. Daar steekt geen enkel duurzaam fonds bij.

In het verleden had ze na overname van Nateus, die zelf eerder Belstar overnam, wel enkele duurzame fondsen in haar aanbod. Maar die werden later geschrapt.

Ondertussen heeft Baloise ook verzekeraar Fideav- zie verder- overgenomen. In het aanbod van deze verzekeraar steken enkele fondsen, die als duurzaam kunnen bestempeld worden. In een communicatie aan haar makelaars laat Baloise weten dat die alvast blijven gecommercialiseerd worden in 2020.

NN Insurance Belgium

Net zoals Athora Belgium (zie verder) heeft deze verzekeraar zich volledig teruggetrokken uit de sector varia (brand-, autoverzekeringen, …). De focus ligt nu volledig op levens- en beleggingsverzekeringen. De verzekeraar was vroeger gekend onder de naam Delta Lloyd Life en werd uiteindelijk overgenomen door de Nationale Nederlanden.

Zowel Delta Loyd als Nationale Nederlanden waren gepokt en gemazeld in Nederland. Dit verklaart dat er in het aanbod toch een grote aandacht is voor duurzaamheid. Dit accent was in Nederland veel vlugger populair onder particulieren dan in België.

Van de 41 fondsen die momenteel voor particulieren openstaan,  kunnen de volgende als min of meer duurzaam gezien worden: DNCA Invest Eurose (4 globes, geen gegevens over CO2-blootstelling) , FFG Architect Strategy Fund (geen rating op vlak van duurzaamheid en blootstelling aan CO2-uitstoot), NN Global Sustainable Equity Fund (4 globes en geen gegevens over CO2-blootstelling), Patrimonial Future Fund (nog niet opgevolgd door Morningstar. U vindt er hier info over.), Patrimonial Balanced European Sustainable Fund (5 globes, geen gegevens over CO2-blootstelling),  Nordea Global Climate and Environment Fund (5 globes, Low Carbon label), Pictet Global Megatrend Selection Fund (4 globes, Low Carbon label), Triodos Sustainable Bond Fund (duurzaamheidsgegevens niet beschikbaar) , Triodos Sustainable Equity Fund (5 globes, Low Carbon label) en Trusteam Optimum Fund (3 globes, geen gegevens over blootstelling CO2-uittoot beschikbaar).

Bij NN kan een klant voor zowat elke profiel een voldoende gevarieerde belegging bekomen, die ook rekening houdt met het duurzaamheid zo hij (m/v/x)dit belangrijk vindt.

En hoewel het Patrimonial Future Fund nog erg recent is, kan dit ook als volwaardig pensioensparen onderschreven worden.

Argenta Assuranties NV

Zoals zo veel banken heeft Argenta te lijden onder de lage rentes. Ze zochten oplossingen om het spaargeld dat vroeger in kasbons en dergelijke stak toch te behouden. Daarom investeerden ze ook in Tak 21 en Tak 23-fondsen.

Momenteel verdelen ze 35 beleggingsfondsen. Enkele ervan spelen in op duurzaam beleggen. We hebben het dan over Argenta Life Responsible Growth Fund (5 globes en lage CO2-uitstoot -LowCarbon-label volgens Morningstar) , Argenta Life Responsible Growth Défensif Fund (niet gequoteerd op duurzaamheid) , Argenta Life Responsible Materials (5 globes en OK op vlak van CO2-uitstoot- , Argenta Life Responsible Utilities (5 globes en nog relatief grote blootstelling aan CO2-uitstoot), Argenta Life Sustainable Food Trends ( belegt voornamelijk in DPAM Invest B- Equities Sustainable Food Trends B (2 globes en OK blootstelling aan CO2-uitstoot).

Athora Belgium

Is de nieuwe naam van wat vroeger Generali Belgium was. De verzekeraar besloot erg recent om zich voortaan alleen op levensverzekeringen  en beleggingsverzekeringen toe te leggen. Om die reden verkocht hij zijn variaportefeuille (auto, brand, …) aan Baloise Belgium.

In het aanbod van Athora steken momenteel 32 beleggingsfondsen. Enkele ervan kunnen als duurzaam bestemd worden. We hebben het dan over Ath. Quest Cleantech Fond (2 globes, geen gegevens over CO2-blootstelling  bij Morningstar),  DNCA Invest -Eurose (4 globes, geen gegevens over CO2-blootstelling ), Keren Patrimoine (3 globes, geen gegevens over CO2-blootstelling ), Universal Invest Medium (4 globes, CO2-blootstelling is OK ), Universal Invest High (4 globes, Blootstelling aan CO2 is OK ), Echiquier Arty (5 globes, geen gegevens over CO2-blootstelling ), FFG Global Flexible Sustainable (4 globes, geen gegevens over CO2-blootstelling), M & G Global Listed Infrastructure (4 globes, nog relatief grote blootstelling aan CO2-uitstoot ) en Nordea 1 Climate & Environment (5 globes, Low Carbon label).

Met het Athora-aanbod kan je een voldoende gevarieerd duurzaam aanbod vormgeven voor pensioenspaarders of 4e pijler-beleggers met een gebalanceerd of dynamisch profiel. Voor de defensieve klant moet je dit nog stofferen met niet-duurzame fondsen.

DKV Belgium

Dit is een zorgverzekeraar (hospitalisatie, tandzorg, inkomensverlies,…). Om die reden is er geen beleggingsaanbod. Dus ook geen duurzaam beleggingsaanbod.

ERGO Insurance

Per 16/06/2016 heeft Ergo bekend gemaakt dat zij niet langer nieuwe verzekeringen verkoopt in België en Luxemburg. Zie Nieuwe Strategie Ergo – Hoe gaat ERGO mijn beleggingsfondsen in de toekomst beheren-. De bestaande contracten blijven intact. Er kunnen geen nieuwe meer onderschreven worden. Om die reden is er ook geen actief duurzaam beleggingsaanbod bij deze verzekeraar.

Credimo

Credimo is een verzekeraar die zich tevens op hypothecair krediet toelegt. Hij verzamelt daarvoor gelden in via tak 21 en tak 26-producten. Dit zijn producten voor korte – of middellange termijn met een vaste opbrengst. Er is geen aanbod mbt. duurzaam beleggen aanwezig.

Fidea

Deze verzekeraar werd de laatste jaren van het kastje naar de muur geslingerd. Was onder meer een tijdje deel van de KBC-groep, kwam bij een Chinese investeerder terecht en werd nu recent door Baloise overgenomen. Voorlopig is hij nog niet in de Baloise-structuur opgegaan. In die eigenaarscarrousel was er gedurende enkele jaren geen beleggingsaanbod.

Momenteel verdeeld de verzekeraar 28 fondsen via zijn Tak 23-oplossingen. Enkele kwamen we reeds eerder tegen bij hogervermelde verzekeraars. We vinden er BlackRock New Energy Fund (5 globes, nog relatief grote blootstelling aan CO2-uitstoot), DNCA Invest Eurose (4 globes, geen gegevens over blootstelling aan CO2-uitstoot), DNCA Invest Global Leaders (3 globes en geen gegevens over Co2-uitstoot bekend), Triodos Sustainable Equity Fund (5 globes, Low Carbon label), DNCA Invest Beyond Instrastructure & Transition 5 globes en blootstelling aan CO2-uitstoot is +/- OK), Pictet SmartCity ( 5 globes en Low Carbon label) en Pictet Global Environmental Opportunities 5 globes en Low Carbon label) terug.

Baloise gaf haar makelaars te kennen dat dit aanbod alvast ook in 2020 via haar kanalen kan verkocht worden. Maar daarmee is nog niet gezegd dat ze overleven eens Baloise de groep volledig geïntegreerd heeft. Alleen zijn de eerste tekenen positief.

Trekt de verzekeringssector mee de duurzame kaart zoals Assuralia ons wil laten geloven?

De slotconclusie lijkt toch te zijn dat duurzaam beleggen bij de Belgische verzekeraars niet echt een rooskleurig verhaal is. Er is nog werk aan de winkel.

Enkele verzekeraars hebben duidelijk stappen gezet. Maar een expliciete lijn wordt nog nergens uitgezet. Toch niet zoals in de banksector vorig jaar waar KBC uitpakte met zijn nieuw duurzaam pensioenspaarfonds (Pricos SRI) of ING zijn bestaande pensioenspaarfonds volledig omschakelde op basis van duurzame criteria (Starfund).

Het valt op dat enkele verzekeraars de trend van duurzaam beleggen (momenteel) straal negeren door gebrek aan aanbod voor hun cliënteel. Het zal wel weer een kip en ei verhaal zijn (het wordt niet genoeg gevraagd dus we bieden het niet aan versus we vragen er niet naar omdat we het niet in het aanbod aantreffen).

In het kader van het Europees actieplan duurzame financiering, zou het wellicht niet misstaan dat Assuralia wat extra aan de kar duwt. Bijvb. door te stimuleren dat de gehele sector de PRI-regelgeving onderschrijft en begint na te leven.

Ook het prudentieel toezicht zou daar wel wat actiever mogen in zijn. Uit een recent onderzoek van de Nationale Bank rond hun houding mbt. klimaatrisico’s  bleek dat (slechts) 8 verzekeraars bevraagd werden. En de resultaten uit die steekproef wijzen er niet op dat men zich er van alle consequenties bewust is.

 

Categorieën
home

Geslaagde wervingscampagne voor NewB: Proficiat!, maar ….

wervingscampagne NewB
Deze kaart mag ongeopend in de kast blijven.

Het leek op Game Over toen eind vorige week de teller voor het beoogde bijeenhalen van € 30.000.000 maatschappelijk kapitaal amper op de helft stond. In de laatste dagen van de wervingscampagne van NewB, kwam er echter een verpletterende eindspurt. Hierdoor is een noodzakelijke, maar mogelijk nog onvoldoende voorwaarde voor het behalen van haar banklicentie behaald.

Er zal veel vreugde zijn bij de initiatiefnemers en haar fans. De opgebouwde spanning moet ondraaglijk geweest zijn. Elders zal er scepticisme blijven hangen. Sommigen –zoals schrijver dezer– zullen moeten toegeven dat ze letterlijk & figuurlijk geen cent gaven om het welslagen van de wervingscampagne. En dat ze dus verkeerd waren. Maar met 1 veldslag win je nog geen oorlog. De kritische houding die we van bij het begin tegenover het initiatief innamen blijft alsnog overeind.  Kritisch zijn sluit echter geen sympathie uit.

Waarom kwam de fondsenwerving  zo moeilijk op gang?

In de voorbije maand probeerde NewB voldoende kapitaal op te halen onder haar coöperanten, sympathisanten en derden.

De campagne kwam erg moeizaam op gang. Na 15 dagen campagne was het vreemd vast te stellen dat grote sociale organisaties (vb. vakbonden) hun achterban nog niet opgeroepen hadden om te participeren. Gebrek aan geloof in de levensvatbaarheid van het initiatief na de erg lange aanloop? Of onverschilligheid bij de top en/of slechte organisatie bij het verantwoordelijke middenkader? Het is ons onbekend.

Wel viel het op dat ook andere initiatieven om geld op te halen voor “de goede zaak” (vb.  North Sea Wind – coöperatie met link naar Colruytgroep) ook niet de verhoopte sommen bij de particulieren kon ophalen.

Allerlei vragen borrelden op:

  • Is de groep die in coöperaties wenst te investeren overbevraagd of te klein?
  • Zijn de eisen die de controle-waakhonden dergelijke initiatieven opleggen (je moet je telkens door een flinke stapel waarschuwingen werken vooraleer je kan investeren) al te ontradend?
  • Heeft de bittere smaak van het over de kop gaan van Arco nog meegespeeld?
  • Is de periode van geld ophalen slecht getimed tussen september (opstart scholen)  en december (cadeautjesmaand, pensioenspaarmaand,….)?

Maar achteraf waren die overbodig.

Vanuit een verloren positie naar de overwinning?

De eindspurt die NewB maakte, deed denken aan de overwinning van Mathieu van der Poel in de Amstel Gold race 2019. Vanuit het peloton terugkomen én alsnog de spurt winnen. Faut le faire!

De initiatiefnemers hebben hun koelbloedigheid bewaard en slaagden er in om de mobilisatie toch naar een hogere versnelling te schakelen. Daarvoor werden grote middelen ingezet. Video’s met BV’s, reclame in NMBS-stations, … .

Ook via sociale media werd de strijd geleverd. Stuk voor stuk moesten mensen overtuigd worden. Blijkbaar sloeg dit aan. Ondanks het feit dat de social media ook een flink pak haters/tegenstanders kende. En deze zich in commentaren niet steeds subtiel uitdrukten. Iets wat sommige verdedigers uitdaagde om hetzelfde te doen.

Wie de particulieren zijn, die intekenden, is voor de buitenwereld niet zeer duidelijk. Wellicht is er een groot deel peer-to-peer beïnvloeding geweest. Waarbij uiteindelijk een sneeuwbaleffect ontstond. Of het allemaal goed geïnformeerde mensen zijn, valt te betwijfelen. De boutade “je moet niet noodzakelijk een muziekliefhebber zijn om van Bart Kaëll te houden. Soms volstaat het om doof te zijn“(*) duidt er op dat er een verschil is tussen “kenner” en “fan”.

Zo was het opvallend dat er niet al te veel aanwezigen waren om de infomomenten die NewB zelf in het hele land organiseerden. Zelf was ik erbij in Gent. Voor dergelijke stad (qua bevolking en met een progressief imago) waren er met moeite -eigen schatting- 80 luisteraars.

Het lijkt er op dat er meer animo was in het Franstalig gedeelte van het land. Dat blijkt onder meer uit de grote investeringen die zowel het Brussels gewest als de Waalse regering (elke € 400.000 met engagement om zo nodig daar nog € 600.000bovenop te doen). Ook de universiteiten (in Louvain La Neuve en Brussel) investeerden € 200.000.

Maar meer dan 50.000 investeerders blijft een mooi resultaat.

Een bank maken. Lijkt eenvoudiger dan het is.

Blijft NewB een goed idee of is het een nobel doel op drift?

Edwin De Boeck, voormalig hoofdeconoom van KBC en nu verbonden aan studiedienst van N-VA, noemde NewB in een tweet op 13 november ‘une fausse bonne idée’.

In volle bankencrisis was het project zeer wervend en actueel. Of het dit 10 jaar later nog is, is een andere vraag. NewB nam in maart 2013 een blitzstart (het verzamelde 40.000 coöperanten op korte tijd). Maar daarna leek het project als een soufflé in elkaar te zakken. Nu -dankzij de geslaagde wervingscampagne- lijkt de metaalmoeheid terug verdwenen.

Maar toch kan men vragen stellen bij het initiatief. Zijn in de grote tijd die tussen idee en aanvraag tot erkenning de omstandigheden niet te hard gewijzigd om de originele focus overeind te kunnen houden? Kan een open coöperatieve structuur adequaat reageren op gewijzigde omstandigheden?

De aard van de urgentie blijkt veel omvangrijker.

NewB is getooid met een nobele doelstelling als ‘bijdragen aan de financiering van de ecologische transitie die nodig is‘. Kan een piepkleine, regionale- en opstartende bank deze rol echter zinvol opnemen? Of kan ze hierin niet meer dan een hete druppel op een plaat zijn?

Zeker nu we weten dat ten gevolge van voortschrijdend inzicht (denk klimaatakkoorden Parijs) de urgentie én het benodigde geld voor die transitie nijpender en vele malen groter is.

Mogelijk is er meer heil te verwachten van het Europese actieplan voor duurzame financiering om wel aan een (regionaal) noodzakelijke schaal te geraken. Daar zouden alle banken (en andere financiële instellingen) mee in het bad getrokken worden.

Het oorspronkelijk plan werd bijgestuurd. Hoe bewust gebeurde dit?

Soms is het zinvol om toch eens naar de basis terug te grijpen. Je vindt deze o.m. terug in NewB- Coöperatieve bank voor sociale economie uit 2014. Zowat de blauwdruk van wat NewB aanvankelijk beoogde. Je bemerkt veel verschillen met waar er uiteindelijk in 2019 voor opgeroepen werd.

En niet alleen in het noodzakelijke kapitaal . In 2014 wou NewB voor € 60.000.000 aan kapitaalengagementen hebben bij de opstart (zie p. 19). Het dubbele van wat men nu probeerde bijeen te krijgen. Is bankieren in een nog feller gereglementeerde financiële omgeving nu plots goedkoper geworden? Het lijkt onwaarschijnlijk.

Van agentschapsbank naar online-concept.

Het bankconcept van NewB evolueerde ook. Waar aanvankelijk gestreefd werd naar enkele lokale aanspreekpunten (p. 6 onder & P 7. bovenaan) (om tegemoet te komen aan de bekommernis van bereikbaarheid en nabijheid door de forse sanering in het reguliere kantorennet), werd het bij de FSMA en ECB ingediende plan uiteindelijk een online-bank met weliswaar een bereikbaar callcenter.

Natuurlijk is dit opschuiven ingegeven door de verdere evolutie in het banklandschap en de doorgedrongen digitalisering. Maar is het huidige  concept voor deze start-up nog bestand tegen de ontwikkelingen die er aan staan te komen en die de reguliere banken ook nog over zich krijgen: Apple Pay, Google Pay , Libra van o.m. Facebook (hoewel dit project misschien ook al zijn momentum voorbij is als we het aantal afhakers zien), … . Het lijken westerse varianten die zich spiegelen aan het immens populaire WeChat van het Chinese Tecent. En ze staan allen aan onze buitengrenzen te kloppen om binnengelaten te worden.

Dergelijke kapitaalkrachtige mastodonten zijn in staat om grote schokgolven te veroorzaken in ons financieel gedrag. Of een speedbootje op zonne-energie (een beeldspraak waarmee NewB zich omschreef op het door mij bijgewoonde NewB on Tour-event in november ll.) daar tegen bestand is en of zijn klanten zich lang veilig zouden voelen in dergelijk vaartuig? We zullen moeten afwachten. NewB schermt wel met een “heel performant en informatief informaticaplatform”. Maar tot heden hebben weinigen hier iets van gezien.

Van Bank naar Bancassurance.

Tevens veranderde het concept van uitsluitend duurzame coöperatieve bank geleidelijk aan naar een bankassurance-model.

Wellicht vanuit de noodzaak aan financiële middelen en de eisen van toegetreden investeerder Monceau Assurances. In de blauwdruk uit 2014 wordt immers met geen woord gerept over verzekeringsdistributie. Noch als financieringsmogelijkheid, noch als productaanbod.

Duurzaam – en ethisch verzekeren is echter een nog moeilijker concept om uit te rollen. Alleen al door het feit dat veel producten simpelweg wettelijke gereglementeerd zijn  -denk BA-Motorvoertuig, Ba-Privéleven, …). De bocht waarin NewB zich wrong om hun unique selling point ook op verzekeringsproducten toe te kunnen passen luidde “De toekomst van NewB verzekeren door het nuttige aan het ethische te koppelen waardoor uw verzekering en uw waarden samenkomen“. Toegeven dat het ”We’re only in it for the money” was, zou geloofwaardiger geweest zijn.

Op lange termijn is het trouwens niet zeker dat het bankassurance model overleeft. In België is KBC hier nog redelijk succesvol in. Maar anderen zijn hiervan reeds teruggekomen. Zo stapten in de voorbije 20 jaar kleinere banken verbonden aan Allianz (AGF-Bank, Mercator) uit de markt. Na de financiële crisis werd ook Ethias Bank verkocht (en ging even later over de kop als Optima Bank). En recent besloot ook AXA zich uitsluitend op verzekeringsverkoop in België te richten en wordt de bankportefeuille doorgeschoven naar Crelan. Iets wat reeds eerder in het buitenland gebeurde.

Redenen om er mee op te houden -naast de moeilijke marktomstandigheden en de sterk aangescherpte regelgeving- zijn

  • enerzijds tegenstrijdige belangen tussen een bank en een verzekeringsmodel (short-term/long-term),
  • maar anderzijds ook omdat beide modellen samen wel eens leiden tot verlies aan focus.

Je ziet het terugdringen van het bancassurance-concept mischien nog het duidelijks bij de beroepsgroep van verzekeringsmakelaars. Waar vroeger de gemiddelde makelaar ook een bankagentschap uitbaatte, is dit nu veel minder het geval. Onder meer door forse saneringen in het zelfstandig agentennet van banken. Meest opgemerkt hierbij: te totale liquidatie van Record Bank in 2018.

Wat is eenvoud?

Wat ook wijzigde was de ambitie mbt. het productenpakket. Waar oorspronkelijk de nadruk lag op beginnen met de ontwikkeling van  eenvoudige producten: zichtrekening, spaarrekening en kredieten, lijkt het accent nu verschoven te zijn.

Geen hypothecaire leningen meer.

Ook NewB moet rekening houden met de blijvend lage rente. Deze veroorzaakt een erg lage intermediatiemarge (verschil gegeven rente (vb. op spaarrekening) en aangerekende rente (vb. op hypotheek) bij de meeste financiële instellingen. Mogelijk is dit de reden waarom het aanbieden van hypothecaire kredieten (p.14) verdween uit de ambities.

Geruisloos van beleggingen in ethische producten naar beleggingsfondsen.

De laatste tijd hoorde en las je echter ook de (beperkte) ambitie om beleggingsfondsen te gaan verdelen. Of hiermee het oorspronkelijk adagio van ‘eenvoudige producten’ gevolgd werd is betwistbaar. In de blauwdruk lezen we niets over beleggingsfondsen. Daar gaat het vaagweg over beleggingen in ethische producten (p 14). O.i. toch iets anders dan ‘ethische beleggingsfondsen’.

Beleggingsfondsen verkopen levert geld op (commissies bij instap en mogelijk bij beheer). Maar dit vergt tevens opstellen van klantenprofielen en op basis daarvan voorzien in geschikte oplossingen. De wetgever laat in feite niet meer toe dat dit gebeurd met een gestandardiseerd eenvoudig aanbod.

  • Wil je je als bank beperken en géén adviesfunctie opnemen, dan nog moet je je klant een passend (appropriate) product voorstellen. Maar dit lijkt eerder het concept van een bank die haar klanten als een nummer wil behandelen.
  • Van een ethische bank mag je m.i. wat meer verwachten: begeleiden en adviseren rond beleggingen. In dat geval moet het aanbod ook geschikt (suitable) zijn.

Hoe NewB daarbij 1 van de basisregels van beleggen (in voldoende spreiding voorzien) zal naleven is vooralsnog ook een groot vraagteken. Dit gezien 1 van hun belangrijkste steunpilaren (die o.m. de voorzitter leverde), in haar meest recente studie het bestaande aanbod aan duurzame beleggingsfondsen een gemiddelde kwaliteit van 2,8 /100 toekent. Het beste fonds is het énige fonds dat niet gebuisd is. Maar met een 53 /100 kan het toch ook niet echt fier zijn op zijn beoordeling. U kan hierover uitgebreider lezen in ons blogbericht van 23/10/2019.

Op de promoavond mbt. de fondsenwerving deed de NewB-spreker hier erg luchtig over. Hij verwees naar onder meer naar het beleggingsaanbod dat ook door FairFin naar voorgeschoven wordt. Helaas steekt daar geen enkel beleggingsfonds bij. Een toevallige lapsus?

Bescheidenheid gewenst.

Fel uitgesproken ambities kunnen als een boomerang terugkeren.

Erg bevlogen zijn is zeker geen schande. Maar omdat wie in België zijn hoofd boven het maaiveld uitsteekt gemakkelijk geconfronteerd wordt met zeisen, die willen kortwieken, moet bevlogenheid samengaan met inhoudelijke- en strategische sterkte. En steeds siert enige bescheidenheid.

Een lang en hobbelig parcours.

Het was natuurlijk niet niets om zelf een alternatieve bank te willen opstarten. Het begon reeds in 1982 met de opstart van Netwerk Zelfhulp Vlaanderen, dat er toen ook reeds van droomde een alternatieve bank op te starten.  Al vlug werd dit ambitieus pad verlaten en werd een alliantie met ASLK opgezet en kwam Krekelsparen (spaarrekening) en later AlterVision (ethisch beleggingsfonds) in de markt. Door de schaalvergroting in de bankwereld verdween ASLK in Fortis en na de financiële crisis werd de Fortis groep opgedeeld en kwam het bancaire gedeelte bij BNP Paribas terecht. De relatie tussen Netwerkzelfhulp Vlaanderen dat ondertussen verveld was tot FairFin en haar bank bekoelde. En de bankgroep zette het Krekelsparen stop en liet het AlterVision fonds opgaan in een ander fonds.

Door de financiële crisis was de aandrang om de oude droom van midden jaren ’80 nieuw leven in te blazen aangewakkerd. Al in 2011 werden daar de eerste gesprekken hierrond aangevat. Dat leidde uiteindelijk tot de creatie van coöperatie NewB.

Maar ondanks de geslaagde fondsenwerving, moeten er nog klippen genomen worden vooraleer de erkenning een feit is.

Een potentiële horzel voor  de banksector

Dat de bankwereld zich niet steeds veel gelegen laat aan haar maatschappelijke functie is een feit. De ontsporingen die aanleiding gaven tot de financiële crisis van 2007-2009 toonden dit erg goed aan. Maar ook op kleiner vlak is het perfect mogelijk om tal van vingerwijzingen te geven waar het fout gaat (interne loonspanningen, service-afbouw, financiering van wapenhandel, fossiele brandstoffenindustrie, …). Druk door activisten is gemakkelijker te weerstaan (alhoewel niet op de lange duur) dan klanten te verliezen door een instelling die uitdraagt en bewijst dat het anders kan.

En een sector die in het visier loopt, heeft vaak de neiging om –althans voor de buitenwereld– zelfregulerend op te treden. We zagen het onlangs nog met het Febelfin-label Towards Sustainability.

“Ons burgerinitiatief doet een wervelwind van duurzaamheid en ethiek waaien in het Belgische bankenlandschap.” luidt het bij NewB. Maar alles moet in feite nog beginnen.

Een principiële bank met krachtig uitgeschreven waarden en normen én gedragen door een kritisch middenveld zou hier als een kanarie in een koolmijn kunnen (moeten) functioneren. En regelmatig een welgemeende ‘Cut the Crab‘ laten weerklinken. Tenminste als men er zou in slagen op koers te blijven en niet vermalen wordt onder de druk van collega-bankiers en regelgeving.

De val van zelfgenoegzaamheid.

Hard roepen tegen de gevestigde orde zal -in een democratie- steeds kunnen rekenen op de goedkeuring van een gedeelte van de bevolking. Dit is 1 van de redenen waarom populisme (van rechts en links) momenteel zo’n opgeld maakt. Maar vaak kan je het hardst roepen met slogans: zinsneden die goed klinken, maar daarom nog geen voldragen analyse inhouden. De politieke – en financiële realiteit is niet steeds geholpen met zwart-witte polarisatie. De “goeien” tegen de “slechten” is iets voor westerns of kinderfeuilletons. De werkelijkheid is genuanceerder.

In een wereld waar veel financieel analfabetisme heerst bestaat de kans dat NewB zich het aureool van onfeilbaar gaat aanmeten. Gelijktijdig rechter (bv. via haar ledenorganisaties) en partij (als verkoopskanaal) zijn, is een gevaarlijke positie. Al te gemakkelijk lopen goedbedoelende, maar niet van volledige informatie voorziene mensen achter andermans vlag. De stelligheid waarbij NewB zich in de opstartfase profileert tegen de gevestigde bankorde, zorgt er voor dat ze niet veel fouten zal mogen maken. Of er komt een tegenreactie. Misschien niet dadelijk van de klanten, die haar vertrouwen geven, maar van een breder middenveld en of van nu belaagde organisaties.

De NewB-waarden in de praktijk.

Persoonlijk mis ik bij de initiatiefnemers, diverse deelnemende organisaties en particulieren die NewB een warm hart toedragen de intellectuele twijfel. De preek die vanuit de kansel van NewB komt wordt m.i te autoritair over de hoofden verspreid én te gemakkelijk geslikt. De 13 waarden, die NewB als haar richtlijnen uitrolde, werden in de opstartfase m.i. al niet volledig nageleefd. Zo lijken de waarden “Eenvoud” (met beleggingsfondsen?), “Transparantie” (wijzigende opstellingen rond hypotheken en verzekeringen) en “Eerlijkheid” (in wervingscampagne oproepen dat er maar 30 dagen zijn voor de werving en 1 dag voor het verloop ervan aankondigen dat er 5 dagen extra voorzien wordt) precies toch redelijk flexibel.

Het kan allemaal wel zijn dat dit strategische wijzigingen zijn opgelegd door de omstandigheden. Dat het middelen zijn om het doel te bereiken. Maar deze vorm van Machiavellisme neigt toch naar praktijken van klassieke bankiers. Zich aanpassen én overgaan tot de orde van de dag: Business as usual.

—————————————————————————————-

noot:

(*) niets tegen Bart Kaëll natuurlijk. Voor wie zich geschoffeerd voelt, vul gerust een andere naam in.

Categorieën
home

Allemaal duurzaam dankzij Febelfin?

Nu de eerste lading van duurzame financiële producten hun zegen kreeg van het Central Labelling Agency of the Belgian SRI label (CLA) van Febelfin, kunnen we een voorzichtige balans opmaken. Leidt die selectie de geïnteresseerde klant naar een echt duurzaam product? Of zit er nog teveel kaf tussen het koren en moet het label in eerste instantie gezien worden als een nieuw marketinginstrument van de financiële sector? Iets om een nog niet volop bespeelde flank alvast toch af te dekken?

Hét Belgische Duurzaamheidslabel.

logo van the Central Labelling Agency van Febelfin
Nederlands of Frans in het logo is wellicht niet hip of gewichtig genoeg

De toevoeging aan de naamgeving ‘the Belgian SRI label‘ wijst er op dat het initiatief gebruikt wordt om zich als enige valabele scherprechter in de markt te zetten. De exclusiviteit op te eisen met andere woorden. Nu nog in kleine quasi onleesbare letters op het logo. Maar straks ook gebruikt om kritische- of andere meningen te weren? We zullen moeten afwachten (en attent zijn).

Alvast de perstekst van Febelfin nav. de lancering laat weinig over aan de verbeelding “… Ander labels kunnen niet noodzakelijk op hetzelfde draagvlak rekenen als dit sectorbreed gedragen initiatief. De grote steun van Belgische aanbieders en beheerders dwingt (eigen cursivering) ook buitenlandse spelers actief op de Belgische markt om het label aan te vragen.’

Omdat er geen eenduidige definitie is van wat SRI (Socially Responsible Investing) is (wanneer het begint of wanneer het ophoudt), had een meer bescheiden ‘a Belgian SRI label” m.i. op zijn plaats geweest.

Scoren op kwantiteit.

Er werden erg veel fondsen goedgekeurd. 77,75 % van de aanvragers (311 op 400) werden tot het label toegelaten. Wie sneuvelde en waarom is voor buitenstaanders niet bekend. Mogelijk ontbraken alleen enkele details in het dossier en worden sommige kandidaten later toch nog toegelaten tot de club.

Dit grote aantal suggereert dat het wel goed zit met de mogelijkheid om een duurzaam financieel product te onderschrijven. Dat de sector deze verzuchting, deze trend voldoende oppakt. Tenzij je ervan uitgaat dat de lat gewoon te laag gelegd werd. Er zijn kwantitatieve redenen om dit te denken.

Zo zien we in de ons omringende landen, waar labels al langer bestaan, dat er heel wat minder fondsen toegelaten worden door de labelgever.

  • Frankrijk benadert met haar officieel ISR-label nog het meest de Belgische hoeveelheid. Daar zijn er momenteel 275 fondsen die het label mogen dragen.
  • Luxemburg (toch een Europees financieel centrum en erg belangrijk op de fondsenmarkt) erkent met het LUXFLAG-label slechts 84 fondsen als duurzaam. 8 fondsen staan er op een watchlist.
  • Duitsland heeft slechts 64 fondsen (20,58 % ivm. België) die het FNG-Siegel krijgen.

In een tweede ronde (februari 2020) komen er nog financiële producten bij. Het lijkt dus toch een beetje op een kermisattractie waarbij “iedereen prijs!” geroepen wordt.

Het glas halfvol of halfleeg?

Dat de huidige kwaliteitsnorm eerder pover is, wordt trouwens niet ontkend. Zo lezen we over die kwaliteitsnorm:

  • ‘ Met …als doel … de financiering uitsluiten van een beperkt aantal praktijken  (vet door auteur) die algemeen als onduurzaam worden beschouwd.’

    ’t Is maar hoe je het bekijkt
  •  ‘De focus ligt op transparantie en de aanlevering van relevante en nuttige informatie die potentiële klanten kunnen gebruiken om te bepalen of het beleid van een specifiek product overeenstemt met hun persoonlijke overtuigingen.’
  • ‘Het naleven van de beginselen van de norm moet eerder worden geïnterpreteerd als een teken dat een product op het juiste pad zit naar duurzaamheid“.
  • “Een label dat potentiële beleggers het vertrouwen moet geven en (hen) geruststellen dat de financiële producten ….niet worden blootgesteld aan zeer onduurzame praktijken, zonder dat de beleggers daarvoor zelf een gedetailleerde analyse moeten uitvoeren”.

De site zelf en haar logo legt hier niet voor niets de nadruk op. “Towards sustainability” klinkt het voorzichtig.

Het is toch een beetje alsof de katholieke kerk een lijst van potentiële heiligen zou bekendmaken. Mensen, die men mag aanbidden in de zekerheid dat ze alvast geen doodzonde begaan hebben. De praktijk leert dat “gelovigen” op zoek naar vertroosting hier genoeg aan hebben. Slechts enkelingen zullen hun biografie er op nalezen om zich ervan te vergewissen of ze het gebed waard zijn.

Dit lijkt het gevaar van dit label. Alle nodige elementen voor een gedetailleerde analyse moeten transparant zijn. En dat zijn ze ook.  Je moet echter zelf doorklikken en dan voldoende kritisch de identificatiefiches lezen. Het gros van de mensen doet dit -jammer genoeg- niet.

Maar drinken zullen we.

Uitgevers van fondsen zullen de labeling echter wel om promotionele redenen inzetten. We konden dit reeds zien bij KBC, die nog op de dag van de lancering van de Febelfinsite haar hoera-fanfare liet uitschallen: ... alle 65 duurzame beleggingsfondsen van KBC voldoen volledig aan de Febelfinstandaard (en gaan in aantal gevallen zelfs verder).

De onvermijdbaarheid van het label zorgt er ook voor dat bijv. Triodos, welke zich aanvankelijk erg kritisch (lees: negatief) uitliet over de afgesproken normering, toch ook getrouw haar producten liet labelen.

Bijschenken of toch niet?

Febelfin is zich bewust dat ze vertrekt van een lage standaard. Ze rekenen er op dat hun label een vertrekpunt en geen eindpunt is. Zal ze er in slagen de financiële spelers (en ook de beleggers) mee te trekken? De standaard zal alvast aangepast worden aan evoluties op EU-niveau, waar het actieplan duurzame financiering voor zover bekend veel scherpere grenzen lijkt te willen trekken. Maar het lobbywerk rond de taxonomie voor duurzame producten kan nog wat water aan die wijn toevoegen.

Elke 2 jaar worden de criteria herzien. Dit in een multi-stakeholdersconsultatie (ja, dat woord gebruiken ze echt) via het adviescomité van het Central Labelling Agency van Febelfin. Dit adviescomité moet echter nog opgericht worden. Volgens het organogram op de site zal dit voorgezeten worden door een non-financial en bestaan uit actoren uit de financiële sector en betrokkenen uit de burgermaatschappij. Wie die zijn én wie welk gewicht zal hebben? Wait and see.

De ervaring leert dat het erg moeilijk is om eens betrokkenen tot een club behoren hen er terug uit te gooien. Vroeger luidde het gezegde “je moet al je moeder vermoord hebben vooraleer je ontslagen wordt bij politie/leger/…”. En –even politiek incorrect– we weten dat het niet evident is om de Belgische nationaliteit van iemand, eens deze ze verworven heeft, ze terug af te nemen.

We zullen zien of het hier anders zal lopen. Zullen erkende fondsen bij controle of bij stijgende normen consequent hun label verliezen?

Rechter en partij tegelijkertijd.

rechter en partij - Central Labelling Agency van Febelfin
wie heeft de sleutel om te beslissen?

1 van de fundamentele bezwaren tegen het dit label is de opmerking dat de sector hier zichzelf controleert.  Je leest deze kritiek bijvoorbeeld bij Réseau Financité .

In de geschiktheidscommissie is er een overwicht van onafhankelijken (6 tegen 4). De Raad van Bestuur van het Central Labelling Agency van Febelfin bestaat uit 8 leden. 4 ervan komen uit de financiële sector. 4 zijn onafhankelijk (1 ervan heeft een carrière achter de rug bij Triodos en was actief rond duurzaam beleggen). Niet iedere onafhankelijke lijkt echter de financiële sector goed te kennen. Zullen zij genoeg weerwerk kunnen bieden aan vertegenwoordigers van de sector?

Er komt nog een raadgevende commissie om de Raad van Bestuur te adviseren. De opstart en de samenstelling hiervan is uitgesteld tot midden 2020.

Onafhankelijk van het CLA is er een verificateur. Deze moet een ‘technische en diepgaande controle uitvoeren op de producten waarvoor een label is aangevraagd’. Deze verificateur bestaat uit Forum Ethibel, ICHEC, Managementschool Brussel en Universiteit Antwerpen. De onafhankelijkheid van die instantie is relatief, gezien zij zich aan de neergeschreven zwakke normeringsregels moet houden. Met andere woorden het speelveld is afgebakend.

Zelf schrijft Febelfin dat de governance-structuur bijzonder robuust is. We durven daar aan twijfelen. Het is niet meer zo dat buitenstaanders volledig uitgesloten zijn (cfr. corporatistische praktijken zoals -althans vroeger, in de huidige werking heb ik mij niet verdiept– bij de Orde van de Artsen of Orde van Advocaten), maar of ze opgewassen zijn tegen de gestroomlijnde falanx uit de financiële sector valt af te wachten.

Eigen fonds eerst?

Hoewel er enkele buitenlandse fondsen in de eerste lijst van gelabelden opgenomen zijn, is de lijst toch vooral een Belgische aangelegenheid. Natuurlijk het is een Belgisch label, maar anderzijds er is binnen Europa vrij verkeer van geld en goederen. Dat uit zich ook in vrije financiële dienstverlening. Erg veel fondsbeheerders hebben dan ook toegang tot de Belgische markt. Wellicht zijn die in eerste instantie minder actief betrokken geweest bij de opstart van dit label. België is vaak maar 1 van de landen waar ze in actief zijn. Niet het meest belangrijke.

Het valt te verwachten dat sommige buitenlands fondsen pas nu -na de lancering- in actie gaan komen. Sommigen zullen wegens hun geringe capaciteit op onze markt wellicht nooit het label aanvragen. En dat is jammer.  Zo komt kwalitatief aanbod van bijv. Pictetom er maar 1 te noemen– totaal niet voor op de huidige lijst. In die zin kan het label ook als een muur fungeren. Een filter om de eigen markt wat extra te beschermen. Een functie die de labels uit de ons omringende landen ook niet vreemd is, trouwens.

De kwaliteitslat ligt laag…

Een gouden raad voor wie het niet zo nauw steekt

Laag is beter dan niets. Maar kan op termijn meer kwaad doen dan goed. Light Cola is minder ongezond dan gewone Cola. Als je door overschakelen vergeet dat je je drankgewoontes in feite beter verder kan bijsturen, heeft je keuze op termijn mogelijk toch verregaande gezondheidsgevolgen.

Zo is het ook met de huidige normering van het label. De fondsenkeuze, die nu overeind blijft laat erg veel ruimte voor grijze zones. En ja, ik weet het: de consument wordt steeds verzocht om de informatiefiche tot zich te nemen vooraleer hij zijn keuze maakt. En zelf af te wegen of het product overeenkomt met zijn behoeftes, principes. Toch is het geweten dat hij dit zelden doet (eigen schuld?), maar vooral dat hij het wellicht zelf met moeite kan doen als hij het al zou willen. Niet voor niets wordt vastgesteld dat er nog van alles schort aan de financiële geletterdheid van de Belg.

… bewijst een voorbeeld rond de SG en 1 rond de E van ESG.

In het artikel Quand les banquiers s’autogratulent van Réseau Financité lees je bijvoorbeeld dat het gelabelde fonds Candriam SRI Bond Euro investeert in landen en bedrijven, die het niet zo nauw nemen met deugdelijk bestuur of mensenrechten.

Ik geef 1 een ander voorbeeld: AG Life Strategy Global Defensive (bestaat ook in – Neutral en – Dynamic uitvoering).

In dit fonds kan een bedrijf toch kan opgenomen worden als het maximum 10 % van zijn omzet uit steenkool haalt. Idem dito voor onconventionele olie-of gaswinning (denk schaliegas, fracking,…). Wat conventionele olie-of gaswinning betreft is de norm dat er kan geïnvesteerd worden zo minstens 40 % van de inkomsten in het bedrijf komt van gewone gaswinning en/of hernieuwbare energie. Maak dit eens concreet. Dan kan dit fonds investeren in een bedrijf dat 59,9 % omzet haalt uit olieproductie & 40,1 % uit gaswinning. Extreem voorgesteld natuurlijk, maar dit is toch niet wat je verwacht van een duurzaam beleggingsfonds of Tak 23-verzekering? Je verwacht die eerder in de beleggingsportefeuille van Donald Trump of anderen die het klimaatakkoord van Parijs maar niets vinden. Net zoals het vreemd is dat in de normbepaling gas en hernieuwbare energie op 1 hoop belanden. Het eerste is immers een eindige, niet hernieuwbare energiebron.

Duurzaam pensioensparen? Doen wij al!

Enfin zo lijkt het bijna. FairFin analyseerde de producten op de markt eind 2018. 3 producten haalden bij hen de eindmeet: KBC Pricos SRI, VDK Pension Fund en ING Starfund.

ING Starfund kreeg geen label. Vergeten aanvragen? Of geweigerd om ons onbekende reden? De andere 2 werden door het Central Labelling Agency van Febelfin wel onderscheiden.

Maar de marktleider op dit vlak  BNP Paribas Pension (3 formules Stability, Balanced & Growth) krijgt bij Febelfin nu ook het label. Net zoals de zusterfondsen Crelan Pensioen Fund en Metropolitan-Rentastro. Ze worden allen door BNP Paribas Asset Management beheerd. Op vlak van het gevolgde energiebeleid zijn de normen voor deze pensioenspaarformules dezelfde als die van het eerder vermelde AG Life Strategy Global Defensive. Op energievlak alvast niet erg duurzaam dus.

Conclusie1 : je promoot het koren niet door het kaf te behouden.

We mogen geen intentieproces maken, want we waren totaal niet betrokken bij de totstandkoming van het label. Uitgezonderd een kleine bijdrage aan hun bevraging. Een bijdrage waarop geen reactie kwam en het niet geweten is of er überhaupt iets mee gedaan werd. Zie ons blogbericht van 27/04/2018.

Het doel was toch het koren van het kaf te scheiden. Niet het samen te houden.

Toch is de eerste indruk dat het geleverde werk niet bepaald fris ruikt. Dat heeft veel te maken met de lage normen die vastgelegd werden. En natuurlijk kunnen (zullen?) die in de toekomst opgetrokken worden. Maar een groot aantal erkenningen later reduceren terwijl betrokkenen in de sector mee aan het stuur zitten is niet evident. Vraag dat maar aan wie een olievlak moest indammen of een teveel aan tandpasta terug in de tube probeerde te duwen.

Het lijkt er zelf een beetje op dat de kwaliteit verzopen wordt in een overvloed aan kwantiteit. Van te veel wijn drinken krijg je koppijn. Je kan beter 1 goede fles openen dan een volledig schap ontstoppen. Het label lijkt wat mij betreft eerder bij te dragen aan de verwarring rond duurzaam beleggen, dan dat het helpt om de mist er rond op te trekken.

Conclusie 2 : de georganiseerde financiële sector eigent zich een speelveld toe.

In een gisteren gepubliceerd blogbericht (met enkele opmerkingen over de totstandkoming van dit label) vroeg ik me onder meer af of Febelfin met zijn initiatief de definitie van het begrip “duurzaam beleggen” wilde claimen. Mij baserend op Febelfinteksten, was ik daar niet zo bang voor. De tekst onder het logo van hun CLA (ook weergegeven onderaan iedere webpagina) doet me nu terug twijfelen.

Mogelijk wordt hier toch met de voeten vooruit gesprongen. Iets wat altijd gevaar oplevert voor wie zich eveneens in de arena bevindt. Kleinere onafhankelijke spelers of activisten moeten op hun hoede zijn. Hun standpunten of visies dreigen onder de pletwals van een grote organisatie (nog) minder weerklank te krijgen. En hun geloofwaardigheid kan -eens de machine op volle kracht is- gemakkelijker in diskrediet gebracht worden. De toekomst zal uitwijzen of dit aanvoelen al dan niet te zwartgallig is.

—————————————————————————————————————————————-

disclaimer: dit is een persoonlijk standpunt. De vermelding van Réseau Financité en FairFin in bovenstaande tekst betekent niet dat zij automatisch met deze visie akkoord zijn. Net zoals auteur dezer niet steeds de standpunten van deze organisaties deelt.

 

 

 

 

 

Categorieën
home

Towards sustainability. Wordt het duurzaam beleggingslabel van Febelfin de norm?

Sinds 6/11/2019 heeft Febelfin haar website towardssustainability.be opengesteld. En al dadelijk blijken 311 fondsen het duurzaamheidslabel van Febelfin opgespeld te hebben. Het is te vroeg dag om die fondsen én het selectieproces eens tegen het licht te houden. Maar we staan alvast even stil bij de totstandkoming. In de aanloop naar het duurzaamheidslabel van Febelfin, vielen ons enkele dingen op.

De timing van het initiatief.

logo - duurzaamheidslabel van Febelfin
The Long and Windy Road staat op het Let It Be-album van The Beatles. Hopelijk is het Febelfin-logo minder fatalistisch bedoeld.

Febelfin presenteerde haar duurzaamheidslabel in het voorjaar van 2019. Het label ‘Towards Sustainability’ is als een soort vlucht vooruit te bekijken ten aanzien van Europese regelgeving die er aan komt. Het Actieplan “duurzame financiering” van de Europese Commissie was nog niet goed en wel bekendgemaakt of Febelfin organiseerde zich om een labeling rond te krijgen.

Die kwam tot stand na studiewerk (en lobbywerk) binnen de financiële sector in België. Er ging ook een korte “volksbevraging” aan vooraf. Kwam daar veel reactie op? En in welke mate hield men rekening met de suggesties of vragen die daaruit opborrelden? Dit is mij onbekend. Daarrond werd alvast niet gecommuniceerd. Op deze blog kon je daarover reeds lezen in onze bijdrage van 27/04/2018. Het leek er o.i. toen op dat de korte volksraadplegingperiode hun initiatief een schijn van openheid moest verlenen.

De financiële sector presenteerde haar (voorlopig) eindresultaat begin 2019.

Op hun website vindt je deze tekst die de ontwikkelde norm én het label toelicht. De foto rechts prijkt er in groot formaat bij. Er hangt ook een “groen” kader bij met volgend tekstfragment “ Dankzij de norm en het label van Febelfin kunnen consumenten er gerust op zijn dat ze niet beleggen in zeer ( in vet gezet door schrijver van deze blog) schadelijke bedrijfsactiviteiten.

Hm, handen wassen én groen. Dan denk je toch spontaan aan “greenwashing“, niet?

Hun eigen tekst blinkt wel uit in eerlijkheid. Zeer schadelijke activiteiten zijn uitgesloten. Bijgevolg kunnen ‘gewoon schadelijke activiteiten’ nog steeds door de beugel. Ja, toch?

De publieke reactie (versterkt door sommige betrokkenen) is kritisch …

Dit is ook de teneur van de commentaar die tot heden op de uitgewerkte norm en het label verschenen is.

  • In Bij Debecker op Radio 1, werd kort na publicatie aandacht besteed aan het “kwaliteitslabel”. Een radioprogramma blijft natuurlijk een vluchtig medium.
    • Economiejournalist Steven Rombaut die het label onderzocht stelde toch dat het hinkt op 2 benen. Door een te ruim aanbod te willen aanbieden, halen ook minder duurzame activiteiten nog de bereikte norm.
    • Ook kwam er kritiek van een woordvoerder van de Bond Beter Leefmilieu. “Het label van Febelfin zet de deur op een kier voor bedrijven die een groot deel van hun inkomsten uit olieboring en gaswinning halen. De normen zijn niet scherp genoeg.
  •  Triodos Bank zat met haar kritiek op dezelfde lijn. Volgens haar schoot het label tekort. Een duurzaam fonds volgens de normen van Febelfin zou zelfs in steenkool mogen beleggen.  Je kan hun standpunt onder meer lezen in dit MO*-artikel.
  • In het MO*-artikel komt ook Fairfin aan het woord. In een apart artikel op hun eigen site geven zij diverse concrete voorbeelden van bedrijven die zondigen tegen ESG-principes, maar toch niet gewipt zouden worden door de normen van Febelfin. Bedrijven die toch kunnen opduiken in “duurzame beleggingen” waar het Febelfinlabel op kleeft. Fairfin wijst er op dat er duidelijk lobbywerk gevoerd werd om de lat niet al te hoog te leggen. Tevens vraagt zij zich af of het wel toebehoort aan de financiële sector om zelf te gaan bepalen wat al dan niet duurzaam is én hoe ambitieus men hierin moet zijn. Tegelijk rechter en partij in een geding zijn, biedt kansen om het gelijk in het eigen kamp te leggen. Die opmerking formuleerden wij ook al op 27/04/2018.

Maar de sector kent ook instellingen die voor haar in de bres springen.

Triodos werd daarna van nestbevuiling beticht door andere Febelfinleden, gezien ze zelf betrokken was bij de discussies rond het label. Het lijkt een discussie rond concepten: is iets nu halfvol of juist halfleeg? Er zijn ook bankiers die zich positiever uitlaten over het label. Ze wijzen er op dat het slechts een beginnorm is. Deze kan later nog verscherpt worden. En voor ambitieuze bankiers is het niet verboden om zelf de lat hoger te leggen.

The proof of the pudding zal dus in the eating moeten zitten? Wat wordt het concreet? We kunnen het vanaf gisteren weten, want sinds dit moment is de website towardssustainability.be opengesteld.

Rijmt transparantie op verdedigen van eigenbelang?

In het geciteerde artikel is ook vermeld dat de technische uitwerking van de kwaliteitsnorm “voorlopig” enkel in het Engels beschikbaar is.  Het is een 40 pagina tellende nota getiteld “A Quality Standard for Sustainable and Socially Responsible Financial Products“. En ook 8 maand na lancering nog niet beschikbaar in 1 van 3 officiële Belgische landstalen. Het lijkt er dus op dat alvast transparantie niet echt een drijfveer is.

Jammer voor een organisatie die het op zijn website onder meer als zijn taak ziet om te

  • communiceren met de leden en het grote publiek en
  • deelnemen aan debatten op professioneel, politiek, maatschappelijk en educatief vlak‘.

Het cursief werd aangebracht door schrijver van deze blog.

De nieuwe website towardssustainability.be is gelukkig van bij aanvang wel in Nederlands en Frans beschikbaar. Maar ja, die moet natuurlijk ook als marketingkanaal voor de gelauwerde producten kunnen ingezet worden.

Is de Febelfin-norm nu de gebetonneerde wet?

Wil Febelfin met zijn initiatief de definitie van het begrip  “duurzaam beleggen” claimen? Dit volgens het principe “wie het woord heeft, heeft de macht“. Op de consumentenpagina’s van haar site liet ze alvast een tekst plaatsen die dit aan Antonio Gramsci ontleend inzicht ontkent.

In het artikel 4 misverstanden over duurzaam beleggen vinden we volgende vermelding:

Misverstand #4: Voor duurzame beleggings- en spaarproducten kan je enkel terecht bij speciale banken.
Voor duurzame spaar- en beleggingsproducten kan je terecht bij veel verschillende financiële spelers waaronder banken, verzekeringsmakelaars of -agenten, vermogensbeheerders en pensioenfondsen.

  • hoewel dit wellicht voor eigen gebruik geschreven is,
    •  (lees tussen de lijnen:) Ja, je kan ook bij grootbanken als BNP Paribas Fortis, Belfius, KBC,… terecht als je duurzaam belangrijk vindt. Je hoeft hiervoor echt niet naar Triodos te trekken of te wachten tot NewB effectief erkend is
  • bevestigen ze toch expliciet, dat er meer vis in de vijver zwemt
    •  Vermogensbeheerders, pensioenfondsen en verzekeringsmakelaars of – agenten worden als kanaal vermeld.

Vergeten?

Als verzekeringsmakelaar is er dus ook ruimte voor onze benadering.

Vreemd is m.i. dan weer wel dat er daarbij geen sprake is van verzekeringsmaatschappijen. Wat met direct writers én verzekeraars zonder erkende tussenpersonen (genre Ethias, bijv.), indien later blijkt dat Febelfin alsnog een claim legt op de speelruimte. Zij zullen moeten rekenen op het tussenvoegsel ‘waaronder’ om hun rechten te vrijwaren.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Categorieën
home

Pensioenfondsen in VK moeten voortaan met ESG rekening houden.

Het Verenigd Koninkrijk komt de laatste paar jaar in beeld als een land op drift. De politieke leiders zijn er niet slagkrachtig (of slaan alle richtingen uit). De bevolking is het alleen eens over het feit dat ze verdeeld zijn. Zichzelf in de voet schieten lijkt een wezenskenmerk van de Britten te zijn. Althans gezien vanuit onze positie aan de overkant van het Kanaal.

Er is meer dan de karikatuur.

Scrabble pensioenfonds - Pensioenfondsen in VK moeten voortaan met ESG rekening houden.
ESG : 3 x woordwaarde
Environmental
Social
Governance

Toch gebeuren er ook nog zinvolle dingen. Deze komen bij ons amper in de pers. Zo is de wetgeving rond financiële producten er recent aangepast. Als onderdeel van het streven van de overheid om klimaatverandering aan te pakken, zijn pensioenfondsen met ingang van 01/10/2019 er verplicht om een ESG-beleid te hebben. Zodra er meer dan 100 leden in een pensioenfonds toegetreden zijn, ben je onderhevig aan die verplichting. De ESG-benadering moet voortaan -naast de financiële overwegingen- ook uiteengezet worden in hun SIP (Statement of Investment Principles). Kort door de bocht: rentmeesterschap duikt voortaan ook op in elke prospectus van een (niet-ultraklein) pensioenfonds.

Pensioenfondsen zijn grote financiële hefbomen.

Ppensioenfondsen beheren gedurende lange jaren grote kapitalen van hun leden. Deze worden er vanaf nu in een richting gestuurd waarin niet alleen financieel rendement belangrijk is. Voortaan wordt ook rekenschap gevraagd mbt. het effect van die geldstromen op vlak van sociaal -, milieu- of bestuurlijk beleid. ESG is niet langer een optioneel extra (aankruisvakje op een onderschrijvingsformulier) voor vermogensbeheerders. Het maakt voortaan integraal deel uit van de fiduciaire verplichtingen van aanbieders van pensioenfondsen. Zo zullen beheerders ook moeten laten zien hoe zij de risico’s van bijv. klimaatverandering aanpakken. Evolueren hun beleggingsengagementen en hun stemgedrag bijv. naar koolstofarme bedrijven of weg van de fossiele grootmachten? Hier niet aan beantwoorden kan voortaan hun juridische aansprakelijkheid in het gedrang brengen.

fossielvrij pensioenfonds - Pensioenfondsen in VK moeten voortaan met ESG rekening houden.
Er waren al voortrekker. Nu wordt het er algemeen gangbaar.

De miljarden ponden , die in dergelijke stelsels rondhangen zullen eindelijk doen wat volgens een recent eigen onderzoek van de Britse regering verwacht wordt door 68 % van de Britse spaarders. Met name dat hun beleggingen ook rekening houden met de impact op mensen en milieu. Dit zal wellicht een groter effect hebben op de aanpak van de klimaatverandering dan bijna elke ander beslissing die de overheid kan nemen.

Binnenkort ook aan deze kant van de plas.

Het is de verwachting dat Europa hierrond  in de komende jaren zelf ook verdere stappen zet. Maar voor 1 keer is het leave-kamp een positieve trendsetter.  In België probeert FairFin bijv. de pensioensector in diezelfde richting te bewegen. Althans via het opzetten van een duurzaam pensioenspaarfonds voor leden van de (para-)medische wereld.

Natuurlijk moet in de praktijk nog blijken of de verplichting in de UK effectief wel leidt tot de te verwachten resultaten: ESG-risico’s goed inschatten én de weg naar een zero-carboneconomie helpen plaveien.

Noodzakelijk, maar niet voldoende.

Zo ziet UNPRI 4 nog te nemen obstakels:

  1. consolidatie in de pensioensector. Het VK is 1 van de meest gefragmenteerde pensioenmarkten ter wereld. Naast (relatief) hogere exploitatiekosten in een klein fonds, is het bestuur er vaak van mindere kwaliteit of minder goed uitgerust om specifieke scenario’s te kunnen analyseren. Een kwestie van “size matters”.
  2.  verbetering van de duurzame beleggingskennis bij fondsbeheerders. De meeste pensioenspaarders zijn nog 25 jaar of langer verwijderd van hun pensioen. Dit is de periode waarin de Britse regering tot een zero CO2-uitstoot wil komen. Deze economische transformatie zal ook gevolgen hebben voor het financieel rendement van beleggingen. Maar veel vermogensbeheerders hebben hun investeringsaanpak nog niet aangepast hebben aan klimaatverandering. Zo wordt er nog erg veel geld belegd in wat ooit (binnenkort?) stranded assets zijn. feit. De basisopleiding van fondsbeheerders besteedt daar nog geen aandacht aan. Ook bestuurders van dergelijke fondsen kunnen hier wel nog wat bijsturing gebruiken.
  3. pensioenfondsen moeten meer luisteren naar de bekommernissen van haar leden. Wereldwijd stijgt de aandacht voor het realiseren van de SDG’s. Veel leden willen dat hun spaargeld de wereld ‘ten goede’ komt. Maar men hoeft niet zelf het warm water uit te vinden. In binnen- en buitenland zijn al ‘best practices’  te vinden. Nu komt het er op aan van elkaar te willen leren.
  4. pensioenfondsen moeten betere service bieden. Pensioenfondsen zijn een enorme bron van inkomsten voor de financiële sector. Vaak werden ESG-factoren buiten beschouwing gelaten bij de keuze van de dataleveranciers of andere diensten waarmee men samenwerkte. ESG-screening werd soms gezien als een extra te betalen kost in plaats van als onderdeel van het totale plaatje. Ook werd vastgesteld dat weinig grote vermogensbeheerders een specifiek stembeleid hadden over bijv. klimaatverandering. Pensioenfondsen zullen zich pro-actiever moeten opstellen. Zowel ten opzichte van hun zakenpartners als in de reële economie. Transitie vereist nu eenmaal dat belangrijke actoren zich ook luid en duidelijk uitspreken.

Effecten opvolgen.

Regelgeving wijzigen is natuurlijk 1 iets. Evalueren of dit uiteindelijk ook opbrengt wat men ervan verwachte is de volgende stap. ShareAction, de Britse activistische promotor van verantwoord beleggen, heeft zich alvast voorgenomen om naar het einde van het jaar de 16 belangrijkste Britse pensioenfondsen te screenen. Met de  de huidige hervorming is de regelgeving mbt. beleggingen gewijzigd. Hoe integreert men dit  in hun beleid en hoe wordt een ambitieus ESG- en rentmeesterschapsbeleid gecommuniceerd naar de leden wordt dan de vraag.

 

Categorieën
home

Infoavond 10/10 BIB Harelbeke

Blokkeer je agenda. Zo kan je op 10/10 om 19u30 aanwezig zijn bij de infoavond “Méér dan geld! geld als hefboom voor een duurzamere wereld” (*) in de BIB te Harelbeke.

Welzijnharelbeke, de minder stigmatiserende naam voor de OCMW-diensten van die westvlaamse stad, wil met zijn activiteit aandacht besteden aan financiële vorming. Meer bepaald aan “duurzaam beleggen”. Omdat we met ons geld ook de transitie naar een rechtvaardiger wereld kunnen ondersteunen.

Ethisch Beleggen zal er als gastspreker aanwezig zijn. Altijd al willen weten hoe & waarom we welke fondsen verkiezen? Of wat onze werkwijze nu juist is? Waag je kans!

We worden geflankeerd door:

Samen behandelen we verschillende invalshoeken rond het maken van financiële keuzes. Mogelijkheden waar je misschien zelf nog nooit bij stilstond.

Het is een kosteloos evenement, waar je toch waardevolle inzichten opdoet. En geldige argumenten vindt om je financiële handel en wandel voortaan anders aan te pakken.

Het volstaat je nu even aan te melden bij bren.derycke@welzijnharelbeke.be. En op de avond zelf met een frisse kop én een open geest aanwezig te zijn.

————————

(*) De infoavond is een activiteit in het kader van de Week van de Fair Trade (van woensdag 2/10 tot zaterdag 12/10).
Eerlijke handel heeft als doel om alle producenten en arbeiders toegang te geven tot een leefbaar inkomen. Dit eist ook inzet van de consument.

  • Is hij (m/v/x) bereid af te zien van persoonlijk gewin (lage prijs in de winkel) om de koek beter te verdelen?
  • Of blijft hij een miniatuur-kapitalistje tuk op eigen winstmaximalisatie? Waardoor hij met zijn egoïstische keuze de prijsdruk hogerop in de productieketen blijft ondersteunen.
Categorieën
home

Je financiële middelen verhuizen: de efficiëntste weg naar een kleinere ecologische voetafdruk.

In alle kranten zijn de voorbije weken lijstjes verschenen, wat je – naast betogen voor een beleid waarbij klimaatmaatregelen serieus genomen én daarna ook echt gerealiseerd worden – kon doen om je CO2-uitstoot te reduceren. In november van 2018 kwam Nordea, de grootste financiële groep uit Noord Europa, met de verrassende boodschap dat je vooral aandacht moet besteden aan je eigen financieel gedrag. Door uw geld van gewone rekeningen en fondsen naar duurzame alternatieven te verhuizen, verklein je (bij een gemiddelde levensloop) tot 27 x efficiënter je ecologische voetafdruk dan met een geheel van andere (ook zinvolle) gedragsveranderingen.

Hoe werd dit berekend? De premissen waarvan uitgegaan werd om tot dit resultaat te komen vindt u hier.

Spectaculaire cijfers. Maar blijven ze ook overeind als je dieper graaft? 

We mogen niet vergeten dat deze boodschap gebracht wordt door een instantie die hier ook garen bij spint. Het klinkt daarom een beetje als de oude reclame: “Wij van WC-Eend adviseren WC-Eend”.

Nordea stelt m.i. terecht dat het jammer is dat de financiële middelen die iemand heeft én de aanwending ervan ten onrechte niet meegeteld wordt bij de berekening van diens persoonlijke ecologische voetafdruk.  Hiermee wordt je geld als een neutrale factor ingeschat. En dat is het zeker niet.

Ons huidig economisch model zet nog steeds subsidies, investeringen en leningen in om activiteiten te stimuleren die destructief zijn op milieuvlak. Het gaat daarbij verkeerdelijk uit van onbeperkte bronnen en geeft geen aandacht aan de klimaatverandering. Dit moet radicaal veranderen. De financiële middelen moeten eerder ingezet worden ten gunste van bedrijven die inzetten op een transitie naar een lage CO2-uitstoot, naar een duurzame economie. Als alle mensen dit zouden begrijpen, dit in rekenschap zouden brengen en dan hun geld in beweging brengen, zou al dit kapitaal in de juiste richting kunnen vloeien.

Categorieën
home

De hebzucht en de schaarste voorbij.

 

Terwijl onze politiek wereld gedomineerd werd door de tranen van een afscheidnemende CD&V-minister Joke Schauvlieghe, wier arm omgewrongen werd om in naam van de partijbelangen én met het oog op de komende verkiezingen het klimaatthema niet in het gezicht te laten ontploffen, konden we in de krant in een achterafhoekje vernemen dat Bernard Lietaer overleden was.

Another inconvenient truth

De geboren West-Vlaming was de laatste tijd een beetje uit de financiële actualiteit verdwenen. Of had zich zelf er wat uit teruggetrokken. Dit laatste is alvast de indruk die je krijgt als je naar diens website surft. Niet onlogisch voor wie het tegen een kanker dient op te nemen.

Hij kende de geldmarkt van binnenuit.

Hij was meer dan 40 jaar actief  in de financiële wereld. Zo werkte hij een tijdje bij de Nationale Bank van België, waar hij verantwoordelijk was voor de invoering van de ECU, een rekeneenheid gebaseerd op een korf munten uit de diverse Europese lidstaten. De ECU kan gezien worden als de voorloper van de euro.

Wie in het centrum van de financiële markt of haar regulators zit, heeft vaak de neiging om automatisch naar het midden op te schuiven (zeer voorzichtig te zijn om geen forse bewegingen te provoceren) of om de taal van de macht te gaan spreken (er automatisch van uitgaan dat de “macht en invloed” hebben gelijk staat met “gelijk” hebben). De functie maakt de man, weet je wel.

Maar dit was niet zo bij Lietaer. Door zijn verblijf in de cenakels van de