Het deksel opgetild: duurzaam beleggen bij 40 Europese vermogensbeheerders geëvalueerd.

 

Via een bevriende financiële voorlichter werd ik attent gemaakt op een studie uit maart 2017. In deze studie onderzoekt de Engelse drukkingsgroep ShareAction (*) hoe duurzaam de grootste vermogensbeheerders  nu echt zijn.

De 40 onderzochte vermogensbeheerders hadden in 2017 in totaal €  21 biljoen  onder hun beheer . Ze maken daarmee 1/3 van het kapitaal uit dat door de 400 grootste vermogensbeheerders wereldwijd beheerd wordt.  De selectie zorgde er voor dat kleinere vermogensbeheerders (denk bvb. aan Triodos) niet gequoteerd werden.

Voor hun studie hield ShareAction hun websites onder een vergrootglas & legde ze hen een uitgebreide vragenlijst voor.

Een beweging, maar dan zonder .net

Nu is een evaluatie sowieso een subjectief iets. Zelf al probeer je zo objectief  mogelijk te zijn. De vragen die je stelt (of juist niet stelt), de elementen die je onderzoekt (of juist niet onderzoekt) beïnvloeden het resultaat. Een student met de meeste punten op een examen is nu eenmaal hij (m/v) die het best scoorde op de specifiek gestelde vragen. Dat hij ook effectief de slimste is, is een veelgemaakte, maar verkeerde veralgemening.

Overwegende dit voorbehoud, kan je de resultaten van deze studie niet zomaar naast je neerleggen. Tenzij je alles kapot wil relativeren. We hebben
het hier immers over vermogensbeheerders die beweren actieve participanten in het economisch netwerk te zijn en daar ook de nodige kosten voor aanrekenen. Als ze hun taak én engagement niet waarmaken, dan blijven er steeds minder redenen over om niet om te schakelen naar passieve (en veel goedkopere) beleggingsvehikels als ETF‘s.

Je kan de studie nog het best samen vatten onder haar titel Lifting The Lid (letterlijke vertaling: het deksel optillen – vrije vertaling: luister niet naar mijn woorden, maar kijk naar mijn daden).

De installatie regelmatig controleren voorkomt dat het putje begint te stinken.

Van de 40 aangeschreven firma’s zijn er 9 die hun vragenlijst -ondanks reminders- niet teruggestuurd hebben. Ze kregen daarom een 0/50. Waardoor ze op een puntenschaal van maximaal 90 uiteraard onderaan de lijst bengelen. Dit verklaart gedeeltelijk de lage score van de voor België niet onbelangrijke KBC-groep  (**)(KBC Asset Management) – 14 punten- en Deutsche Bank (Deutsche Asset Management) -15 punten-. We schrijven “gedeeltelijk” omdat ze op het ander deel van het onderzoek (de analyse van hun gepubliceerde gegevens, goed voor 40 punten) ook ondermaats scoorden.

Omdat de best presterende vermogensbeheerders niet in ons land gesitueerd zijn, zullen we niet nader ingaan op de concrete ranglijst.

Sowieso is er door de studie vastgesteld dat er gemiddeld nog veel ruimte is vooraleer men met recht en reden de pluim van duurzaam belegger op zijn hoed kan steken. Zo zijn onder meer verbeterpunten:

  • de meting van de impact van de investeringen (vb. dragen ze wel bij aan het bereiken van de Sustainable Development Goals (SDG) en hoe dan wel?)
  • een duidelijk belangenconflictenbeleid, niet alleen tussen vermogensbeheerder en diens klant, maar ook tussen de vermogensbeheerder als instelling en de afdeling die met duurzaam beleggen belast is
  • communicatie rond alle ESG-aspecten van de investeringen naar klanten toe:
    een sociaal beleid voor de werknemers implementeren is ook ESG

    wat zijn hun opvattingen rond bestuurlijke (vb. vergoeding CEO, belastingsbeleid, …) -, sociale (vb. genderbeleid, loonbeleid, stakings- /vakbondsrecht, …) – of ecologische kwesties

  • openheid rond het stemmingsbeleid op algemene vergaderingen van bedrijven
  • openheid over alle bedrijven waarin ze investeren (niet alleen de top 5 of top 10) beschikbaar stellen
  • openheid over de gesprekken met bedrijven waarin ze investeren (aandachtspunten, afspraken en engagementen, bijvoorbeeld over hun ecologische voetafdruk: energieverbruik, watergebruik, CO2-uitstoot, afvalbeleid,… en wat te doen als deze niet nagekomen worden)
  • openheid over hun interne kostenstructuur: vergoedingen en aangerekende kosten
  • openheid over hoe duurzaam beleggen echt serieus genomen wordt in de gehele instelling (is het meer dan een marketingdingetje van een kleine afdeling?  wordt dit geïmplementeerd (is er aandacht voor bij alle analisten, portfoliobeheerders, directie en leden van Raad van Bestuur van het bedrijf )?)
  • ….

De studie doet -voorleer ze het rapport van iedere individuele instelling weergeeft- enkele algemene aanbevelingen voor vermogensbeheerders (geselecteerd uit de reeds aangestipte verbeterpunten hierboven) .

Ze doet  tevens aanbevelingen voor regelgevers en politici. Hier valt nog maar eens op hoe we met de nakende Brexit in de eigen voet schieten:

  • 4 van de 7 opgesomde aanbevelingen van de Britse organisatie  worden aan de Europese Commissie gericht terwijl
  • 12 van de 40 geëvalueerde beheerders zetelen in het Verenigd Koninkrijk of er hun Europees hoofdkwartier hebben.

Dergelijke evaluaties houden hopelijk vermogensbeheerders alert om verdere stappen te ondernemen in verdieping én verfijning van hun werking rond duurzaam beleggen.  Dit laatste is een werk dat nooit af zal zijn. In een maatschappij die evolueert, zijn er nu eenmaal geen standaarden die eeuwig overleven.

Dit alles lijkt misschien ver van mijn bed voor een particuliere belegger. De wetenschap dat ook organisaties die grote kapitalen beheren (als pensioenfondsen, ….) zich niet in slaap laten sussen, inzetten op duurzaam beleggen en toekijken hoe beheerders hun doel waarmaken, kan hem (m/v) er misschien toe aanzetten om ook voor opbouw en beheer van zijn eigen vermogen te gaan voor duurzaam.

————–

(*) De doelstelling van ShareAction is omschreven als zich inzetten om institutionele beleggers aan te moedigen om zich als actieve eigenaars en verantwoordelijke verschaffers van financieel kapitaal aan investeringsfirma’s te gedragen. Omdat insitutionele beleggers veel gewicht in de schaal leggen bij vermogensbeheerders (de kapitalen die zij inbrengen zijn een veelvoud van wat particulieren beleggen) mag hun hefboomfunctie op de marsrichting van vermogensbeheerders & de politiek (regelgever) niet onderschat worden.

(**): Volgens studie van Financité is KBC de 3e belangrijkste duurzame fondsenaanbieder in België in 2017. Dit met een marktaandeel van 22 %. Alleen BNP Paribas  (29 %) en Candriam (25 %) gaan hen vooraf. In de evaluatie van ShareAction behoort BNP Paribas met 58 punten tot de middenmoot (20e op 40), terwijl Candriam met een puntentotaal van 73 de 8e plaats inneemt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.