Categorieën
home

Gebuisd of gedelibereerd: onze modelportefeuilles 2020 na een half jaar?

zijn onze modelportefeuilles 2020 gebuisd of niet?
Het mondmasker, symbool van een adembenemende beleggingservaring in het eerste semester van 2020.

Dat het beursjaar 2020 weinig kans maakte om net zo een grand cru als dit van 2019 te worden, was bijna een zekerheid. Maar niemand had op de zwarte zwaan, genaamd Corona, gerekend. Deze dempte de euforie die de maand januari nog kleurde.   Het hoeft dan ook niet te verbazen dat de fondsen die opgenomen zijn in onze modelportefeuilles niet positief scoren. Zijn onze modelportefeuilles 2020 gebuisd of niet?

Een virus dat een ganse maatschappij in haar greep kreeg en het maatschappelijke- en economische leven lamlegde: niemand had daar op gerekend.

Pandemie: onwaarschijnlijk, maar met grote gevolgen.

Enfin, niet dat de mogelijkheid van een dergelijke uitbraak onbekend was. Op de bijeenkomst van het Wereld Economisch Forum in 2018 stond een pandemie niet opgelijst bij de 10 meest waarschijnlijke -, maar toch bij de 10 grootste gevolgen hebbende risico’s. Dat er bij het uitbreken van Corona geen kant-en-klare handleiding was, is niet zo vreemd. Zolang je de kenmerken van het virus niet kent, kan je niet curatief optreden.

WEF 2018: de 10 belangrijkste risico’s volgens kans op zich voordoen versus impact die zij veroorzaken.

Het stemt echter wel tot nadenken dat er blijkbaar geen basisplan is voor dergelijke situaties. Nu heeft ieder land zowat op eigen houtje de crisis bestreden. Vaak door te kijken wat er in andere landen gebeurde. Dus steeds vertraging bij de uitwerking. En een wirwar van maatregelen, die hoe langer hoe ondoorzichtiger waren. Hierdoor zijn meer slachtoffers dan nodig gevallen. Ook in de economie. We kennen de uitspraak “regeren is vooruitzien”. Maar niet alleen in België blijkt het beleid hierin gefaald te hebben. Een evidentie in een land waar er géén regering is. Ook diverse andere landen stapelden de foute benaderingen op elkaar. Sommigen slaagden er zelf in de werkelijkheid (lange tijd) te negeren (Rusland, VS-federaal-, Brazilië,…).

Maar goed, we gingen onze eigen modelportefeuilles evalueren. Zijn ze nu gebuisd? Of zijn we milder en krijgen ze een deliberatiecijfer? Lees vooral verder.

Wat zijn onze referentiepunten?

Minimumdoel op jaarbasis: een rendement van minstens 4 % halen.

Het ziet er niet naar uit – hoewel het ook niet definitief uitgesloten is – dat we dit doel dit jaar voor de meeste portefeuilles zullen halen. Geen enkele portefeuille kleurt per 01/07/2020 groen. Er zou dus een redelijke serieuze klim moeten plaatsvinden om ons doel te halen. Gezien de koersen vooruitgelopen zijn op de realiteit en niet afgewacht hebben wat de cijfers van het 2e kwartaal voor de meeste bedrijven zouden blootleggen, verwachten we geen wonderen.

Indexen verslaan dan maar?
Waar het niet VOLLEDIG LUKTE.

De ambitie van actieve beleggingsfondsen is het verslaan van referentie-indexen. Het verslaan van de indexen is in feite een basisvoorwaarde om de hogere beheerskosten in vergelijking met passieve beleggingsfondsen te verantwoorden.

Meten = weten.

Omdat onze portefeuilles opgebouwd zijn uit diverse fondsen, kunnen we in feite geen globale referentie-index per portefeuille naar voor schuiven. Om die reden vergelijken we met enkele algemene indexen:

  • Alle 24 modelportefeuilles scoren een hoger rendement (de echte betekenis is tot heden echter “verliezen minder”) dan een gespreide belegging in de Bel 20, de Eurostoxx50 of de Dow Jones Sustainable Europe -index.
  • 1 van de 24 modelportefeuilles scoort nipt slechter dan een gespreide belegging in MSCI All Countries-index. Het is de defensieve portefeuille met inleg van € 10.000. Deze staat per 01/07 op een YTD-verlies van -7,55 % . De hoofdreden hierbij is een onroerend goed-fonds dat slechts 8 % van de totale portefeuille uitmaakt. Maar ze is wel verantwoordelijk voor 1,80 % van het totale verlies.
  • 5 van de 24 modelportefeuilles scoren beter dan de MSCI All Countries-index, maar slechter dan de Dow Jones Sustainable Word-index:
    • De gebalanceerde portefeuille met inleg van € 10.000. Deze klokt momenteel af op een YTD-verlies van – 7,01 %. Hetzelfde onroerend goed-fonds als hierboven is terug de schuldige.
    • De dynamische portefeuille met inleg van € 10.000. Deze staat na de eerste jaarhelft op een verlies van – 7,12 %. Ook in deze portefeuille was het onroerend goed fonds opgenomen. En veroorzaakte het de grootste krater.
    • Ook de 3 portefeuilles met een inleg van € 15.000 staan relatief zwaar in de min. De defensieve versie staat momenteel op – 4,98%, de gebalanceerde versie op – 4,75 % en de dynamische versie tenslotte op -5,14 %. De hoofdschuldige is hier terug dit onroerend goed-fonds, dat met een kleine participatie (2 x 5 % en 1 x 8 %) voor een verlies tekent van 2 x 1,13% en 1 x 1,80 %.
Waar het wel lukte.

18 modelportefeuilles scoren beter dan de 5 indexen. Hieruit kan je besluiten dat gespreid beleggen in duurzame fondsen toch wel een valabele weg is om te beleggen. Natuurlijk, je geld op een spaarrekening houden deed het in deze pandemieperiode nog beter.

De defensieve portefeuilles:
    • Bij de overblijvende defensieve fondsen is het slechtste resultaat bekomen in de portefeuille met inleg van € 30.000. Het YTD-rendement einde semester lag daar op – 3,41 %. De diepste kloof werd daar geslagen door een gemengd fonds dat in Europa belegd (vertegenwoordigd gewicht van 26 % in die portefeuille) en door een aandelenfonds dat eveneens in Europa belegd (gewicht 16 %). De 2 aandelenfondsen die wereldwijd beleggen (samen 33 %) hebben beiden zelfs een positief rendement.
    • Het defensief fonds met het beste resultaat is dit voor een portefeuille met inleg van € 60.000. Het verlies is daar beperkt tot – 2,88 % en wordt voornamelijk veroorzaakt door het reeds vermeldde onroerend goed-fonds (met een gewicht van 9 % goed voor verlies van – 2,03 %).  3 duurzame aandelenfondsen, die wereldwijd beleggen halen hier ook reeds een positief rendement.
De gebalanceerde portefeuilles:
    • Bij de resterende gebalanceerde portefeuilles heeft deze met inleg van € 60.000 het minst gepresteerd. Ze tekent momenteel een verlies op van -3,28 %.  Op Europa gerichte aandelenfondsen met een totaal gewicht van 18 % van de portefeuille zijn hier verantwoordelijk voor een verlies van -1,91%).
    • De gebalanceerde portefeuille die het beste resultaat neerzette is deze met een maandelijkse inleg van € 500. Daar is het resultaat momenteel – 1,89 % sinds begin 2020. Een gemengd op Europa gericht fonds (15 % van de portefeuille) staat hier in voor een verlies van – 1,44 %, terwijl een aandelenfonds dat wereldwijd belegd (16 % van de portefeuille) bijdraagt met een winst van 1 %.
De dynamische portefeuilles:
    • Hier zijn het 2 versies van de portefeuille die het slechtste resultaat neerzetten. De modelportefeuille met een maandelijkse inleg van € 100 en deze met een eenmalige inleg van € 3.000. Beiden staan momenteel op een YTD-rendement van  – 2,50 % .Het reeds genoemde Europese gemengd fonds (15 % van de portefeuille) draagt 1,44 % bij in dit verlies, maar een wereldwijd aandelenfonds (22 % van de portefeuille) zorgt  ook nog eens voor een waardevermindering van 1,47 %. Gelukkig is er ook een wereldwijd aandelenfonds aanwezig dat reeds winstcijfers optekent.
    • De beste van de 24 modelportefeuilles is per 30/06 de dynamische portefeuille met een inleg van € 30.000. Het verlies is daar voorlopig sinds het jaarbegin binnen de perken gebleven (-0,85 %). Het zwaarste verlies wordt daar momenteel veroorzaakt dooreen aandelenfonds dat op Europa gericht is (20 % van de portefeuille en verantwoordelijk voor verlies van – 2,11 %). Gelukkig is er een wereldwijd beleggend aandelenfonds in deze portefeuille aanwezig dat de zaak weer rechttrekt. Met een gewicht van 25 % in de portefeuille tekent het voor 3 % winst in de portefeuille.

Rendement versus objectiveringsscore

Het doel van onze objectiveringsscore: zelfbedrog tegengaan

Met onze objectiveringsscore proberen we diverse elementen van een fonds te wegen. Niet alleen de duurzaamheid van het fonds, ook het rendement en de kostenstructuur. Idealiter zou een hoge objectiveringsscore voor de portefeuille zich ook moeten vertalen in een beter rendement van de portefeuille.

De 5 modelportefeuilles met hoogste objectiveringsscores.

Omdat perfectie niet bestaat en je door spreiding automatisch een lager cijfer behaald dan dit van je topfonds, zijn er slechts 5 portefeuilles die in onze objectiveringsscore meer dan 6 op 10 haalden.

Hoe scoorden deze portefeuilles op de factor behaald rendement?

  • de portefeuille met de hoogste objectiveringsscore (6,99) haalde ook het hoogste rendement
  • de portefeuille met de 2e hoogste objectiveringsscore (6,84) haalde de 6e plaats op basis van rendement
  • de portefeuille met de 3e hoogste objectiveringsscore (6,53) haalde de 12 plaats op basis van rendement
  • de 2 portefeuilles met de 4e hoogste objectiveringsscore (6,10) haalde de 17e plaats op basis van rendement
  • de portefeuille met de 5e hoogste objectiveringsscore (6,05) behaalde de 11e plaats op basis van rendement
De 5 modelportefeuilles met laagste objectiveringsscores.
  • de portefeuille met de laagste objectiveringsscore (4,56) haalde de 23e plaats op basis van rendement
  • de 2 portefeuilles met de 2e laagste objectiveringsscore (4,95) haalde een 7e plaats binnen op basis van rendement
  • de 2 portefeuilles met de 3e laagste objectiveringsscore (5,16) haalden de 22e en 24e plaats op basis van rendement
  • de portefeuille met de 4e laagste objectiveringsscore (5,44) haalde de 5e plaats binnen op basis van rendement
  •  de portefeuille met de 5e laagste objectiveringsscore (5,48) haalde de  2e plaats binnen op basis van rendement

Besluit: Er lijkt een correlatie te zijn tussen objectiveringsscore en rendement, maar deze is niet absoluut. Er zijn zelfs enkele tegenindicaties.  Echter, gezien we hier maar terugkijken op een korte periode (6 maand), waarin dan ook nog een onvoorziene catastrofe plaatsvond, moeten we oppassen met interpreteren.

Conclusie

  1. In absolute cijfers zien de prestaties van onze modelportefeuilles er niet goed uit.  Een rendement onder nul is een reden tot een fikse buis.

    zijn onze modelportefeuilles 2020 gebuisd of niet?
    De cijfers zijn niet positief. Maar dat ze diverse indexen kloppen is een troost. Het toont aan dat gespreid duurzaam beleggen een zinvolle strategie is.
  2. In vergelijking met enkele referentie-indexen scoren ze wel goede punten. Zullen we dan toch maar delibereren?
  3. De keuze om in eerder defensieve portefeuilles ook een vastgoedfonds in te schuiven is op heden een vergissing gebleken.
  4. De beursklim na de instorting van maart situeerde zich vooral buiten Europa (VS, …). De keuze voor enkele Europese beleggingsfondsen blijkt niet de gelukkigste te zijn.
  5. In dit alles moet in het achterhoofd gehouden worden dat we hier evalueren op erg korte termijn. Beleggen moet toch gezien worden als een lange termijngebeuren. Anders is het eerder speculeren. Op lange termijn kunnen de conclusies die hier gemaakt worden hun geldigheid verliezen. Om die reden is de keuze voor spreiding in de portefeuilleopbouw nu niet opportuun gebleken. Maar daarom verliest deze haar geldigheid niet.

Door Patrick

Belgisch verzekeringsmakelaar (voordien sociaal-assistant en bankagent) bij wie -door de financiële crisis van 2008 én de gevolgen voor overheden, banken en burgers- volgende inzichten rijpten:
1. Uitsluitend 'sparen' is organiseren van uw eigen verarming. Dit door de combinatie van inflatie & ultra-lage rentes.
2. 'Beleggen' is nodig om nog enig rendement te behalen.
3. Dit kan ook zonder mens, maatschappij en milieu te schaden.
Ik doe dit via beleggingsverzekeringen (Tak 23). In de blogberichten licht ik mijn zoekproces én mijn inzichten in de wereld van duurzaam beleggen toe.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.